bold = Main text
Par. grey = Comment text
1 1 | achtereen waren brokstukken van het ontredderde leger door
2 1 | Er was geen sprake meer van manschappen, slechts van
3 1 | van manschappen, slechts van losse groepjes. De mannen
4 1 | gebukt onder het gewicht van het geweer; waakzame mobiele
5 1 | paar rode broeken, flarden van een divisie die bij een
6 1 | en soms de glimmende helm van een cavalerist met zware
7 1 | moeite de lichtere mars van Jan Soldaat volgde.~
8 2 | benamingen als `de wrekers van de nederlaag', `de burgers
9 2 | nederlaag', `de burgers van het graf', `de deelgenoten
10 3 | hun blazoenen of de lengte van hun snor, bedolven onder
11 6 | door de grote ontreddering van een volk dat gewend was
12 8 | repte een inwoner, bang van die stilte, zich langs de
13 9 | De beklemming van het wachten deed ze naar
14 9 | wachten deed ze naar de komst van de vijand verlangen.~
15 10 | In de middag van de dag die volgde op het
16 10 | die volgde op het vertrek van de Franse troepen, reden
17 10 | terwijl twee andere stromen van de bezettingsmacht op de
18 10 | verschenen. De voorhoedes van de drie korpsen troffen
19 11 | oorlogsrecht' meesters van stad, lotgevallen en levens.
20 11 | als alles wat de wetten van mensen en van de natuur
21 11 | de wetten van mensen en van de natuur beschermden, overgeleverd
22 11 | overgeleverd wordt aan de willekeur van een onbewuste en wrede meedogenloosheid.
23 11 | verdronken boeren met kadavers van ossen en van de daken gerukte
24 11 | met kadavers van ossen en van de daken gerukte balken
25 11 | wegvoert, plundert in de naam van de Sabel en een God dankt
26 11 | bijgebracht in de bescherming van de hemel en de redelijkheid
27 11 | hemel en de redelijkheid van de mensen.~
28 12 | na de inval. De plicht van de overwonnenen zich beleefd
29 13 | En waarom iemand kwetsen van wie je helemaal afhankelijk
30 13 | zou niet zozeer een teken van moed alswel van roekeloosheid
31 13 | een teken van moed alswel van roekeloosheid zijn.~
32 14 | roekeloosheid is geen tekortkoming van de Rouaanse burger meer,
33 14(1) | veroverde Hendrik V na een beleg van een halfjaar de stad.~
34 16 | het wemelde in de straten van de Pruisische militairen.
35 16 | overigens leken de officieren van de blauwe huzaren, die arrogant
36 16 | leggen dan de officieren van de jagers, die het jaar
37 17 | overal hangende geur, de geur van een invasie. Die vulde de
38 17 | ruimte, veranderde de smaak van het eten, veroorzaakte de
39 18 | lijdt, onder elk stukje van zijn fortuin dat hij in
40 18 | fortuin dat hij in handen van een ander ziet overgaan.~
41 19 | de stad, bij het volgen van de loop van de rivier, in
42 19 | bij het volgen van de loop van de rivier, in de buurt van
43 19 | van de rivier, in de buurt van Croisset, Dieppedalle of
44 19 | Biessart, vaak het lijk van een Duitser uit het diepe
45 19 | ingedeukt met een steen of van een brug af in het water
46 19 | water geduwd. De modder van de rivier bedolf die vage
47 19 | en zonder de weerklank van de roem.~
48 21 | ijzeren discipline, geen van de gruweldaden hadden begaan
49 21 | begaan die ze volgens zeggen van meet af aan bij hun triomfantelijke
50 21 | gevat en deed de noodzaak van negotie zich weer voelen
51 21 | weer voelen in het hart van de kooplui uit de streek.
