bold = Main text
Par. grey = Comment text
1 1 | achtereen waren brokstukken van het ontredderde leger door de
2 1 | renteniers, gebukt onder het gewicht van het geweer;
3 1 | gebukt onder het gewicht van het geweer; waakzame mobiele
4 1 | gardistjes, gemakkelijk aan het schrikken te brengen en
5 2 | nederlaag', `de burgers van het graf', `de deelgenoten aan
6 3 | met galmende stem, hadden het over krijgskunst en deden
7 3 | deden alsof zij als enigen het zieltogende Frankrijk op
8 3 | galgenbrokken, vaak dapper tot het uiterst, plunderaars en
9 5 | zodra een konijntje zich in het struikgewas roerde, was
10 8 | Het leven leek stil te staan,
11 8 | gesloten, op straat was het doodstil. Soms repte een
12 9 | De beklemming van het wachten deed ze naar de
13 10 | van de dag die volgde op het vertrek van de Franse troepen,
14 10 | op hetzelfde ogenblik op het plein voor het stadhuis.
15 10 | ogenblik op het plein voor het stadhuis. Uit alle zijstraten
16 10 | alle zijstraten kwam nu het Duitse leger, het ontplooide
17 10 | kwam nu het Duitse leger, het ontplooide zijn bataljons
18 11 | mannen bespiedden, krachtens het `oorlogsrecht' meesters
19 11 | gerukte balken meevoert, of het overwinnende leger dat massaal
20 11 | rechtvaardigheid tenietdoen, al het vertrouwen dat ons wordt
21 14 | meer, zoals nog wel tijdens het heldhaftige beleg waarin
22 15 | slotte hielden ze zich voor - het ultieme argument, ontleend
23 15 | Franse wellevendheid - dat het wel degelijk gepermitteerd
24 15 | beleefd te zijn zolang ze in het openbaar maar niet vertrouwelijk
25 16 | kwamen nog amper buiten, maar het wemelde in de straten van
26 16 | officieren van de jagers, die het jaar daarvoor in dezelfde
27 17 | veranderde de smaak van het eten, veroorzaakte de indruk
28 19 | drie buiten de stad, bij het volgen van de loop van de
29 19 | Dieppedalle of Biessart, vaak het lijk van een Duitser uit
30 19 | lijk van een Duitser uit het diepe water, gezwollen in
31 19 | steen of van een brug af in het water geduwd. De modder
32 21 | negotie zich weer voelen in het hart van de kooplui uit
33 21 | aangegaan in Le Havre, dat door het Franse leger werd bezet
34 23 | een dinsdagochtend voor het ochtendgloren, te vertrekken
35 24 | zwarte wolken sneeuw uit het noorden aan, die ononderbroken
36 25 | elkaar op de binnenplaats van het Hôtel de Normandie, waar
37 26 | kou. Ze konden elkaar in het donker moeilijk zien en
38 32 | Toch werd het rijtuig niet bespannen.
39 32 | gedempt door de mest tussen het strooisel, en een mannenstem
40 32 | en vloekte, kon achter in het gebouw worden gehoord. Een
41 32 | geritmeerd door de bewegingen van het dier, dat soms stilstond,
42 32 | bewoog, gepaard gaand met het doffe geluid van een beslagen
43 33 | schitterde onophoudelijk bij het afdalen naar de aarde. Het
44 33 | het afdalen naar de aarde. Het veegde vormen weg, bepoederde
45 34 | verscheen weer, met aan het eind van een touw een triest
46 34 | graag meeging. Hij zette het tegen de disselboom, bevestigde
47 34 | een hele poos omheen om het tuig vast te zetten, want
48 34 | lantaarn vasthield. Toen hij het tweede dier ging halen,
49 35 | gedacht en haastten zich het te doen. De drie mannen
50 37 | plaats van vier vanwege het moeilijker trekken, toen
51 40 | Maar vrijwel onmerkbaar nam het daglicht toe. Die lichte
52 40 | donkere en zware wolken die het witte land nog stralender
53 43 | slechte wijn aan winkeltjes op het platteland en stond onder
54 44 | bekken in de provincie aan het lachen gebracht.~
55 47 | orde en de regelmaat in het handelshuis dat hij met
56 48 | spinnerijen, officier in het Legioen van Eer en lid van
57 48 | departementsraad. Hij was onder het keizerrijk de hele tijd
58 49 | een teleurgestelde blik het erbarmelijke interieur van
59 51 | orleanistische partij2 in het departement. Het verhaal
60 51 | partij2 in het departement. Het verhaal van zijn huwelijk
61 51(2)| steunden Lodewijk Filips uit het Huis Bourbon-Orléans, koning
62 51 | werd betracht en waartoe het niet gemakkelijk doordringen
63 52 | Het fortuin van de Brévilles,
64 54 | een lading hagel recht in het gezicht geschoten had gekregen.
