bold = Main text
Par. grey = Comment text
1 1 | uniformen hingen aan flarden en ze trokken zonder vlag,
2 1 | liepen slechts uit gewoonte en vielen doodmoe neer zodra
3 1 | het schrikken te brengen en overal voor te porren, klaar
4 1 | uiteenlopende infanteristen; en soms de glimmende helm van
5 2 | kwamen op hun beurt voorbij, en gedroegen zich als bandieten.~
6 3 | bedolven onder wapens, flanel en biezen, spraken met galmende
7 3 | hadden het over krijgskunst en deden alsof zij als enigen
8 3 | het uiterst, plunderaars en losbollen.~
9 5 | eigen wachtposten neerschoot en gevechtsklaar stond zodra
10 6 | Pont-Audemer via Saint-Sever en Bourg-Achard. Helemaal achteraan
11 6 | gewend was te overwinnen en ondanks zijn legendarische
12 7 | doodsbenauwd dat hun braadspitten en hun grote keukenmessen voor
13 10 | op de wegen naar Darnetal en Boisguillaume verschenen.
14 11 | langs de huizen die dood en verlaten leken, terwijl
15 11 | meesters van stad, lotgevallen en levens. De inwoners leden
16 11 | waartegen alle wijsheid en alle macht niet zijn opgewassen.
17 11 | wat de wetten van mensen en van de natuur beschermden,
18 11 | willekeur van een onbewuste en wrede meedogenloosheid.
19 11 | boeren met kadavers van ossen en van de daken gerukte balken
20 11 | in de naam van de Sabel en een God dankt met kanongebulder,
21 11 | bescherming van de hemel en de redelijkheid van de mensen.~
22 13 | Hij was soms goed opgevoed en beklaagde uit beleefdheid
23 13 | dankbaar voor dat gevoel, en verder konden ze ooit op
24 13 | te onderhouden krijgen. En waarom iemand kwetsen van
25 14 | En roekeloosheid is geen tekortkoming
26 15 | werd volgaarne gekletst en de Duitser bleef zich elke
27 16 | de Pruisische militairen. En overigens leken de officieren
28 17 | de lucht, iets subtiels en onbekends, een vreemde,
29 17 | invasie. Die vulde de woningen en de openbare ruimte, veranderde
30 17 | ver weg, bij barbaarse en gevaarlijke stammen.~
31 19 | Toch haalden schippers en vissers tot een mijl of
32 19 | vage wraakoefeningen, wild en legitiem, onbekende heldendaden,
33 19 | gevechten bij daglicht, en zonder de weerklank van
34 21 | begaan, werd er moed gevat en deed de noodzaak van negotie
35 21 | Franse leger werd bezet en zij wilden proberen die
36 22 | die ze hadden leren kennen en een uitreisvergunning werd
37 23 | voor die reis gecharterd en lieten tien mensen zich
38 24 | had vorst de grond verhard en maandag tegen een uur of
39 24 | ononderbroken de hele avond en de hele nacht viel.~
40 26 | waren nog helemaal slaperig en stonden onder hun reisdekens
41 26 | het donker moeilijk zien en de grote hoeveelheid zware
42 29 | En ik ook.'~
43 30 | komen niet terug in Rouaan en als de Pruisen Le Havre
44 31 | allemaal dezelfde plannen en waren dan ook uit hetzelfde
45 32 | stalknecht, verscheen af en toe uit een donkere deuropening
46 32 | mest tussen het strooisel, en een mannenstem die tegen
47 32 | die tegen de dieren sprak en vloekte, kon achter in het
48 32 | werd al snel een helder en aanhoudend geruis, geritmeerd
49 33 | ze bleven dus roerloos en verstijfd staan. Een ononderbroken
50 33 | met een schuim van ijs, en je hoorde niets meer in
51 33 | dan dat vage, onbestemde en deinende geknister van vallende
52 34 | reeds wit van de sneeuw, en zei: `Waarom stapt u niet
53 35 | natuurlijk niet aan gedacht en haastten zich het te doen.
54 35 | installeerden hun vrouwen achterin en stapten vervolgens zelf
55 36 | ontstaken hun apparaten en een poosje somden ze met
56 39 | gleden uit, hijgden, dampten, en de enorme zweep van de koetsier
57 39 | kanten uit, kwam in de knoop en ontrolde zich als een ragfijne
58 40 | sijpelde door de grote donkere en zware wolken die het witte
59 42 | tegenover elkaar de heer en mevrouw Loiseau te dommelen,
60 42 | te dommelen, wijnkooplui en gros uit de Rue Grand-Pont.~
61 43 | had de voorraad gekocht en er fortuin mee gemaakt.