52 22 | Ze gebruikten de invloed van Duitse officieren die ze
53 22 | uitreisvergunning werd verkregen van de bevelvoerend generaal.~
54 25 | elkaar op de binnenplaats van het Hôtel de Normandie,
55 26 | hun reisdekens te rillen van de kou. Ze konden elkaar
56 32 | lantaarntje, in de hand van een stalknecht, verscheen
57 32 | gehoord. Een vaag gerinkel van belletjes verried dat er
58 32 | geritmeerd door de bewegingen van het dier, dat soms stilstond,
59 32 | gaand met het doffe geluid van een beslagen hoef, stampend
60 33 | Een ononderbroken gordijn van witte vlokken schitterde
61 33 | bepoederde alles met een schuim van ijs, en je hoorde niets
62 33 | meer in de grote stilte van de rustige, onder de winter
63 33 | onbestemde en deinende geknister van vallende sneeuw, eerder
64 33 | een geluid, een mengeling van lichte atomen die de ruimte
65 34 | verscheen weer, met aan het eind van een touw een triest paard
66 34 | want hij kon zich slechts van één hand bedienen omdat
67 34 | reizigers staan, reeds wit van de sneeuw, en zei: `Waarom
68 37 | met zes paarden in plaats van vier vanwege het moeilijker
69 38 | Een stem van binnen antwoordde: `Ja.'
70 39 | sneeuw, de hele kast kreunde van dof gekraak, de dieren gleden
71 39 | dampten, en de enorme zweep van de koetsier klakte onophoudelijk,
72 40 | vergeleken met een regen van katoen, vielen niet meer.
73 40 | een huisje met een muts van sneeuw.~
74 41 | in de trieste helderheid van die dageraad.~
75 43 | Loiseau, voormalig klerk van een patroon die failliet
76 44 | Zijn reputatie van ondeugd was stevig gevestigd
77 44 | heer Tournel, schrijver van fabels en liedjes, een scherpe
78 44 | doorverteld in de salons van de prefect, bereikte vervolgens
79 44 | bereikte vervolgens die van de stad, en had een maand
80 45 | bovendien bekend om zijn grappen van velerlei aard, zijn goede
81 46 | Hij was klein van gestalte, had een ronde
82 48 | katoenen stoffen, eigenaar van drie spinnerijen, officier
83 48 | officier in het Legioen van Eer en lid van de departementsraad.
84 48 | het Legioen van Eer en lid van de departementsraad. Hij
85 48 | de hele tijd aanvoerder van de welwillende oppositie
86 48 | was en bleef de troost van officieren van goeden huize,
87 48 | de troost van officieren van goeden huize, die naar Rouaan
88 49 | het erbarmelijke interieur van de koets.~
89 50 | de Bréville, droegen een van de oudste en nobelste namen
90 50 | oudste en nobelste namen van Normandië. De graaf, een
91 50 | deed zijn best met behulp van kunstgrepen in zijn kleding
92 51 | Graaf Hubert, collega van de heer Carré-Lamadon in
93 51 | departement. Het verhaal van zijn huwelijk met de dochter
94 51 | huwelijk met de dochter van een redertje uit Nantes
95 51 | zijn bemind door een zoon van Lodewijk Filips3, stond
96 51(2) | Bourbon-Orléans, koning van Frankrijk van 1830-1848.~
97 51(2) | Bourbon-Orléans, koning van Frankrijk van 1830-1848.~
98 51 | werd haar salon de eerste van de streek, de enige waarin
99 52 | Het fortuin van de Brévilles, geheel in
100 52 | naar men zei een inkomen van vijfhonderd duizend pond
101 53 | personen vulden de achterkant van de koets, de kant van de
102 53 | achterkant van de koets, de kant van de bemiddelde, gezeten en
103 54 | toegetakeld gelaat, alsof ze van vlakbij een lading hagel
104 56 | rode Cornudet, de schrik van het respectabele volk. Al
105 56 | rode baard in de bierpullen van alle democratische cafés.
