Par.
1 [Title]| antwoordde ik: 'Dan had je niet mee moeten gaan.'~ Hij antwoordde
2 [Title]| als wij u onderweg ergens mee van dienst kunnen zijn,
3 [Title]| daar een enorm genoegen mee doet.'~ Ze bekeek vanuit
4 [Title]| meegaat? Gaat ze met jou mee of gaat ze met mij mee?'~
5 [Title]| jou mee of gaat ze met mij mee?'~ Ik wendde mij tot
6 [Title]| zijn, mevrouw, om u met ons mee te nemen. Alleen zou mijn
7 [Title]| nodig om die lichtekooi mee te nemen? Ze bederft ons
8 [Title]| stond er echt op haar nu mee te nemen. Ik was zelfs verrukt
9 [Title]| en ik nam mijn necessaire mee.~ Ik pakte alle schoonheidsinstrumentjes
10 [Title]| beste hotel. Jij neemt haar mee. En dan doe je net alsof
11 [Title]| vooruit, neem haar dan maar mee.'~ Maar ze weigerde koppig
12 [Title]| Morgen kan ik niet met jullie mee. Ik ga mijn ouders opzoeken.'~
13 [Title]| terugweg, omdat ze toch niet mee u mee had willen gaan. En
14 [Title]| omdat ze toch niet mee u mee had willen gaan. En ze heeft
15 [Title]| hem gezegd dat jij met hem mee zou gaan om hem gezelschap
16 [Title]| ik mijn nieuwe vriendin mee naar Santa Margherita, en
17 [Title]| beschikte, nam ik Carlotta mee naar de omgeving van Genua.
|