Par.
1 2 | de boeren met hun vrouwen naar het stadje, want het was
2 2 | rustige pas, het hele lijf naar voren hellend bij elke beweging
3 6 | Dat alles rook naar stal, melk en mest, hooi
4 7 | Goderville aangekomen en liep naar het plein, toen hij een
5 7 | zadelmaker, in zijn deuropening naar hem zag staan kijken. Ze
6 7 | onenigheid met elkaar gehad naar aanleiding van een halster
7 7 | waargenomen, in de modder zoekend naar een eindje touw. Hij verborg
8 7 | hij niet vond en ging hij naar de markt, het hoofd naar
9 7 | naar de markt, het hoofd naar voren, krom van de pijn.~
10 8 | bespiedend, eindeloos op zoek naar de list bij de man en het
11 10| Zij luisterden naar de voorstellen, bleven bij
12 10| te geven, en riepen dan naar de klant, die al langzaam
13 16| onverschilligen, en ze renden naar de deur, naar de ramen,
14 16| ze renden naar de deur, naar de ramen, met de mond nog
15 17| deze ochtend, op de weg naar Beuzeville, tussen - negen
16 24| zijn met mij mee te gaan naar het gemeentehuis. Meneer
17 28| waargenomen toen u op de weg naar Beuzeville de portefeuille
18 29| De boer stond paf, keek naar de burgemeester, al bang
19 55| kon lezen, had hij het mee naar huis genomen en het aan
20 59| week daarop ging hij weer naar de markt in Goderville,
21 70| beschaamd en verontwaardigd naar huis, stikkend van woede,
|