106 56 | fortuin verteerd dat hij van zijn vader had geërfd, een
107 56 | beziggehouden met de organisatie van de verdediging. Hij had
108 57 | De vrouw, van het slag dat licht genoemd
109 57 | rond aan alle kanten, vet van het spek, met gezwollen
110 57 | in de knop, op het punt van ontluiken. Daarin stonden
111 60 | hervat, door de aanwezigheid van die hoer plotseling vriendinnen,
112 60 | het ware hun waardigheid van echtgenotes bundelen, want
113 61 | gemeenschappelijk instinct van conservatieven tegenover
114 61 | Graaf Hubert verhaalde van de schade die de Pruisen
115 61 | dat het gevolg zou zijn van gestolen vee en verloren
116 61 | met de zelfverzekerdheid van de grote heer, tienvoudig
117 62 | door het geld verbroederd, van de grote vrijmetselarij
118 62 | de grote vrijmetselarij van hen die bezitten, die goud
119 64 | zicht, want de nadering van de Pruisen en de voorbijtrekkende,
120 72(5) | maar de jongste op het menu van de schipbreukelingen komt
121 73 | stonden zonder een spoor van een dorp, bukte Reuzelpotje
122 74 | proviand voor een reis van drie dagen, zodat ze niet
123 74 | op te peuzelen, met een van de broodjes die ze in Normandië
124 75 | in de kaak. De minachting van de dames voor die hoer bereikte
125 77 | meneer? Het is moeilijk om van 's ochtends af niet te eten.'~
126 78 | mensen tegenkomt die je van dienst willen zijn.'~
127 79 | bevlekken, en met de punt van een mes, dat hij altijd
128 79 | poot uit, geheel glanzend van aspic, trok die met de tanden
129 79 | de koets een diepe zucht van wanhoop opsteeg.~
130 80 | weigerde evenmin het aanbod van zijn buurvrouw en zodoende
131 82 | plek die nog vochtig was van de lippen van zijn buurvrouw.~
132 82 | vochtig was van de lippen van zijn buurvrouw.~
133 83 | en stikkend in de lucht van al dat voedsel, ondergingen
134 83 | vreselijke kwelling die de naam van Tantalus heeft meegekregen.
135 83 | Plotseling slaakte de jonge vrouw van de industrieel een zucht
136 83 | een zucht waar iedereen van opkeek. Ze werd zo wit als
137 83 | kluts kwijt, tot de oudste van de zusters het hoofd van
138 83 | van de zusters het hoofd van de zieke ophief en tussen
139 85 | zijn we allemaal familie van elkaar en moeten we elkaar
140 86 | de verantwoordelijkheid van een `ja' op zich te nemen.
141 86 | met zijn deftige manieren van edelman sprak hij: `We gaan
142 87 | Ze bevatte nog een paté van vette ganzenlever, een leeuwerikenpaté,
143 87 | hield als alle vrouwen veel van rauwkost.~
144 88 | konden natuurlijk de proviand van die hoer niet opeten zonder
145 88 | vriendelijke welwillendheid van hoogadellijke dames die
146 88 | mevrouw Loiseau, met de ziel van een politieagent, bleef
147 89 | verhaalden vreselijke daden van Pruisen, heldendaden van
148 89 | van Pruisen, heldendaden van Fransen. En al die mensen
149 89 | de vlucht eerden de moed van anderen. De persoonlijke
150 89 | oprechte emotie, met die warmte van spraak die meisjes soms
151 90 | Ik werd helemaal beroerd van woede en ik heb de hele
152 90 | heb de hele dag gehuild van schaamte. O, als ik een
153 91 | Ze groeide in de achting van haar reisgenoten die niet
154 91 | lange baarden weten alles van vaderlandsliefde, zoals
155 91 | mannen in soutanes alles van godsdienst weten. Hij nam
156 91 | hoogdravendheid die hij had afgekeken van dagelijks op muren aangeplakte
157 91 | rondde af met een staaltje van welsprekendheid waarin hij
158 91 | waarin hij dat `stuk vuil van een Badinguet'7 meesterlijk
159 92 | dan een kriek en stamelend van verontwaardiging zei ze: `
160 93 | voelden de gravin en de vrouw van de industrieel zich haars
161 93 | met die onredelijke haat van nette mensen jegens de republiek
162 93 | vrouwen koesteren ten aanzien van despotische regeringen met
163 96 | een helder licht een wolk van damp boven de zwetende kruizen
164 96 | boven de zwetende kruizen van de achterpaarden en aan
165 96 | achterpaarden en aan beide zijden van de weg de sneeuw die zich
166 96 | de wisselende weerschijn van de lichten leek te ontrollen.~
167 99 | opschrikken, en dat was het stoten van een sabelschede tegen de
168 0 | conducteur met in de hand een van zijn lantaarns, die plotseling
169 0 | open monden en grote ogen van verrassing en schrik.~
170 3 | eersten, met de volgzaamheid van vrome nonnen, gewend aan