65 56 | Cornudet, de schrik van het respectabele volk. Al twintig
66 56 | weigerden de loopjongens, die het nog als enigen ter plaatse
67 56 | enigen ter plaatse voor het zeggen hadden, hem te erkennen,
68 57 | De vrouw, van het slag dat licht genoemd wordt,
69 57 | aan alle kanten, vet van het spek, met gezwollen vingertjes,
70 57 | pioenroos in de knop, op het punt van ontluiken. Daarin
71 60 | geworden. Ze moesten, leek het ze, geconfronteerd met die
72 60 | schaamteloze sloerie, als het ware hun waardigheid van
73 61 | tegenover Cornudet, hadden het op een bepaalde toon over
74 61 | Pruisen hem hadden berokkend, het verlies dat het gevolg zou
75 61 | berokkend, het verlies dat het gevolg zou zijn van gestolen
76 61 | Loiseau betreft, hem was het gelukt alle landwijnen die
77 62 | verkeerden, voelden ze zich door het geld verbroederd, van de
78 63 | een sneeuwhoop wegzakte en het twee uur kostte om haar
79 67 | of zij de hand snel voor het gapende gat hield, waaruit
80 68 | verder rustig. Ze kreeg het altijd te kwaad als het
81 68 | het altijd te kwaad als het over verspild geld ging
82 72 | stelde voor te doen als op het scheepje uit het lied: de
83 72 | als op het scheepje uit het lied: de dikste reiziger
84 72 | ze ongetwijfeld de hemel het lijden opdroegen dat hij
85 72(5)| dikste, maar de jongste op het menu van de schipbreukelingen
86 74 | kippenvleugeltje en begon het keurig op te peuzelen, met
87 77 | Wilt u ook wat, meneer? Het is moeilijk om van 's ochtends
88 80 | Cornudet weigerde evenmin het aanbod van zijn buurvrouw
89 83 | omgeven door mensen die aan het eten waren en stikkend in
90 83 | de oudste van de zusters het hoofd van de zieke ophief
91 83 | drinken en zei daarna: `Het is de honger, meer niet.'~
92 85 | zijn gegaan. Loiseau nam het woord: `Wis en waarachtig,
93 88 | zich keurig gedroeg werd het al gauw informeler. De dames
94 89 | Ze hadden het natuurlijk over de oorlog.
95 90 | die Pruisen, toen kon ik het niet helpen! Ik werd helemaal
96 90 | een man was geweest had ik het wel geweten! Ik bekeek ze
97 91 | beurt met belerende stem het woord, met die hoogdravendheid
98 92 | zijn plaats willen zien. Het zou wat moois geweest zijn,
99 93 | hautaine glimlach, maar het was te voelen dat dit op
100 94 | dat ze niet groter was. Het gesprek ging nog een poosje
101 95 | haar stoofje aan waarvan het kooltje sinds die ochtend
102 98 | hadden elf uur gelopen, wat het totaal, met de twee uur
103 98 | veertien bracht. Ze reden het stadje binnen en hielden
104 98 | binnen en hielden halt voor het Hôtel du Commerce.~
105 99 | Het portier vloog open! Een
106 99 | opschrikken, en dat was het stoten van een sabelschede
107 1 | In het felle licht naast de koetsier
108 1 | blonde draad, zo dun dat je het eind ervan niet kon zien,
109 3 | Dag meneer', eerder uit het oogpunt van voorzichtigheid
110 4 | stapten, hoewel ze vlak bij het portier hadden gezetenals
111 4 | uit, ernstig en waardig in het gezicht van de vijand. De
112 4 | terwijl hij terdege besefte het voorbeeld te moeten geven
113 4 | voortzette, begonnen bij het opbreken van wegen.~
114 5 | herbergkeuken en de Duitser bekeek het gezelschap uitgebreid, nadat
115 5 | laten zien, waarin de namen, het signalement en het beroep
116 5 | namen, het signalement en het beroep van iedere reiziger
117 6 | Daarop zei hij plotseling: `Het is gut', en verdween.~
118 7(8) | Namelijk 100, het nummer dat de wc aangaf.~
119 15 | schuilen in daar naartoe gaan, het is vast en zeker om een
120 15 | formaliteit die ze over het hoofd hebben gezien.'~
121 18 | tafel gaan. Iedereen zat het dwars niet gevraagd te zijn
122 18 | kruiperige formuleringen voor het geval ze op hun beurt zouden
123 20 | verdrongen zich allemaal om het te horen, maar ze zei niets.
