Par.
1 [Title]| verwerpelijk begin van iets leuks wat komen moet.~ Na die inleiding
2 [Title]| verdachte bed! - Ik ben meer dan wat ook aan mijn bed gehecht.
3 [Title]| een huivering van afkeer. Wat is daar de vorige nacht
4 [Title]| vorige nacht in gebeurd? Wat voor vieze, afstotelijke
5 [Title]| er banger voor dan voor wat ook.~ Doordat ik dan
6 [Title]| betovering verleent. Alles wat Paul doet heeft slechts
7 [Title]| willen raden welke ziel, wat voor intelligentie, wat
8 [Title]| wat voor intelligentie, wat voor karakter achter die
9 [Title]| zuidelijke smaak gekleed, leek ze wat alledaags. De regelmatige
10 [Title]| erfelijk merkteken is van wat minder dik bloed.~ Ze
11 [Title]| perron stonden sprak hij: 'Wat is dat volgens jou voor
12 [Title]| hartstikke knap en jong, wat een lekker dier. En wat
13 [Title]| wat een lekker dier. En wat een ogen! Maar ze lijkt
14 [Title]| aan kunnen spreken? Maar wat moet ik dan tegen haar zeggen?
15 [Title]| jij niks? Heb jij een idee wat voor vrouw dat is?'~ '
16 [Title]| blikken, zat te bedenken wat hij moest doen om haar aandacht
17 [Title]| oranjebomen lijkt te zoeten wat je inademt, er een snoepje
18 [Title]| niet wetend of ik dat 'wat kan mij dat schelen!' voor
19 [Title]| totaal belachelijke manier: 'Wat heb je tegen haar gezegd?'~ '
20 [Title]| Geen woord.'~ 'Wat heeft ze geantwoord?'~ '
21 [Title]| vervolgde: 'Is dat alles wat ze heeft gezegd?'~ 'Beste
22 [Title]| hield.~ Paul vroeg: 'Wat heeft ze gezegd?'~ 'Ze
23 [Title]| gemakkelijk en ik wist ook niet wat ik moest bedenken, hoewel
24 [Title]| gedempte stem: 'Bied haar dan wat aan!'~ 'Dat ben ik ook
25 [Title]| willen zijn, mevrouw, ons u wat fruit te laten aanbieden?'~
26 [Title]| Wilt u mij toestaan u wat wijn aan te bieden? Ik zie
27 [Title]| Neemt u ervan mevrouw, wat ik u mag bidden. U ziet
28 [Title]| soltanto le fragole.'~ 'Wat zei ze?' vroeg Paul meteen.~ '
29 [Title]| handen, vroeg ik haar: 'En, wat kan ik u aanbieden?'~
30 [Title]| Toen besloot ze toch maar wat kersen te nemen, waarvan
31 [Title]| volslagen duister, iets wat leek op een sterrenregen.
32 [Title]| en vervelende gedachte: 'Wat moet ik nu doen?'~ En
33 [Title]| bevredigt, die zich met alles wat zij wil bezighoudt en haar
34 [Title]| bederft ons nog de reis. Wat moeten we met die vrouw
35 [Title]| die vrouw die ik weet niet wat voor noten op haar zang
36 [Title]| we? Het wordt misschien wat moeilijk om met een vrouw
37 [Title]| als een gravin. Nou ja, wat kan mij dat schelen. Je
38 [Title]| nu... ik wist niet meer wat ik nu moest.~ Twee kruiers
39 [Title]| begrijpen en dan zien we wel wat hij antwoordt.'~ Maar
40 [Title]| legde de nadruk op drie, wat hem over de streep trok.~
41 [Title]| zei: 'Dit is zo'n beetje wat u nodig hebt, ik zal u wel
42 [Title]| Ik zag in een oogopslag wat zij onder toilet maken verstond .
43 [Title]| niks schelen, u doet maar wat u wilt.'~ 'Wilt u nu
44 [Title]| ik haar weer, 'is alles wat u nodig hebt.'~ En ik
45 [Title]| zult zien dat je er nog wat aan overhoudt, beste jongen.'~
46 [Title]| geplaagd door benauwdheid. Wat moest ik gaan doen? Want
47 [Title]| Hij vervolgde: 'Doe maar wat je wilt, ik heb je gewaarschuwd.
48 [Title]| jong, stevig en fris.~ Wat is er mooier dan een slapende
49 [Title]| daar in een minuut alles wat er nog aan reukwater in
50 [Title]| flacons zat. Ze gebruikte ook wat water, dat klopt, maar weinig.~
51 [Title]| zegt, dan weet ik niet meer wat ik moet doen om je nog te
52 [Title]| genoegen. Bijvoorbeeld vandaag, wat gaan we doen?' Ze aarzelde
53 [Title]| achteloos: 'Kan me niks schelen, wat je maar wilt.'~ 'Welnu,
54 [Title]| bekentenis.~ Hij vroeg: 'En wat ge je nou doen?'~ Ik
55 [Title]| Waar kwam ze vandaan? En wat deed ze? Had ze een plan,
56 [Title]| en thans verloren. Maar wat wilde ze dan gaan doen?
57 [Title]| wilde ze dan gaan doen? Wat verwachtte ze? Want ze leek
58 [Title]| mij de huid vol schelden. Wat mij betreft, ik bedacht
59 [Title]| dan?' En ik vertelde hem wat er net gebeurd was.~
60 [Title]| vallen, beste jongen. O, wat grappig, wat grappig.'~
61 [Title]| jongen. O, wat grappig, wat grappig.'~ Ik was verbaasd,
62 [Title]| vijandige toon vroeg ze: 'Wat wilt u?'~ Ik antwoordde: '
63 [Title]| Francesca Rondoli?'~ 'Wat moet u van haar?'~ 'Ik
64 [Title]| Ach, u bent die Fransman, wat ben ik blij om u te zien!
65 [Title]| ik blij om u te zien! O wat ben ik blij! Maar, wat hebt
66 [Title]| O wat ben ik blij! Maar, wat hebt u dat arme kind een
67 [Title]| en die haar alles geeft wat ze wil. Hier, kijk maar
68 [Title]| wil. Hier, kijk maar eens wat ze me stuurt, mij, haar
69 [Title]| gelukkig meneer, heel gelukkig. Wat zal ze blij zijn als ik
70 [Title]| zitten. U wilt toch wel wat gebruiken, kom binnen.'~
71 [Title]| heel erg, maar ze was nog wat verdrietig, begrijpt u wel.
72 [Title]| meer, ze schrijft me alles wat ze doet. Hij heet Bellemin.
73 [Title]| bent u helemaal alleen? O, wat spijt het me dan dat Francesca
|