Par.
1 1 | door de stad getrokken. Er was geen sprake meer van
2 1 | neer zodra ze stilstonden. Er waren voornamelijk dienstplichtigen
3 7 | Daarna was er een diepe rust, een geschrokken,
4 11| haar kop wordt gezet, als er geen veiligheid meer is,
5 13| schrik was weggeëbd, ontstond er een nieuwe rust. In veel
6 17| Toch hing er iets in de lucht, iets subtiels
7 21| opmars hadden begaan, werd er moed gevat en deed de noodzaak
8 23| Dus werd er een grote diligence met
9 32| van belletjes verried dat er met tuig gerommeld werd.
10 34| bevestigde de strengen, draaide er een hele poos omheen om
11 35| Ze hadden er natuurlijk niet aan gedacht
12 43| had de voorraad gekocht en er fortuin mee gemaakt. Hij
13 45| zijn naam noemen zonder er direct aan toe te voegen: `
14 57| dikke, grote wenkbrauwen die er een schaduw over wierpen
15 58| Er werd gezegd dat ze bovendien
16 59| en brutale blik toe dat er prompt een diepe stilte
17 63| ongerust te maken, want er moest in Tôtes gegeten worden
18 63| worden en ze wanhoopten er thans aan dat nog voor de
19 67| Af en toe gaapte er een. Dan volgde daar direct
20 69| de graaf, `waarom heb ik er toch niet aan gedacht wat
21 72| choqueerde de beter opgevoeden. Er kwam dan ook geen antwoord
22 74| Eerst haalde ze er een porseleinen bordje uit,
23 76| voorzorgen genomen dan wij. Er zijn toch mensen die altijd
24 79| altijd op zak had, viste hij er een poot uit, geheel glanzend
25 79| de tanden stuk en kauwde er met zo overduidelijke tevredenheid
26 82| Er ontstond wat verwarring
27 82| fles Bordeaux was ontkurkt: er was maar één kroes. Die
28 88| haar te praten. Dus werd er gekout, eerst gereserveerd,
29 90| had gesmeten. Toen kwamen er ook nog bij me wonen - de
30 97| Maar plotseling ontstond er een beweging tussen Reuzelpotje
31 7 | adem. Ze hadden nog honger. Er werd een souper besteld.
32 7 | werd een souper besteld. Er was een halfuur nodig om
33 15| Er ontstond beroering om haar
34 15| die de overhand hebben. Er kan zeker geen enkel gevaar
35 17| hand en zei: `En wij zijn u er dankbaar voor.'~
36 21| Loiseau en de nonnen namen er wat van, uit zuinigheid.
37 24| Maar ze hield er niet in het minst rekening
38 24| stampvoeten, dan zeg ik: als er mensen zijn die zoveel dingen
39 24| goed omdat ze de vent die er het meeste neerschiet, decoreren?
40 24| decoreren? Nee, ziet u, dat zal er bij mij nooit in kunnen!'~
41 25| een onbeschaafdheid als er een vreedzame buur bij wordt
42 32| stem wat verhieven, kon hij er een paar opvangen. Cornudet
43 33| antwoordde: `Nee mijn beste, er zijn ogenblikken waarop
44 34| Hij begreep er vast niets van en vroeg
45 34| je dan niet waarom? Als er Pruisen in huis zijn, misschien
46 59| dames verschenen weer en er werd wat gegeten, ondanks
47 68| Met alle respect mag ik u er misschien op wijzen, meneer,
48 71| Iedereen was in de keuken en er werd eindeloos gediscussieerd,
49 74| spreken. Ten slotte flapte ze er uit: `Zeg maar tegen dat
50 77| werd nu toch gegeten. Maar er werd weinig gesproken, veel
51 82| behoorlijk triest. Bovendien was er een soort verkoeling jegens
52 82| verrassing te bezorgen. Wat was er simpeler geweest? Wie zou
53 82| simpeler geweest? Wie zou er trouwens lucht van hebben
54 96| meer wat ze moesten doen. Er vielen zelfs wat woorden
55 98| Er werd een klok geluid. Dat
56 98| maar eens per jaar en dacht er nooit aan. Maar de gedachte
57 0 | aard wel kende, had hem er uitgegooid. Hij was van
58 0 | iedereen vast te houden zolang er aan zijn wens niet tegemoet
59 5 | verwoorden. Een vreemdeling zou er niets van hebben begrepen,
60 5 | taalkundige behoedzaamheid werd er aan de dag gelegd. Maar
61 9 | zekere gêne weerhield ze er aanvankelijk van het woord
62 12| gesprek vaag over toewijding. Er werden oude voorbeelden
63 13| Er werd zelfs in bedekte termen
64 20| behoefte voelde de religie er bij te halen, de oudste
65 20| van heiligen. Nu hadden er veel daden begaan die in
66 29| de deur in huis: `U geeft er dus de voorkeur aan ons
67 31| te hebben gehad zoals hij er in zijn land niet veel zal
68 36| hoofdknikje. Meteen ontsnapte er een diepe zucht van opluchting
69 42| Soms, als niemand er meer aan dacht, zei hij
70 44| toespelingen. De ogen straalden, er was veel gedronken. De graaf,
71 48| de partij vanavond. Valt er niets meer te zeggen, burger?'~
72 58| jullie begrijpen dat hij er vanavond niet veel aan vindt,
73 69| Aanvankelijk werd er niet gesproken. Reuzelpotje
74 77| de lange rozenkrans die er aanhing, maakten gezamenlijk
75 81| voorstelt om aan te geven dat er een haas in de vorm van
76 82| zijn korte jas en haalde er met de een vier hardgekookte
77 82| helder geel liet vallen die er sterren in leken.~
78 85| zeggen: `Wat wil je? Ik kan er niets aan doen.'~
|