171 3 | gewend aan alle vormen van onderwerping. De graaf en
172 3 | eerder uit het oogpunt van voorzichtigheid dan van
173 3 | van voorzichtigheid dan van beleefdheid. De ander, brutaal
174 4 | en waardig in het gezicht van de vijand. De dikke hoer
175 4 | verontwaardigd door de meegaandheid van hun reisgenoten probeerde
176 4 | hele houding zijn missie van verzet voortzette, begonnen
177 4 | begonnen bij het opbreken van wegen.~
178 5 | signalement en het beroep van iedere reiziger stonden
179 8 | aan tafel, toen de baas van de herberg zelf zijn opwachting
180 8 | man, die altijd last had van gefluit, heesheid en zingende
181 8 | fluimen in zijn strottenhoofd. Van zijn vader had hij de naam
182 15 | praten, probeerde de reden van dat bevel te raden. De graaf
183 18 | gevraagd te zijn in plaats van die gewelddadige en opvliegerige
184 21 | soepterrine waaruit een geur van kool opsteeg. Ondanks die
185 21 | en de nonnen namen er wat van, uit zuinigheid. De anderen
186 21 | die dezelfde tint als die van zijn geliefde drank had
187 21 | aangenomen, te sidderen van vertedering. Hij loenste
188 22 | haar indrukken bij de komst van de Pruisen, wat ze deden,
189 24 | gestel ziet verpesten door van de vroege ochtend tot de
190 28 | attendeerde het gezond verstand van die boerin hem op de welvaart
191 29 | Maar Loiseau stond van zijn plaats op en ging zachtjes
192 29 | Zijn enorme buik sprong op van plezier bij de grapjes van
193 29 | van plezier bij de grapjes van zijn buurman en hij kocht
194 29 | achttien ankers Bordeaux van hem voor het voorjaar, als
195 31 | hij noemde: `De mysteries van de gang.'~
196 34 | Hij begreep er vast niets van en vroeg dus waarom. Daarop
197 35 | vaderlandslievende kuisheid van een slet die zich met de
198 36 | zich uitermate opgehitst van het sleutelgat, maakte een
199 36 | waaronder het stevige lijf van zijn levensgezellin rustte,
200 36 | wekte, mompelend: `Houd je van me, liefste?'~
201 38 | waarvan het dekzeil een dak van sneeuw droeg, stond eenzaam
202 38 | verderop, waste de pui van de kapper. Een derde, bebaard
203 38 | aanlengen, koffie malen. Een van hen deed zelfs de was van
204 38 | van hen deed zelfs de was van zijn gastvrouw, een sterk
205 39 | Pruisen, zeggen ze. Ze komen van verder. Ik weet niet precies
206 40 | aan tafel met de ordonnans van de officier. De graaf riep
207 47 | Daar weet ik niks van. Ga het hem maar vragen.
208 53 | wekken, behalve in geval van brand.~
209 54 | en hielden zich bezig met van alles en nog wat.~
210 55 | onder de hoge open haard van de keuken, waarin een groot
211 55 | Het was een prachtige pijp van meerschuim, heel goed ingerookt,
212 55 | zo zwart als de tanden van haar meester, maar geurig,
213 55 | blikken nu eens op de vlammen van het haardvuur, dan weer
214 55 | snor rook, met een randje van schuim eraan.~
215 56 | hadden het over de toekomst van Frankrijk. De ene geloofde
216 56(10)| West-Frankrijk grotendeels van Engelsen.~
217 57 | verbiedt morgen de koets van die reizigers te bespannen.
218 61 | verklaarde hij trots dat hij niet van plan was ooit iets met Duitsers
219 61 | was ooit iets met Duitsers van doen te hebben. Hij ging
220 62 | binnengelaten in de mooiste kamer van de herberg, waar de officier
221 62 | gedrukt in de verlaten woning van een of andere burger met
222 62 | was een prachtig voorbeeld van natuurlijke ploertigheid
223 62 | natuurlijke ploertigheid van de overwinnende militair.~
224 71 | ellende. Niemand begreep iets van de gril van de Duitser,
225 71 | begreep iets van de gril van de Duitser, en de vreemdste
226 71 | die gedachte werden ze gek van paniek. De rijksten schrokken
227 71 | goud te storten in handen van die brutale soldaat, teneinde
228 73 | Rousset vragen of ze nog niet van mening veranderd is.'~
229 75 | iedereen om het raadsel van zijn bezoek te onthullen.
230 76 | luidkeels uiting aan hun afkeer van die gemene rouwdouwer. Het
231 76 | rouwdouwer. Het was een explosie van woede, van eensgezindheid
232 76 | een explosie van woede, van eensgezindheid in verzet,
233 76 | eensgezindheid in verzet, alsof van ieder van hen een deel van
234 76 | verzet, alsof van ieder van hen een deel van het offer
235 76 | van ieder van hen een deel van het offer dat van haar werd
236 76 | een deel van het offer dat van haar werd gevergd was gevraagd.