124 20 | gaat u niet aan, ik kan het niet vertellen.'~
125 21 | Ondanks die schrik was het een vrolijk souper. De cider
126 21 | om de fles te ontkurken, het nat te laten schuimen, het
127 21 | het nat te laten schuimen, het te bekijken waarbij hij
128 21 | te bekijken waarbij hij het glas scheef hield, dat hij
129 21 | loenste om zijn pul niet uit het oog te verliezen en zag
130 21 | waarvoor hij geboren was. Het leek wel of hij in de geest
131 21 | beheersten verenigde en als het ware onlosmakelijk verbond:
132 21 | ale en de revolutie, want het was duidelijk dat hij niet
133 21 | was duidelijk dat hij niet het een kon proeven zonder aan
134 21 | een kon proeven zonder aan het ander te denken.~
135 22 | Follenvie aten beiden aan het hoofdeinde. De man, reutelend
136 22 | ogenblik haar mond. Ze had het over al haar indrukken bij
137 22 | plaats omdat ze twee zoons in het leger had. Ze richtte vooral
138 22 | leger had. Ze richtte vooral het woord tot de gravin, gevleid
139 24 | Maar ze hield er niet in het minst rekening mee en vervolgde: `
140 24 | daar heeft niemand wat aan! Het arme volk moet ze ook nog
141 24 | overlast te veroorzaken? Het is toch waarachtig een schande
142 24 | mensen te vermoorden, of het nou Pruisen, Engelsen, Polen
143 24 | omdat ze de vent die er het meeste neerschiet, decoreren?
144 25 | is een heilige plicht als het vaderland moet worden verdedigd.'~
145 26 | De oude vrouw boog het hoofd en sprak: `Ja, als
146 28 | beroemde kapiteins, attendeerde het gezond verstand van die
147 29 | ankers Bordeaux van hem voor het voorjaar, als de Pruisen
148 30 | Direct na het avondeten ging iedereen
149 31 | vervolgens zijn oog voor het sleutelgat te houden, in
150 32 | in de hand en liep naar het hoge nummer achter in de
151 33 | En bovendien, hier zou het een schande zijn.'~
152 36 | uitermate opgehitst van het sleutelgat, maakte een luchtsprongetje
153 36 | zijn nachtdas om en tilde het laken op waaronder het stevige
154 36 | tilde het laken op waaronder het stevige lijf van zijn levensgezellin
155 37 | Daarna werd het hele huis stil. Maar al
156 38 | Maar de koets, waarvan het dekzeil een dak van sneeuw
157 38 | vertrokken. Ze kwamen op het plein, met aan de overkant
158 38 | kind dat huilde en wiegde het op zijn knieën in een poging
159 38 | zijn knieën in een poging het te kalmeren. En de dikke
160 38 | boerinnen wier mannen in het `oorlogsleger' zaten, gaven
161 39 | O, dat zijn geen kwaaie, het zijn geen Pruisen, zeggen
162 39 | vaderland achtergelaten. Het zit ze ook niet lekker,
163 39 | goed om die mannen rouwen, het bezorgt hun net zoveel ellende
164 39 | elkaar nou eenmaal helpen... het zijn de hoge heren die oorlog
165 40 | slotte vonden ze hem in het dorpscafé, broederlijk aan
166 47 | Daar weet ik niks van. Ga het hem maar vragen. Als ze
167 48 | Heeft hij het u zelf gezegd?'~
168 55 | stond als hijzelf, alsof ze het vaderland diende door Cornudet
169 55 | door Cornudet te dienen. Het was een prachtige pijp van
170 55 | nu eens op de vlammen van het haardvuur, dan weer op het
171 55 | het haardvuur, dan weer op het schuim dat zijn pul bekroonde.
172 56 | Loiseau ging, onder het voorwendsel de benen te
173 56 | politiek te praten. Ze hadden het over de toekomst van Frankrijk.