62 43 | winkeltjes op het platteland en stond onder zijn kennissen
63 43 | stond onder zijn kennissen en vrienden bekend als een
64 43 | een echte Normandiër, een en al list en vrolijkheid.~
65 43 | Normandiër, een en al list en vrolijkheid.~
66 44 | Tournel, schrijver van fabels en liedjes, een scherpe en
67 44 | en liedjes, een scherpe en verfijnde geest, een lokale
68 44 | vervolgens die van de stad, en had een maand lang alle
69 45 | velerlei aard, zijn goede en slechte geintjes, en niemand
70 45 | goede en slechte geintjes, en niemand kon hem zijn naam
71 47 | vastberaden, met een hoge stem en een grote besluitvaardigheid,
72 47 | besluitvaardigheid, vormde de orde en de regelmaat in het handelshuis
73 48 | officier in het Legioen van Eer en lid van de departementsraad.
74 48 | dan haar echtgenoot, was en bleef de troost van officieren
75 49 | weggedoken in haar bont, en bekeek met een teleurgestelde
76 50 | Haar buren, graaf en gravin Hubert de Bréville,
77 50 | droegen een van de oudste en nobelste namen van Normandië.
78 50 | wier man om dat feit graaf en gouverneur in de provincie
79 51 | gravin deftig genoeg deed en beter ontving dan wie ook,
80 51(2)| vertegenwoordigden de gegoede burgerij en steunden Lodewijk Filips
81 51 | welwillend tegenover haar en werd haar salon de eerste
82 51 | hoffelijkheid nog werd betracht en waartoe het niet gemakkelijk
83 53 | van de bemiddelde, gezeten en machtige samenleving, nette
84 53 | met gezag, die een religie en principes hebben.~
85 54 | vrouwen op dezelfde bank, en de gravin had naast zich
86 54 | lange rozenkransen afwerkten en daarbij onzevaders en weesgegroetjes
87 54 | afwerkten en daarbij onzevaders en weesgegroetjes mompelden.
88 54 | heel spichtig, had een leuk en ziekelijk kopje boven een
89 54 | allesverzengende geloof dat martelaren en verlichten voortbrengt.~
90 55 | beide nonnen trokken een man en een vrouw aller blikken.~
91 56 | Hij had met zijn broers en vrienden een aardig fortuin
92 56 | een oude suikerbakker, en hij zat vol ongeduld te
93 56 | geschikte vent, ongevaarlijk en gedienstig, en had hij zich
94 56 | ongevaarlijk en gedienstig, en had hij zich met onvergelijkelijke
95 56 | alle wegen laten aanleggen, en toen de vijand naderde had
96 57 | was ze toch aantrekkelijk en geliefd, zo aangenaam fris
97 57 | een schaduw over wierpen en verder naar beneden een
98 59 | nette vrouwen te mompelen en de woorden `prostituee', `
99 59 | haar buren zo'n uitdagende en brutale blik toe dat er
100 61 | En ook de drie heren, met een
101 61 | zou zijn van gestolen vee en verloren oogst, met de zelfverzekerdheid
102 63 | in Tôtes gegeten worden en ze wanhoopten er thans aan
103 63 | een sneeuwhoop wegzakte en het twee uur kostte om haar
104 64 | vertroebelde de geesten en nog geen eettent, geen kroeg
105 64 | nadering van de Pruisen en de voorbijtrekkende, uitgehongerde
106 66 | leed allang net als hij en de dwingende behoefte te
107 67 | Af en toe gaapte er een. Dan volgde
108 67 | daar direct een ander op, en ieder om beurten, volgens
109 67 | karakter, zijn levenskunst en zijn sociale status, opende
110 68 | Alle gezichten waren bleek en stonden gespannen. Loiseau
111 68 | over verspild geld ging en zelfs grapjes erover kon
112 71 | Loiseau wilde wel een slokje en toen hij de veldfles teruggaf
113 71 | dat lekker, dat verwarmt, en je vergeet de honger even.'~
114 72 | alcohol verbeterde zijn humeur en hij stelde voor te doen
115 72 | kwam dan ook geen antwoord en alleen Cornudet glimlachte.
