1857-toond | tot-zwere
bold = Main text
Par. grey = Comment text
501 75 | laat vertellen. Zijn geest, tot in de grondvesten aangetast,
502 8 | meteen in de lawaaiige, trage menigte, bewogen door eindeloos
503 56 | aangevuld met de ontknoping. Hij triomfeerde.~
504 16 | Plotseling roffelde de trommel op de binnenplaats, voor
505 17 | de weg naar Beuzeville, tussen - negen en tien uur, is
506 17 | uit Manneville. Hij zal twintig frank beloning krijgen.'~
507 58 | zaten te drinken, bij het uitgaan van de kerk de zondag daarop.
508 9 | hadden er hun gevogelte uitgehaald, dat op de grond lag, bij
509 41 | of er niet een muntstukje uitgevallen was.'~
510 15 | nieuwtjes over de oogst uitgewisseld. Het weer was goed voor
511 47 | Toen hij het gemeentehuis uitkwam werd de oude man omringd,
512 71 | van eenzaamheid, de geest uitsluitend bezig met het verhaal van
513 71 | hij voorbereidde in zijn uren van eenzaamheid, de geest
514 28 | Hauchecorne,' sprak hij, 'u bent vanochtend waargenomen toen u op de
515 4 | terwijl zij de rand ervan vasthield om het harde gehos te verzachten.~
516 6 | eigen aan mensen uit de velden.~
517 75 | zoals je de soldaat die op veldtocht is geweest zijn slag laat
518 11 | verspreidden degenen die ver weg woonden zich over de
519 8 | verdwenen, kwamen terug, verbaasd, altijd met de vrees te
520 7 | naar een eindje touw. Hij verborg zijn vondst schielijk onder
521 71 | te minder geloofd nu zijn verdediging ingewikkelder en zijn argumentatie
522 70 | onrechtvaardigheid van die verdenking. ~
523 43 | leugenen om een eerlijk mens te verdraaien! Hoe kun je dat noe toch
524 18 | Vervolgens verdween de man. Ze hoorden nog één
525 8 | boeren betastten de koeien, verdwenen, kwamen terug, verbaasd,
526 15 | kruiken gele cider. Eenieder verhaalde van zijn zaken, zijn aankoop
527 45 | baas Malandain, die zijn verklaring herhaalde en bevestigde.
528 15 | zaken, zijn aankoop en zijn verkoop. Er werden nieuwtjes over
529 8 | besluiten, de blik van de verkoper bespiedend, eindeloos op
530 71 | daarbij zijn verhaal dagelijks verlengend en er telkens nieuwe beweegredenen
531 8 | Hij verloor zich meteen in de lawaaiige,
532 58 | Het leek wel alsof ze zich vermaakten door hem aan te horen. Ze
533 29 | burgemeester, al bang door het vermoeden dat op hem rustte, zonder
534 70 | Hij ging beschaamd en verontwaardigd naar huis, stikkend van
535 25 | De boer, verrast, ongerust, sloeg zijn glaasje
536 21 | gendarmerie op de drempel verscheen.~
537 9 | poten vastgebonden, met verschrikte blik en rode kam.~
538 70 | verwarring, des te meer verslagen waar hij met zijn Normandische
539 3 | kruis, om de gang ervan te versnellen. Zij hadden grote manden
540 47 | Het nieuwtje had zich al verspreid. Toen hij het gemeentehuis
541 56 | Het nieuwtje verspreidde zich in de omgeving. Baas
542 11 | angelus de middag luidde, verspreidden degenen die ver weg woonden
543 18 | hoorden nog één keer in de verte het doffe geroffel van het
544 58 | over zijn avontuur, hij vertelde het onderweg aan voorbijgangers,
545 10 | bij hun prijs, deden bits, vertrokken geen spier, of hadden plotseling
546 66 | Doch de anderen vervolgden: 'Hou toch je lèremond,
547 70 | stikkend van woede, van verwarring, des te meer verslagen waar
548 57 | als aje deur liegens een verwiet mot opvreten.'~
549 4 | vasthield om het harde gehos te verzachten.~
550 40 | ziele en mien zaligheid, dat verzeker ik je.'~
551 17 | papieren. Eenieder wordt verzocht die onmiddellijk terug te
552 45 | schelden. Op zijn eigen verzoek werd baas Hauchecorne gefouilleerd.
553 71 | plechtiger eden die hij verzon, die hij voorbereidde in
554 75 | de grondvesten aangetast, verzwakte.~
555 7 | zich beschaamd zo door zijn vijand te zijn waargenomen, in
556 17 | zwart leder, bevattende vijfhonderd frank en zakelijke papieren.
