Par.
1 [Title]| begeleiden door mijn vriend Paul Pavilly.~ Jullie kennen
2 [Title]| Pavilly.~ Jullie kennen Paul. Voor hem bestaan de wereld
3 [Title]| betovering verleent. Alles wat Paul doet heeft slechts de vrouw
4 [Title]| gaan.2~~~ ~ Toen ik met Paul over Italië begon, weigerde
5 [Title]| vallen van de nacht.~ Paul nestelde zich in zijn hoekje
6 [Title]| vossen, paarden, ossen! Paul is een mens geworden eekhoorn.
7 [Title]| vrouw geïnstalleerd.~ Paul wierp mij een verrukte blik
8 [Title]| blik waardig gekeurd.~ Paul begon met mij te praten,
9 [Title]| Buffet!' riep de beambte.~ Paul gaf mij een teken om uit
10 [Title]| grappige, driftige manier.~ Paul vrat haar op met zijn blikken,
11 [Title]| van de bloemen.~ Maar Paul dacht niets, keek naar niets,
12 [Title]| gegaan.'~ Ik beloofde Paul al mijn kunde in te zullen
13 [Title]| geweldige zin om te lachen. Paul kende geen woord van die
14 [Title]| toestemming en ik zei tegen Paul: 'Je kunt roken.' Hij keek
15 [Title]| stak mijn sigaar op.~ Paul vervolgde: 'Is dat alles
16 [Title]| heleboel uitdrukken.'~ Paul leek volslagen ongelukkig,
17 [Title]| mijn mond maar hield.~ Paul vroeg: 'Wat heeft ze gezegd?'~ '
18 [Title]| en de plak te kraken.~ Paul zei op gedempte stem: 'Bied
19 [Title]| Wat zei ze?' vroeg Paul meteen.~ 'Ze zegt dat
20 [Title]| mijn vriend en zei: 'Arme Paul, ik geloof dat al onze moeite
21 [Title]| het eten ingeslapen. En Paul raakte in verrukking, hij
22 [Title]| Ik wendde mij tot Paul en zei: 'Ze vraagt of wij
23 [Title]| om kennis te maken.'~ Paul riep helemaal opgewonden
24 [Title]| Ik wendde mij tot Paul en zei: 'Ze kiest mij, beste
25 [Title]| wij, dwars door de stad. Paul liep in stilte, met nerveuze
26 [Title]| met die Italiaanse.'~ Paul onderbrak me en zei: 'Ja,
27 [Title]| hij antwoordt.'~ Maar Paul mompelde: 'Dank je lekker,
28 [Title]| bagagekruiers.~ Eindelijk kwam Paul terug, met een gezicht dat
29 [Title]| En ik ging naar de salon. Paul had bezit genomen van de
30 [Title]| aan tafel om te souperen. Paul had een humeur gekregen
31 [Title]| Ze stond op, geeuwde, gaf Paul een handdruk die hij woedend
32 [Title]| Toen keerde ik terug naar Paul. Zodra ik binnen was verklaarde
33 [Title]| mompelde: 'Zoals je wilt.'~ Paul zat ons in de eetkamer op
34 [Title]| slordige blik op meesterwerken. Paul ergerde zich hieraan, en
35 [Title]| ook.~ De derde dag zei Paul tegen me: 'Weet je, ik ga
36 [Title]| haar. Ik vertelde het aan Paul, open en eerlijk. Hij behandelde
37 [Title]| hielp.~ En ik bleef.~ Paul verklaarde dat hij wel alleen
38 [Title]| juli terug zijn in Parijs. Paul had zich nu zo'n beetje
39 [Title]| helemaal verbluft.~ Toen Paul mij alleen zag stamelde
40 [Title]| Avonds onder het eten sprak Paul zegevierend: 'Ze heeft je
41 [Title]| was ik alweer op. Ik wekte Paul, ik pakte mijn koffer, en
|