116 72 | hun rozenkrans te prevelen en bleven met de handen in
117 73 | Reuzelpotje zich plotseling en trok onder haar bank een
118 74 | opgesneden in hun aspic lagen, en in de mand waren nog andere
119 74 | nam een kippenvleugeltje en begon het keurig op te peuzelen,
120 75 | haar timbaaltje, haar mand en haar proviand.~
121 77 | Ze keek naar hem op en zei: `Wilt u ook wat, meneer?
122 78 | Hij keek eens om zich heen en voegde eraan toe: `Op dit
123 79 | broek niet te bevlekken, en met de punt van een mes,
124 79 | trok die met de tanden stuk en kauwde er met zo overduidelijke
125 80 | Reuzelpotje stelde met een nederig en lief stemmetje ook de beide
126 80 | namen dat beiden direct aan en zonder op te kijken begonnen
127 80 | aanbod van zijn buurvrouw en zodoende vormden ze met
128 81 | gingen onophoudelijk open en dicht, slikten, kauwden,
129 81 | hoekje zijn uiterste best en met gedempte stem spoorde
130 81 | natuurlijk, zeker meneer', en de terrine aanreikte.~
131 83 | mensen die aan het eten waren en stikkend in de lucht van
132 83 | voedsel, ondergingen graaf en gravin De Bréville, evenals
133 83 | Bréville, evenals mijnheer en mevrouw Carré-Lamadon, die
134 83 | hoofd van de zieke ophief en tussen de lippen Reuzelpotjes
135 83 | opende de ogen, glimlachte en verklaarde met kwijnende
136 83 | glas Bordeaux te drinken en zei daarna: `Het is de honger,
137 84 | Waarop Reuzelpotje blozend en beschaamd, met blikken naar
138 84 | Heremijntijd, ik durfde de heren en dames niets aan te bieden...'~
139 85 | Loiseau nam het woord: `Wis en waarachtig, in dergelijke
140 85 | allemaal familie van elkaar en moeten we elkaar helpen.
141 86 | tot de grote verlegen hoer en met zijn deftige manieren
142 87 | Pont-l'Évêque, petit-fours en een pot vol ingelegde augurken
143 87 | pot vol ingelegde augurken en uien. Want Reuzelpotje hield
144 88 | informeler. De dames De Bréville en Carré-Lamadon, die over
145 88 | bezoedeld kunnen worden, en was charmant. Maar de grote
146 88 | bleef stug, sprak weinig en at veel.~
147 89 | heldendaden van Fransen. En al die mensen op de vlucht
148 89 | verhalen kwamen dan ook al snel en Reuzelpotje vertelde met
149 90 | had mijn huis vol proviand en ik wilde liever een paar
150 90 | helemaal beroerd van woede en ik heb de hele dag gehuild
151 90 | zwijnen met hun punthelmen, en mijn dienstbode moest me
152 90 | moeilijker te wurgen dan de rest! En ik zou hem afgemaakt hebben,
153 90 | een gelegenheid gevonden en ben ik vertrokken, vandaar
154 91 | aan de dag hadden gelegd. En Cornudet ontplooide toen
155 91 | beluisterde een goedkeurende en welwillende apostolische
156 91 | aangeplakte proclamaties en rondde af met een staaltje
157 92 | werd roder dan een kriek en stamelend van verontwaardiging
158 93 | de graaf tussenbeide kwam en niet zonder moeite de boze
159 93 | Toch voelden de gravin en de vrouw van de industrieel
160 93 | mensen jegens de republiek en die instinctieve tederheid
161 95 | zich langzaam maar zeker en de kou, voelbaarder bij
162 95 | paar keer was vervangen, en zij accepteerde dat meteen,
163 95 | De dames Carré-Lamadon en Loiseau gaven de hunne aan
164 96 | kruizen van de achterpaarden en aan beide zijden van de
165 97 | beweging tussen Reuzelpotje en Cornudet, en Loiseau, wiens
166 97 | Reuzelpotje en Cornudet, en Loiseau, wiens blik de duisternis
167 98 | gekregen om haver te eten en op adem te komen, op veertien
168 98 | reden het stadje binnen en hielden halt voor het Hôtel
169 99 | alle reizigers opschrikken, en dat was het stoten van een
170 0 | verlichtte, met open monden en grote ogen van verrassing
171 0 | grote ogen van verrassing en schrik.~