237 78 | werd uitgenodigd, die ze van plan waren handig te ondervragen
238 78 | middelen om de weerstand van de officier te breken. Maar
239 78 | astmatische toonladder, van de lage en diepe noten tot
240 78 | tot de schelle heesheid van jonge hanen die proberen
241 79 | toen zijn vrouw, die omviel van de slaap, hem kwam halen.
242 82 | Wie zou er trouwens lucht van hebben gekregen? Ze had
243 84 | vertrok, met uitzondering van Cornudet, die liever voor
244 87 | altijd beleefd, zei dat ze van een vrouw een dergelijk
245 87 | ondernemen, waar sprake van was, het treffen slechts
246 92 | de officier aan het eind van de straat. Tegen de sneeuw
247 92 | stak zijn grote gestalte van geüniformeerde wesp af en
248 94 | soldaat, in het gezelschap van die hoer die hij zo ridderlijk
249 95 | gekend en ze dus met kennis van zaken beoordeelde, vond
250 99 | kreeg een idee. Hij was van mening de officier voor
251 0 | hem er uitgegooid. Hij was van plan iedereen vast te houden
252 1 | plebejische temperament van mevrouw Loiseau de kop op: `
253 1 | kop op: `We zijn toch niet van plan om hier van ouderdom
254 1 | toch niet van plan om hier van ouderdom te sterven. Het
255 1 | sterven. Het is toch haar vak, van die sloerie, om dat met
256 1 | Jazeker mevrouw, de koetsier van de prefectuur! Ik kan het
257 1 | is misschien al heel lang van zijn gerief verstoken en
258 1 | voorkeur gegeven aan een van ons drieën. Maar nee, hij
259 1 | stelt zich tevreden met die van iedereen is. Hij respecteert
260 2 | voelden een rillinkje. De ogen van de mooie mevrouw Carré-Lamadon
261 3 | uiterlijk, was voorstander van de list. `We moeten haar
262 5 | vreemdeling zou er niets van hebben begrepen, zoveel
263 5 | liefde met de sensualiteit van een verfijnde kok die het
264 6 | geest: `Omdat het het vak van die hoer is, waarom zou
265 7 | moesten uitvoeren. Het plan van de aanval, de te gebruiken
266 9 | weerhield ze er aanvankelijk van het woord tot haar te richten.
267 9 | rest in de dubbelhartigheid van salons, vroeg haar: `En
268 12 | aan de verbeeldingskracht van die onwetende miljonairs,
269 12 | miljonairs, waarin de inwoonsters van Rome in Capua Hannibal in
270 12 | luitenant en de slagordes van zijn huurlingen. Alle vrouwen
271 12 | passeerden de revue, die van hun lichaam een slagveld
272 13 | gesproken over die Engelse van goeden huize die expres
273 13 | te steken, op het moment van de fatale afspraak als door
274 15 | denken dat de enige rol van de vrouw in het aardse bestond
275 15 | uit een eeuwig opofferen van haar persoon, een voortdurende
276 15 | overgave aan de grillen van alles wat soldaat is.~
277 17 | nadenken. Maar in plaats van haar `mevrouw' te noemen,
278 18 | Follenvie weer, om zijn zin van de dag daarvoor te herhalen: `
279 18 | Rousset vragen of zij nog niet van mening veranderd is.'~
280 20 | bij te halen, de oudste van de zusters bevroeg over
281 20 | over grote daden uit levens van heiligen. Nu hadden er veel
282 20 | zijn begaan voor de glorie van God, of voor het welzijn
283 20 | God, of voor het welzijn van de naaste. Dat was een sterk
284 20 | of het nu kwam door een van die stilzwijgende overeenkomsten,
285 20 | bleek onverschrokken, goed van de tongriem gesneden, kras.