557 66 | lèremond, grootevader, de een vindt hem en den aore brengt hem
558 13 | haard, vol van een heldere vlammen, een grote warmte in de
559 13 | zalige lucht van geroosterd vlees en sap dat over de gebraden
560 3 | Sommigen voerden aan een leidsel een koe
561 26 | En hij volgde de brigadier.~
562 54 | De volgende dag tegen één uur in de
563 27 | dikke, ernstige man die in volzinnen sprak.~
564 45 | Hauchecorne gefouilleerd. Ze vonden niets op hem.~
565 7 | eindje touw. Hij verborg zijn vondst schielijk onder zijn boezeroen,
566 71 | die hij verzon, die hij voorbereidde in zijn uren van eenzaamheid,
567 58 | vertelde het onderweg aan voorbijgangers, in het café aan mensen
568 10 | Zij luisterden naar de voorstellen, bleven bij hun prijs, deden
569 5 | gillende stemmen maakten een voortdurend, ongebreideld lawaai dat
570 46 | stellen en instructies zou vragen.~
571 73 | Hij voelde het, het vrat aan hem, hij putte zich
572 4 | vrouw achter in het rijtuig vreemd door elkaar werden geschud,
573 8 | verbaasd, altijd met de vrees te worden beetgenomen, zonder
574 50 | zich, liep warm, vond het vreselijk niet geloofd te worden,
575 24 | Baas Hauchecorne, wilt u zo vriendelijk zijn met mij mee te gaan
576 22 | Hij vroeg: 'Baas Hauchecorne uit Bréauté,
577 7 | staan kijken. Ze hadden vroeger onenigheid met elkaar gehad
578 13 | haard, stemde de mensen vrolijk, deed ze het water in de
579 5 | uit de ronde borst van een vrolijke plattelander, of het langgerekte
580 4 | mannen op de bok en een vrouw achter in het rijtuig vreemd
581 46 | aan moest, hem weg, maar waarschuwde hem dat hij het parket op
582 70 | boerenslimheid in staat was te doen waarvan hij beschuldigd werd, en
583 27 | zat hem in een stoel op te wachten. Het was de plaatselijke
584 70 | onschuld leek hem als het ware onmogelijk te bewijzen,
585 50 | boos, ergerde zich, liep warm, vond het vreselijk niet
586 13 | heldere vlammen, een grote warmte in de rug van de rechterrij.
587 6 | en mest, hooi en zweet, wasemde die zure, weerzinwekkende
588 59 | De dinsdag van de week daarop ging hij weer naar
589 66 | hem en den aore brengt hem weerom. Geen hane die ter na kraait.'~
590 6 | zweet, wasemde die zure, weerzinwekkende lucht, menselijk en bestiaal,
591 32 | Op mien erewoord, ik weet daar glad niks van af.'~
592 2 | Over alle wegen rond Goderville kwamen de
593 17 | Toen hij zijn roffel had weggegeven, schreeuwde de dorpsomroeper
594 10 | de klant, die al langzaam wegliep: ''t Is awel, baas Anthime. '
595 2 | een ballon op het punt van wegvliegen waaruit een hoofd, twee
596 2 | vervormd waren door het harde werk, door het drukken op de
597 39 | Dat kunt u mij niet wijsmaken, baas Hauchecorne, dat baas
598 24 | Meneer de burgemeester zou u willen spreken.'~
599 24 | vervolgde: 'Baas Hauchecorne, wilt u zo vriendelijk zijn met
600 2 | met een borduurseltje van wit garen getooid, bollend rond
601 3 | hoofd omwikkeld met een witte hoofddoek, tegen de haren
602 40 | De boer was woest, stak zijn hand op, spoog
603 11 | verspreidden degenen die ver weg woonden zich over de herbergen.~
604 54 | baas Breton, akkerbouwer in Ymauville, de portefeuille met inhoud
605 63 | tafel zat, begon hij zijn zaak voor te leggen.~
606 12 | Bij Jourdain zat de grote zaal vol eters, evenals de grote
607 37 | hij zocht onder in zijn zak en haalde er het eindje
608 17 | bevattende vijfhonderd frank en zakelijke papieren. Eenieder wordt
609 15 | Eenieder verhaalde van zijn zaken, zijn aankoop en zijn verkoop.
610 48 | zijn protesten, keerde zijn zakken om, om te bewijzen dat hij
611 17 | Houlbrèque uit Manneville. Hij zal twintig frank beloning krijgen.'~
612 13 | kippen, duiven en bouten, een zalige lucht van geroosterd vlees
613 40 | zwere op mien ziele en mien zaligheid, dat verzeker ik je.'~
614 74 | Hij takelde zichtbaar af.~
615 53 | Hij was er de hele nacht ziek van.~
616 40 | Daar, ik zwere op mien ziele en mien zaligheid, dat verzeker
617 36 | heeft mien dat touwtje op zien rapen, kiek maar, meneer
618 23 | Hauchecorne, die aan de zijkant van de tafel zat, antwoordde: '
619 17 | met hortende stem, zijn zinnen in antimetrie scanderend: '
620 43 | hoe kun je noe toch... zo zitten leugenen om een eerlijk
621 75 | het touwtje' vertellen, zoals je de soldaat die op veldtocht
622 8 | bespiedend, eindeloos op zoek naar de list bij de man
623 7 | waargenomen, in de modder zoekend naar een eindje touw. Hij
624 58 | het uitgaan van de kerk de zondag daarop. Hij hield onbekenden
625 7 | van de grond en wilde het zorgvuldig oprollen toen hij baas Malandain,
626 57 | zei hij, 'dat is niet zozeer die bozze, dat begriepen
627 7 | liggen. Baas Hauchecorne was zuinig als een echte Normandiër,
628 6 | hooi en zweet, wasemde die zure, weerzinwekkende lucht,
629 18 | van het instrument en de zwakkere stem van de omroeper.~
630 17 | verloren een portefeuille van zwart leder, bevattende vijfhonderd
631 6 | stal, melk en mest, hooi en zweet, wasemde die zure, weerzinwekkende
632 40 | de burgemeester. Daar, ik zwere op mien ziele en mien zaligheid,
|