172 1 | jongeman, extreem mager en blond, in zijn uniform geregen
173 1 | eindeloos dunner werden en eindigden in een enkele
174 1 | zijn mondhoeken te rusten en verleende zijn lippen een
175 2 | Wilt u uitstijgen, damen en heren?'~
176 3 | van onderwerping. De graaf en de gravin verschenen daarna,
177 4 | Reuzelpotje en Cornudet stapten, hoewel
178 4 | gezetenals laatsten uit, ernstig en waardig in het gezicht van
179 4 | probeerde zich te beheersen en rustig te blijven, de rode
180 4 | voorbeeld te moeten geven en in zijn hele houding zijn
181 5 | betraden de grote herbergkeuken en de Duitser bekeek het gezelschap
182 5 | de namen, het signalement en het beroep van iedere reiziger
183 5 | reiziger stonden vermeld, en vergeleek de personen met
184 6 | plotseling: `Het is gut', en verdween.~
185 7 | nodig om dat klaar te maken, en terwijl twee serveersters
186 8 | had van gefluit, heesheid en zingende fluimen in zijn
187 10 | schrok op, draaide zich om en zei: `Dat ben ik.'~
188 15 | graaf kwam naar haar toe en zei: `U maakt een vergissing,
189 15 | naartoe gaan, het is vast en zeker om een formaliteit
190 16 | haar aan, bezwoeren haar, en ten slotte overtuigden ze
191 17 | De gravin pakte haar hand en zei: `En wij zijn u er dankbaar
192 17 | pakte haar hand en zei: `En wij zijn u er dankbaar voor.'~
193 18 | plaats van die gewelddadige en opvliegerige hoer en werkte
194 18 | gewelddadige en opvliegerige hoer en werkte in gedachte aan kruiperige
195 20 | horen, maar ze zei niets. En toen de graaf aandrong,
196 21 | goed, de familie Loiseau en de nonnen namen er wat van,
197 21 | anderen vroegen om wijn en Cornudet bestelde bier.
198 21 | vervolgens tussen de lamp en zijn oog hield om de kleur
199 21 | uit het oog te verliezen en zag eruit alsof hij de enige
200 21 | leven beheersten verenigde en als het ware onlosmakelijk
201 21 | onlosmakelijk verbond: pale ale en de revolutie, want het was
202 22 | De heer en mevrouw Follenvie aten beiden
203 22 | omdat ze haar geld kostten en in de tweede plaats omdat
204 23 | dingen ter tafel te brengen en haar man onderbrak haar
205 23 | haar man onderbrak haar af en toe door te zeggen: `Je
206 24 | in het minst rekening mee en vervolgde: `Ja mevrouw,
207 24 | alleen maar aardappelen en varkensvlees, en de volgende
208 24 | aardappelen en varkensvlees, en de volgende dag varkensvlees
209 24 | volgende dag varkensvlees en aardappelen. En je moet
210 24 | varkensvlees en aardappelen. En je moet niet denken dat
211 24 | alles, met uw welnemen. En als u ze uren en dagen achtereen
212 24 | welnemen. En als u ze uren en dagen achtereen zou zien
213 24 | met zijn allen in een wei, en voorwaarts, en achterwaarts,
214 24 | een wei, en voorwaarts, en achterwaarts, en draai hier
215 24 | voorwaarts, en achterwaarts, en draai hier om, en draai
216 24 | achterwaarts, en draai hier om, en draai daar om. Als ze tenminste
217 25 | Cornudet verhief zijn stem en zei: `De oorlog is een onbeschaafdheid
218 26 | oude vrouw boog het hoofd en sprak: `Ja, als je je verdedigt
219 27 | Cornudets oog begon te twinkelen en hij zei: `Bravo burgeres.'~
220 28 | welvaart die zoveel werkeloze en dus peperdure armen, zoveel
221 29 | stond van zijn plaats op en ging zachtjes met de herbergier
222 29 | grapjes van zijn buurman en hij kocht achttien ankers
223 31 | vervolgens eerst zijn oor en vervolgens zijn oog voor
224 32 | hij geritsel, keek meteen en zag Reuzelpotje, die nog
225 32 | een kandelaar in de hand en liep naar het hoge nummer
226 32 | deur aan de zijkant open en toen ze na een paar minuten
227 33 | Ze leek verontwaardigd en antwoordde: `Nee mijn beste,
