Part
1 Voor| maar daarna sprong het weg over een geploegde akker, bleef
2 Voor| gevaar gespitst, besluiteloos over de te nemen weg, waarna
3 I | hoeven denken. Je loopt over de weg die je leuk vindt,
4 I | sinds de ochtend gelopen over dat korte, fijne en als
5 I | buurvrouw, die oude Engelse over wie onze gastvrouw het had
6 I | Na drie dagen wist ik over haar evenveel als mevrouw
7 I | maand kon hij er nog niet over praten zonder woest te worden
8 I | Ze zwierf de hele tijd over het platteland, zocht en
9 II | glimlachje. En ik begon weer over landschapschilderen.~
10 II | maakten een wandelingetje over het erf. Ongetwijfeld aangetrokken
11 II | borst die frisse bries die over de oceaan was komen aanzetten
12 II | komen aanzetten en die ons over de huid gleed, traag en
13 II | Vervolgens had ik het met haar over schilderkunst, zoals ik
14 II | Mijn studies kwamen op haar over als een soort schilderijen
15 II | soms begon ze te praten over God, in een poging mij te
16 II | Vast een crisis, gaat wel over. Maar het ging helemaal
17 II | Maar het ging helemaal niet over. Nu was het zo dat als ik
18 III | appelaars, en liep heen en weer over het erf, van de ene kant
19 III | We verbaasden ons er niet over en begonnen in stilte te
20 III | zou zien, en ik boog me over de rand. Vaag zag ik iets
21 III | stonden met zijn vieren over de opening gebogen, de Geniesoldaat
22 III | rand en tegenover elkaar, over de opening gebogen, begonnen
23 III | legde een staaf van vuur over de lakens en over haar handen.
24 III | van vuur over de lakens en over haar handen. Dit was het
25 III | ons zou zien, ik boog me over dat ijskoude lijk, ik nam
|