174 56 | Frankrijk. De ene geloofde aan het Huis Orléans9, het ander
175 56 | geloofde aan het Huis Orléans9, het ander aan een onbekende
176 56 | als iemand die weet waar het op uit zal lopen. Zijn pijp
177 57 | Toen het tien uur sloeg, verscheen
178 57 | herhalen: `De officier heeft het volgende gezegd: ``Meneer
179 57 | toestemming vertrekken. U hebt het gehoord. Laat het zo gebeuren.'''~
180 57 | U hebt het gehoord. Laat het zo gebeuren.'''~
181 64 | De graaf nam het woord en zei: `Wij willen
182 67 | Wijl ich het niet wil.'~
183 69 | Ich wil niet... zo is het... gaat u maar.'~
184 71 | paniek. De rijksten schrokken het hardst en zagen zich al
185 71 | werd ontstoken en omdat het nog twee uur duurde tot
186 71 | nog twee uur duurde tot het eten, stelde mevrouw Loiseau
187 72 | stilde de betrokkenheid bij het spel de vrees die ze door
188 74 | Pruisische stuk vuil, dat ik het nooit zal willen. Ja, u
189 75 | ondervraagd, door iedereen het vuur na aan de schenen gelegd
190 75 | gelegd door iedereen om het raadsel van zijn bezoek
191 76 | van die gemene rouwdouwer. Het was een explosie van woede,
192 76 | ieder van hen een deel van het offer dat van haar werd
193 76 | zusters, die alleen bij het eten verschenen, hadden
194 76 | eten verschenen, hadden het hoofd gebogen en zeiden
195 79 | Zet mijn kandeel maar voor het vuur', en wijdde zich weer
196 79 | krijgen, verklaarden ze het tijd om op te stappen en
197 82 | Het middageten was behoorlijk
198 82 | was gaan opzoeken om bij het ontwaken haar reisgenoten
199 82 | hun ontreddering haar aan het hart ging. Voor haar maakte
200 84 | voor een wandeling rond het dorp te maken. Iedereen
201 84 | kleedde zich zorgvuldig aan en het gezelschapje vertrok, met
202 84 | Cornudet, die liever voor het vuur bleef zitten, en de
203 87 | ondernemen, waar sprake van was, het treffen slechts in Tôtes
204 91 | De dames hadden het over kleding, maar een zekere
205 92 | verscheen de officier aan het eind van de straat. Tegen
206 94 | bejegend door die soldaat, in het gezelschap van die hoer
207 95 | Vervolgens kwam het gesprek op hem, op zijn
208 96 | over onbeduidende dingen, het stille avondeten duurde
209 98 | Yvetot werd opgevoed. Ze zag het maar eens per jaar en dacht
210 98 | aan. Maar de gedachte aan het kind dat nu gedoopt zou
211 98 | heftige tederheid voor het hare opbloeien en ze wilde
212 1 | Daarbij stak het plebejische temperament
213 1 | van ouderdom te sterven. Het is toch haar vak, van die
214 1 | te doen, ik vind dat ze het recht niet heeft dat aan
215 1 | van de prefectuur! Ik kan het weten, want hij koopt zijn
216 1 | jullie nagaan, hij heeft het voor het zeggen. Hij hoeft
217 1 | nagaan, hij heeft het voor het zeggen. Hij hoeft maar te
218 5 | de dag gelegd. Maar omdat het dunne laagje eerbaarheid
219 5 | vrouw zich pantsert slechts het oppervlak bedekt, gaven
220 5 | van een verfijnde kok die het souper voor iemand anders
221 6 | vanzelf terug, zo grappig leek het hele verhaal ze uiteindelijk.
222 6 | allen door de geest: `Omdat het het vak van die hoer is,
223 6 | door de geest: `Omdat het het vak van die hoer is, waarom
224 6 | zelfs te denken dat zij het in haar plaats hem minder
225 7 | die ze moesten uitvoeren. Het plan van de aanval, de te
226 9 | weerhield ze er aanvankelijk van het woord tot haar te richten.
227 9 | salons, vroeg haar: `En was het leuk, dat doopsel?'~
228 10 | eruitzag. Ze zei ook nog: `Het is zo goed om af en toe
229 11 | beperkten de dames tot aan het eten zich ertoe vriendelijk
230 12 | aan te pakken. Eerst ging het gesprek vaag over toewijding.