228 33 | waarop je dat niet doet. En bovendien, hier zou het
229 34 | begreep er vast niets van en vroeg dus waarom. Daarop
230 34 | verhief nog meer haar stem en zei: `Waarom? Begrijp je
231 36 | sloeg zijn nachtdas om en tilde het laken op waaronder
232 37 | regelmatig gesnurk, een diep en langgerekt geluid, met trillingen
233 38 | binnenplaats, zonder paarden en zonder conducteur. Ze zochten
234 38 | naar hem op zoek te gaan en vertrokken. Ze kwamen op
235 38 | aan de overkant de kerk en aan beide kanten lage huizen
236 38 | troostte een kind dat huilde en wiegde het op zijn knieën
237 38 | poging het te kalmeren. En de dikke boerinnen wier
238 39 | hebben allemaal een vrouw en kinderen in hun vaderland
239 39 | want ze doen geen kwaad en ze werken alsof ze bij die
240 40 | die tussen overwinnaars en overwonnenen bleek te bestaan,
241 40 | bestaan, trok zich terug en sloot zich liever op in
242 42 | En die luidt?'~
243 44 | En wie heeft die opdracht gegeven?'~
244 46 | En waarom?'~
245 54 | gingen weer naar hun kamers en hielden zich bezig met van
246 54 | zich bezig met van alles en nog wat.~
247 55 | bezorgen met een fles bier en trok aan zijn pijp die bij
248 55 | aanvulling op zijn uiterlijk. En hij bleef roerloos zitten,
249 55 | dat zijn pul bekroonde. En telkens als hij had gedronken,
250 56 | cafés in de streek. De graaf en de industrieel begonnen
251 56(9)| En was dus orleanist.~
252 58 | Carré-Lamadon zijn naam en al zijn titels toevoegde.
253 59 | De dames verschenen weer en er werd wat gegeten, ondanks
254 59 | Reuzelpotje leek onwel en buitengewoon verward.~
255 61 | weer in zijn schouw zitten en vroeg om een tweede fles.~
256 62 | mannen gingen naar boven en werden binnengelaten in
257 62 | porseleinen pijp rokend en gehuld in een opzichte kamerjas,
258 64 | De graaf nam het woord en zei: `Wij willen weg, meneer.'~
259 70 | Ze bogen alledrie en trokken zich weer terug.~
260 71 | de gril van de Duitser, en de vreemdste denkbeelden
261 71 | Iedereen was in de keuken en er werd eindeloos gediscussieerd,
262 71 | rijksten schrokken het hardst en zagen zich al gedwongen
263 71 | zijn horlogeketting los en verborg die in zijn zak.
264 71 | De lamp werd ontstoken en omdat het nog twee uur duurde
265 72 | graaf schudde de kaarten en gaf. Reuzelpotje had meteen
266 72 | Reuzelpotje had meteen eenendertig en al snel stilde de betrokkenheid
267 74 | ze plotseling karmijnrood en zo verschrikkelijk kwaad
268 76 | betuigden Reuzelpotje diepe en liefderijke deernis. De
269 76 | hadden het hoofd gebogen en zeiden niets.~
270 78 | trokken zich vroeg terug en de heren organiseerden al
271 78 | toonladder, van de lage en diepe noten tot de schelle
272 79 | kandeel maar voor het vuur', en wijdde zich weer aan zijn
273 79 | het tijd om op te stappen en ging iedereen naar bed.~
274 80 | verlangen ervandoor te gaan en angst voor een dag die weer
275 84 | kleedde zich zorgvuldig aan en het gezelschapje vertrok,
276 84 | voor het vuur bleef zitten, en de zusters, die hun dagen
277 85 | heviger, beet wreed in neus en oren. Voeten werden zo pijnlijk
278 85 | iedereen meteen met ijzige ziel en beklemd hart omkeerde.~
279 89 | graaf haalde de schouders op en zei: `Overweegt u dat serieus,
280 89 | tien minuten ingehaald, en als gevangenen worden teruggevoerd,
281 92 | van geüniformeerde wesp af en hij liep met o-benen, met
282 93 | hij langs de dames kwam en keek laatdunkend de heren
283 94 | geworden tot aan haar oren en de drie getrouwde vrouwen
284 95 | veel officieren had gekend en ze dus met kennis van zaken
285 96 | avondeten duurde niet lang en iedereen ging slapen, in
286 97 | met vermoeide gezichten en geërgerd gemoed beneden.
