Par.
1 1 | hadden lange, vieze baarden, hun uniformen hingen aan flarden
2 2 | aan de dood', kwamen op hun beurt voorbij, en gedroegen
3 3 | Hun commandanten, voormalige
4 3 | tot officier benoemd om hun blazoenen of de lengte van
5 3 | blazoenen of de lengte van hun snor, bedolven onder wapens,
6 3 | zieltogende Frankrijk op hun opschepperige schouders
7 3 | soms waren ze bang voor hun eigen soldaten, galgenbrokken,
8 7 | overwinnaars, doodsbenauwd dat hun braadspitten en hun grote
9 7 | dat hun braadspitten en hun grote keukenmessen voor
10 10| die de straatstenen onder hun harde, ritmische pas deden
11 11| levens. De inwoners leden in hun verduisterde kamers leden
12 12| overwonnenen zich beleefd jegens hun overwinnaars te gedragen,
13 16| blauwe huzaren, die arrogant hun grote moordwapens over straat
14 21| onderwierpen ze dan de stad aan hun ijzeren discipline, geen
15 21| zeggen van meet af aan bij hun triomfantelijke opmars hadden
16 26| slaperig en stonden onder hun reisdekens te rillen van
17 35| drie mannen installeerden hun vrouwen achterin en stapten
18 35| gesluierde gestalten op hun beurt de laatste plaatsen
19 36| hadden meegenomen, ontstaken hun apparaten en een poosje
20 60| schaamteloze sloerie, als het ware hun waardigheid van echtgenotes
21 62| goud laten rinkelen als ze hun hand in hun broekzak steken.~
22 62| rinkelen als ze hun hand in hun broekzak steken.~
23 72| zusters waren opgehouden hun rozenkrans te prevelen en
24 72| bleven met de handen in hun grote mouwen roerloos zitten,
25 74| kippen geheel opgesneden in hun aspic lagen, en in de mand
26 80| tafel door kranten over hun knieën uit te spreiden.~
27 81| veel bloemrijke omhaal aan hun `charmante reisgenote' of
28 90| mijn raam, die zwijnen met hun punthelmen, en mijn dienstbode
29 4 | rossige baard. Zij wilden hun waardigheid behouden, begrepen
30 4 | door de meegaandheid van hun reisgenoten probeerde zij
31 18| formuleringen voor het geval ze op hun beurt zouden worden geroepen.~
32 24| klopt, maar als je ze zo hun gestel ziet verpesten door
33 24| doen anderen dan zo erg hun best om overlast te veroorzaken?
34 26| vorsten afmaken, die dit voor hun genoegen doen?'~
35 38| oorlogsleger' zaten, gaven hun gehoorzame overwinnaars
36 39| een vrouw en kinderen in hun vaderland achtergelaten.
37 39| mannen rouwen, het bezorgt hun net zoveel ellende als ons.
38 54| vrouwen gingen weer naar hun kamers en hielden zich bezig
39 61| Cornudet mee te krijgen om hun verzoek wat kracht bij te
40 71| acceptabele leugens te vinden, hun rijkdom te verdoezelen,
41 71| vallende avond vergrootte hun vrees. De lamp werd ontstoken
42 76| gaven luidkeels uiting aan hun afkeer van die gemene rouwdouwer.
43 82| nacht, die raad brengt, had hun oordeel wat gewijzigd. Nu
44 82| officier te laten zeggen dat hun ontreddering haar aan het
45 84| zitten, en de zusters, die hun dagen in de kerk of bij
46 90| was waar, dus hielden ze hun mond.~
47 92| eigen aan militairen die hun best doen hun zorgvuldig
48 92| militairen die hun best doen hun zorgvuldig gepoetste laarzen
49 93| waardigheid hadden niet hun hoeden af te nemen, hoewel
50 5 | schoven bij elkaar, dempten hun stemmen en de discussie
51 5 | kostelijk, voelden zich in hun element, manipuleerden liefde
52 11| haar inschikkelijkheid voor hun raad te laten groeien.~
53 12| Rome in Capua Hannibal in hun armen lieten inslapen en
54 12| passeerden de revue, die van hun lichaam een slagveld hadden
55 12| overheersen, een wapen, die door hun heldhaftige liefkozingen
56 12| hadden overwonnen en die hun kuisheid hadden opgeofferd
57 24| die ongelukkige, omschreef hun ziekte. En terwijl ze onderweg
58 46| gingen zelfs zo ver dat ze hun lippen in die mousserende
59 62| duiven, zelfingenomen in hun dikke veertooi, met hun
60 62| hun dikke veertooi, met hun roze ogen, in het midden
61 62| zes paarden doorliepen en hun leeftocht zochten in de
62 77| De zusters pakten uit hun ceintuur de lange rozenkrans
63 77| kruisteken en plotseling begonnen hun lippen heftig te bewegen,
64 77| hoger tempo, waarbij ze hun vage gemompel verhaastten
65 77| dan weer te bekruisen en hun snelle, aanhoudende gemompel
66 83| deed de mond open om ze hun vet te geven met een stroom
67 87| bidden nadat ze de rest van hun worst in papier hadden gerold.~
|