286 20 | kras. Die had geen last van casuïstisch gemodder, haar
287 20 | geen wroeging. Het offer van Abraham vond ze vanzelfsprekend,
288 20 | gedood als het bevel daartoe van hogerhand was gekomen. Niets
289 20 | was. De gravin profiteerde van het heilig gezag van haar
290 20 | profiteerde van het heilig gezag van haar onverwachte medestandster
291 20 | stichtelijke omschrijving van het morele postulaat `het
292 24 | slinks, discreet. Elk woord van de non met haar kap sloeg
293 24 | verontwaardigde weerstand van de courtisane. Vervolgens
294 24 | rozenkransen over de huizen van haar orde, over haar moeder-overste,
295 24 | onderweg door de grillen van die Pruis werden tegengehouden,
296 24 | Oostenrijk, en bij het verhalen van haar veldtochten bleek ze
297 24 | bleek ze plotseling een van die nonnen met een broek
298 24 | volgen, gewonden in de chaos van veldslagen op te rapen en
299 24 | gehavende gezicht, doorzeefd van talloze gaten, een toonbeeld
300 24 | talloze gaten, een toonbeeld van verwoesting door oorlogsgeweld
301 29 | behandelde haar uit de hoogte van zijn sociale status, zijn
302 29 | gevolg zouden kunnen zijn van een nederlaag van de Pruisische
303 29 | kunnen zijn van een nederlaag van de Pruisische troepen, in
304 29 | Pruisische troepen, in plaats van in te stemmen met een van
305 29 | van in te stemmen met een van de diensten die u zo vaak
306 36 | ontsnapte er een diepe zucht van opluchting aan aller borsten
307 36 | een feeststemming straalde van de gezichten. Loiseau riep
308 36 | daar tenminste een fles van in voorraad is.'~
309 37 | rake opmerkingen waren niet van de lucht.~
310 41 | raad die hij uit zijn geest van handelsreiziger putte. Af
311 41 | kaken: `Pas op, jij schooier van een Pruis!'~
312 43 | Al waren die grappen van twijfelachtig allooi, ze
313 43 | hangt net als de rest af van het milieu, en de sfeer
314 43 | was ontstaan stond stijf van de onbetamelijke gedachten.~
315 44 | uitspattingen zijn schone schijn van ernst bewaarde, vond een
316 44 | vergelijking over het einde van een overwintering aan de
317 44 | aan de pool en de vreugde van schipbreukelingen die een
318 48 | dubbele tong: `U bent niet van de partij vanavond. Valt
319 51 | vertelde hij ze de `geheimen van de gang'. Daarop volgde
320 51 | hadden tranen in de ogen van het lachen. Ze konden het
321 60 | haar man op, dat `die del' van een jongedame Carré-Lamadon
322 61 | nacht doorvoer het duister van de gang een soort van deining,
323 61 | duister van de gang een soort van deining, zachte geluidjes,
324 61 | als ademtochten, beroering van blote voeten, onhoorbaar
325 62 | statig tussen de benen van de zes paarden doorliepen
326 63 | snel proviand voor de rest van de reis inpakken.~
327 65 | reisgenoten af die zich en bloc van haar afwendden, alsof ze
328 65 | arm en verwijderde haar van die onzedelijke omgang.~
329 66 | elkaar en sprak de vrouw van de industrieel aan met `
330 66 | dat ze vergezeld deed gaan van een blik vol beledigde onschuld.
331 66 | en ze bleven op afstand van haar, alsof ze een infectie
332 66 | die ze het eerste gedeelte van de reis ook had ingenomen.~
333 69 | bezoedelen door de kussen van die Pruis in wiens armen
334 72 | Zeker, ze is een van mijn vriendinnen.'~
335 75 | met de graaf en te midden van het gerammel van de ruiten
336 75 | midden van het gerammel van de ruiten drong af en toe
337 76 | die het oude kaartspel van de herberg achterover had
338 81 | klaargemaakt. Dat was, in een van die lange schalen waarvan
339 81 | waarvan het deksel een haas van porselein voorstelt om aan
340 81 | dat er een haas in de vorm van paté onder ligt, zalige
341 82 | tegelijk in de grote zakken van zijn korte jas en haalde
342 83 | in de haast en de drukte van haar opstaan nergens aan
343 83 | keek geërgerd, stikkend van woede, naar al die lui die
344 84 | verdrinken in de minachting van die eerzame schoften die
345 84 | haar twee kippen, glimmend van aspic, aan haar patés, haar
346 84 | stroomden als druppels water die van een rots sijpelen en vielen
347 84 | regelmaat op de ronde welving van haar boezem. Ze bleef kaarsrecht
348 87 | bidden nadat ze de rest van hun worst in papier hadden
349 91 | tijdens lange saaie uren van de reis, dwars over de hobbels
350 91 | vervolgens in de diepe duisternis van de koets, hield hij met
351 91 | geërgerde geesten dwong het lied van voor naar achter te volgen,
|