287 98 | zag het maar eens per jaar en dacht er nooit aan. Maar
288 98 | voor het hare opbloeien en ze wilde de ceremonie per
289 99 | maar voor zich te houden en de rest te laten vertrekken.~
290 1 | dat aan de een te weigeren en aan de ander niet. Nou vraag
291 1 | koopt zijn wijn bij ons. En nu, nu wij uit de penarie
292 1 | van zijn gerief verstoken en had misschien best de voorkeur
293 1 | maar te zeggen: ``Ik wil'', en hij kon ons met zijn soldaten
294 2 | Carré-Lamadon begonnen te stralen en ze werd een beetje bleek,
295 3 | stuk ongeluk' aan handen en voeten gebonden aan de vijand
296 3 | generaties ambassadeurs en begiftigd met een diplomatiek
297 5 | elkaar, dempten hun stemmen en de discussie werd algemeen,
298 6 | waaraan niemand zich stoorde en de gedachte die zijn vrouw
299 6 | dan aan de een weigeren en de ander niet?' De zachtzinnige
300 7 | de te gebruiken listen en de bestorming bij verrassing
301 9 | dan. Ze zwegen plotseling en een zekere gêne weerhield
302 9 | van salons, vroeg haar: `En was het leuk, dat doopsel?'~
303 10 | nog: `Het is zo goed om af en toe te bidden.'~
304 11 | zijn, om haar vertrouwen en haar inschikkelijkheid voor
305 12 | voorbeelden geciteerd: Judit en Holofernes, daarna zonder
306 12 | hun armen lieten inslapen en met hem zijn luitenant en
307 12 | en met hem zijn luitenant en de slagordes van zijn huurlingen.
308 12 | wezens hadden overwonnen en die hun kuisheid hadden
309 12 | hadden opgeofferd aan wraak en aan toewijding.~
310 14 | En dat alles werd op een nette
311 14 | alles werd op een nette en ingetogen manier verteld,
312 20 | Iedereen zocht in hoeken en gaten naar nieuwe voorbeelden
313 20 | naar nieuwe voorbeelden en vond niets, toen de gravin,
314 20 | was een sterk argument, en de gravin vatte het met
315 20 | haar geloof wankelde nooit en haar geweten kende geen
316 20 | onverwachte medestandster en legde haar als het ware
317 21 | God alle wegen aanvaardt en de daad vergeeft als het
318 23 | En zo gingen ze maar door,
319 24 | En dat alles gebeurde bedekt,
320 24 | moeder-overste, over zichzelf en over haar lieve buurvrouw,
321 24 | ongelukkige, omschreef hun ziekte. En terwijl ze onderweg door
322 24 | Italië, naar Oostenrijk, en bij het verhalen van haar
323 24 | van veldslagen op te rapen en beter nog dan een commandant
324 27 | gezaaide zaad de tijd te kiemen en vrucht te dragen.~
325 28 | Reuzelpotje bij de arm en bleef met haar bij de anderen
326 31 | haar vrolijk tutoyerend: `En weet je, liefste, hij zou
327 32 | Reuzelpotje antwoordde niet en voegde zich bij het gezelschap.~
328 33 | ging ze naar haar kamer en bleef daar. De ongerustheid
329 34 | Rousset zich niet goed voelde en dat ze aan tafel konden
330 34 | liep naar de herbergier toe en vroeg zachtjes: `Is het
331 36 | opluchting aan aller borsten en een feeststemming straalde
332 38 | met een benard gezicht en opgeheven armen: `Stilte!'~
333 39 | plafond, luisterde weer en vervolgde met zijn gewone
334 41 | kwartier herhaalde hij de grap en deed dat diezelfde avond
335 41 | handelsreiziger putte. Af en toe zette hij een triest
336 41 | zette hij een triest gezicht en verzuchtte: `Arme meid!'
337 43 | twijfelachtig allooi, ze amuseerden, en kwetsten niemand, want verontwaardiging
338 43 | rest af van het milieu, en de sfeer die langzaam maar
339 44 | zelfs de vrouwen geestige en bedekte toespelingen. De
340 44 | overwintering aan de pool en de vreugde van schipbreukelingen
341 45 | glas champagne in de hand en zei: `Ik drink op onze verlossing!'~
342 46 | Iedereen ging staan en hij werd toegejuicht. De
343 48 | Cornudet had geen woord gezegd en geen vinger uitgestoken.