231 13 | ermee aan te steken, op het moment van de fatale afspraak
232 15 | enige rol van de vrouw in het aardse bestond uit een eeuwig
233 18 | Op het moment waarop de soep werd
234 20 | Maar bij het avondeten vertoonde de coalitie
235 20 | glorie van God, of voor het welzijn van de naaste. Dat
236 20 | argument, en de gravin vatte het met beide handen aan. Zodoende
237 20 | een geweldige steun, of het nu kwam door een van die
238 20 | gewaad aan uitmunt, of dat het gewoon kwam door gelukkige
239 20 | geweten kende geen wroeging. Het offer van Abraham vond ze
240 20 | vader én moeder gedood als het bevel daartoe van hogerhand
241 20 | De gravin profiteerde van het heilig gezag van haar onverwachte
242 20 | medestandster en legde haar als het ware een stichtelijke omschrijving
243 20 | stichtelijke omschrijving van het morele postulaat `het doel
244 20 | van het morele postulaat `het doel heiligt de middelen'
245 21 | en de daad vergeeft als het motief maar zuiver is?'~
246 24 | courtisane. Vervolgens ontspoorde het gesprek een beetje, begon
247 24 | wellicht hadden kunnen redden! Het was namelijk haar specialiteit
248 24 | naar Oostenrijk, en bij het verhalen van haar veldtochten
249 25 | meer iets, zo prachtig leek het effect.~
250 27 | Het middageten verliep rustig,
251 27 | verliep rustig, ze gaven het gisteren gezaaide zaad de
252 29 | soorten gewelddadigheden die het gevolg zouden kunnen zijn
253 31 | redenering, met gevoel. Het lukte hem `mijnheer de graaf'
254 31 | zij ze zou bewijzen, had het over erkentelijkheid. Plotseling
255 32 | niet en voegde zich bij het gezelschap.~
256 34 | Het etensuur brak aan, ze wachtten
257 34 | toe en vroeg zachtjes: `Is het voor elkaar?'~
258 37 | Mevrouw Loiseau kreeg het behoorlijk te kwaad toen
259 37 | industrieel maakte de gravin het hof. Het gesprek werd levendig,
260 37 | maakte de gravin het hof. Het gesprek werd levendig, opgewekt,
261 39 | handen, hief de ogen naar het plafond, luisterde weer
262 40 | Het duurde even voor ze het
263 40 | Het duurde even voor ze het door hadden, maar daarna
264 42 | toe te voegen, alsof hij het tegen zichzelf had: `Hopelijk
265 43 | hangt net als de rest af van het milieu, en de sfeer die
266 44 | Bij het dessert maakten zelfs de
267 44 | vallende vergelijking over het einde van een overwintering
268 44 | schipbreukelingen die een weg naar het zuiden zien opengaan.~
269 47 | situatie samen met de woorden: `Het is jammer dat we geen piano
270 49 | doch vernietigende blik het gezelschap en zei: `Ik zeg
271 51 | hadden tranen in de ogen van het lachen. Ze konden het bijna
272 51 | van het lachen. Ze konden het bijna niet geloven.~
273 52 | Hoe dat zo? Weet u het zeker? Hij wilde dus...'~
274 56 | Het is toch niet waar?'~
275 57 | Ik zweer het jullie.'~
276 58 | De graaf had het niet meer. De industrieel
277 60 | Weet je, vrouwen, als het om een uniform gaat, of
278 60 | om een uniform gaat, of het nu Frans of Pruisisch is,
279 60 | helemaal niets uitmaakt. Het is toch een schande, Here
280 61 | En de hele nacht doorvoer het duister van de gang een
281 62 | veertooi, met hun roze ogen, in het midden bevlekt door een
282 64 | Het wachten was nog slechts
283 66 | plaats in te nemen die ze het eerste gedeelte van de reis
284 75 | de graaf en te midden van het gerammel van de ruiten drong
285 76 | Loiseau, die het oude kaartspel van de herberg
286 77 | aanhing, maakten gezamenlijk het kruisteken en plotseling
287 80 | kalfsvlees uithaalde. Ze sneed het netjes in dunne, stevige
288 81 | die lange schalen waarvan het deksel een haas van porselein
289 81 | waarin witte rivieren spek het bruine vlees dooraderden,
290 82 | schaal af, gooide die in het stro onder zijn voeten en
291 84 | dat breekt, en ze stond op het punt te gaan huilen. Ze
292 85 | Maar de gravin merkte het en waarschuwde haar man
293 88 | Cornudet, die zijn eieren aan het verteren was, zijn lange
294 89 | Alle gezichten vertrokken. Het volkslied beviel zijn buren
295 89 | geïrriteerd en leken op het punt te gaan janken als
296 90 | Hij merkte het maar hield niet op. Soms
297 91 | geërgerde geesten dwong het lied van voor naar achter
298 92 | tussen twee coupletten, in het duister.~ ~ ~
|