Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
maaltijd 3
maan 2
maand 2
maar 38
macht 1
mager 2
magere 2
Frequency    [«  »]
45 zo
41 me
39 mijn
38 maar
38 zijn
36 door
34 er
Guy de Maupassant
Miss Harriet

IntraText - Concordances

maar

                                            bold = Main text
   Part                                     grey = Comment text
1 Voor | alleen zijn grote oren, maar daarna sprong het weg over 2 Voor | die u is overkomen, wat u maar wilt.'~    Leon Chenal, 3 Voor | in de hand en glimlachte, maar na even nadenken werd hij 4 I | charmante, deftige dames.~    Maar wat vooral zo fijn is aan 5 I | roze bloemblaadjes, die maar op de mensen en het gras 6 I | t is allemaal verhuurd. Maar ik wil wel eens zien wat 7 I | dat vier dagen oud was, maar verrukkelijk.~    Plotseling 8 I | met die oude zonderlinge. Maar ze reageerde niet op mijn 9 I | Zij is een dissidente, maar God wil de dood van de zondaar 10 I | een akker ziet staan.~    Maar deze leek mij zo apart dat 11 I | geloven willen, meneer, maar die heeft een pad meegenomen 12 I | waarom niet. Misschien alleen maar omdat ze vreemd was, van 13 II | zee, de zee van leisteen, maar de zee van jade, groenachtig, 14 II | ingemaakt in verzuurde onschuld, maar ze had in haar hart iets 15 II | me iets te vertellen had, maar niet durfde, en ik vermaakte 16 II | en ging ervandoor.~    Maar het duurde niet lang of 17 II | hartelijke ongedwongenheid. Maar ik merkte al snel dat haar 18 II | het punt flauw te vallen. Maar langzaam zag ik haar dan 19 II | begon ze te praten.~    Maar plotseling zweeg ze midden 20 II | een vijftienjarige.~    Maar ze werd weer helemaal wild 21 II | een crisis, gaat wel over. Maar het ging helemaal niet over. 22 II | richtte, zij mij antwoordde, maar met geveinsde onverschilligheid, 23 II(3)| schilderij van Gustave Courbet, maar dan in spiegelbeeld!~ 24 III | het leek wel een spook, maar het was miss Harriet. Toen 25 III | zag, wilde ze wegvluchten. Maar ik riep haar en schreeuwde: ` 26 III | kunnen, die zich overgeven maar intussen toch nog weerstand 27 III | doen.~    Ik vond dat ik maar het beste kon vertrekken, 28 III | spoor van schrik vertoond. Maar Celeste, het dienstmeisje, 29 III | liefkozingen. Ze verdedigde zich, maar lachte toch, want ze was 30 III | gezien. We wachtten op haar, maar ze verscheen niet. Moeder 31 III | emmer had de bodem geraakt, maar was leeg weer bovengekomen. 32 III | Vaag zag ik iets wits. Maar wat was dat? Toen kwam ik 33 III | wei ontsnapt waar.'~    Maar plotseling begon ik te trillen 34 III | Ik haalde hem op, maar mijn armen waren als gebroken, 35 III | de overledene te kijken, maar ik verhinderde dat ze naar 36 III | levende wezens, zolang het maar geen mensen waren?~    En 37 III | weer mensenvlees worden. Maar wat je noemt de ziel, die 38 III | lui, en de brik kwam nog maar amper vooruit, plotseling


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License