344 48 | zeer ernstige gedachten en trok af en toe als woest
345 48 | ernstige gedachten en trok af en toe als woest aan zijn grote
346 48 | hem plotseling op de buik en zei met dubbele tong: `U
347 49 | vernietigende blik het gezelschap en zei: `Ik zeg jullie allemaal
348 50 | stond op, liep naar de deur en herhaalde nog een keer: `
349 50 | zouden moeten schamen!' En hij verdween.~
350 51 | sloeg plotseling dubbel en herhaalde: `Ze zijn te schunnig,
351 51 | zich kostelijk. De graaf en Carré-Lamadon hadden tranen
352 54 | En, zij heeft geweigerd...'~
353 59 | En alledrie begonnen ze weer,
354 61 | En de hele nacht doorvoer het
355 61 | voeten, onhoorbaar gekraak, en ze gingen zeker pas heel
356 62 | de zes paarden doorliepen en hun leeftocht zochten in
357 63 | smoorde een pijp op de bok en alle stralende reizigers
358 65 | reisgenoten af die zich en bloc van haar afwendden,
359 65 | waardigheid zijn vrouw bij de arm en verwijderde haar van die
360 66 | al haar moed bij elkaar en sprak de vrouw van de industrieel
361 66 | Iedereen leek druk doende en ze bleven op afstand van
362 68 | koets zette zich in beweging en de reis ging verder.~
363 69 | verontwaardigd over al die buren en vernederd dat ze was gezwicht,
364 70 | tot mevrouw Carré-Lamadon en brak al snel dat penibele
365 74 | zeer onderwezen trouwens, en door en door kunstenares.
366 74 | onderwezen trouwens, en door en door kunstenares. Ze zingt
367 74 | Ze zingt allerbevalligst en tekent perfect.'~
368 75 | industrieel koutte met de graaf en te midden van het gerammel
369 75 | gerammel van de ruiten drong af en toe een woord door: `Coupon...
370 77 | gezamenlijk het kruisteken en plotseling begonnen hun
371 77 | wedstrijd bidden hielden. Af en toe kusten ze een penning,
372 77 | zich dan weer te bekruisen en hun snelle, aanhoudende
373 79 | zijn kaarten bij elkaar en zei: `Mijn maag knort.'~
374 80 | in dunne, stevige plakken en beiden begonnen te eten.~
375 81 | gravin. Ze kreeg toestemming en pakte de proviand uit die
376 82 | zakken van zijn korte jas en haalde er met de een vier
377 82 | vier hardgekookte eieren en met de ander een korst brood
378 82 | het stro onder zijn voeten en begon zonder meer de eieren
379 83 | Reuzelpotje had in de haast en de drukte van haar opstaan
380 83 | verkrampte haar aanvankelijk en ze deed de mond open om
381 84 | daarna als iets smerigs en onbruikbaars te verwerpen.
382 84 | gespannen touw dat breekt, en ze stond op het punt te
383 84 | maakten zich los uit haar ogen en rolden langzaam over haar
384 84 | Andere volgden, sneller, en stroomden als druppels water
385 84 | die van een rots sijpelen en vielen met regelmaat op
386 85 | Maar de gravin merkte het en waarschuwde haar man met
387 86 | onhoorbaar maar triomfantelijk en mompelde: `Ze beweent haar
388 88 | een goede grap is gekomen en begon de Marseillaise te
389 89 | zenuwachtig, geïrriteerd en leken op het punt te gaan
390 90 | onzer vaderen,~~Leid ons, en stuur onz' arm der wraak,~~
391 90 | stuur onz' arm der wraak,~~En gij vrijheid, die bruist
392 91 | want de sneeuw was harder. En tot Dieppe, tijdens lange
393 91 | weg, in de vallende avond, en vervolgens in de diepe duisternis
394 91 | koppigheid zijn wraakzuchtige en monotone gefluit vol, waardoor
395 91 | waardoor hij de vermoeide en geërgerde geesten dwong
396 92 | En Reuzelpotje bleef maar huilen.
397 92 | Reuzelpotje bleef maar huilen. Af en toe kwam een snik op die
|