Par.
1 [Title]| altijd op zodanige wijze aan de grens al tegengehouden
2 [Title]| Ik ben meer dan wat ook aan mijn bed gehecht. Dat is
3 [Title]| matras geslapen? En ik denk aan al die vreselijke wezens
4 [Title]| rest zullen zijn. Ik denk aan hen die je een misselijkmakende
5 [Title]| je ze tegenkomt. Ik denk aan mismaakten, stinkerds, aan
6 [Title]| aan mismaakten, stinkerds, aan ziekenzweet, aan alle menselijke
7 [Title]| stinkerds, aan ziekenzweet, aan alle menselijke misvorming
8 [Title]| slapen. Het doet me zeer aan het hart als ik mijn voet
9 [Title]| bespottelijke heerschappen, aan die vreselijke voedzame
10 [Title]| vreselijke voedzame diners aan een tafeltje in het restaurant
11 [Title]| maar niet daar te blijven, aan die marmeren tafel onder
12 [Title]| vermogen~Zonder Liesje of Mien aan de hand als leeg ervaart.~~
13 [Title]| schamel heelal~Door in vlakten aan boomtakken jurken te hangen~
14 [Title]| mooie avonden van luieren aan de waterkant, in afwachting
15 [Title]| had opgeroepen.~ Tot aan Marseille gebeurde er niets
16 [Title]| alles. Zouden we haar niet aan kunnen spreken? Maar wat
17 [Title]| vervolgde: 'Waar zie je dat aan? Ik vind juist dat ze er
18 [Title]| tegen hem: 'Kom op, rustig aan. Of anders eropaf als je
19 [Title]| ik geprobeerd een gesprek aan te knopen. Doordat ik heel
20 [Title]| ingenomen vroeg ik heel beleefd aan onze buurvrouw: 'Hebt u
21 [Title]| met van die verbaasde ogen aan die je opzet als je lieden
22 [Title]| bankje uit, sneed de kip aan, legde ook plakjes ham op
23 [Title]| Toen ze zag dat wij aan het eten gingen, haalde
24 [Title]| stem: 'Bied haar dan wat aan!'~ 'Dat ben ik ook van
25 [Title]| dan overdag, en ik drong aan: 'Wilt u mij toestaan u
26 [Title]| mij toestaan u wat wijn aan te bieden? Ik zie dat u
27 [Title]| dat ze met grote happen aan stukken trok, als een ware
28 [Title]| en ook sterren begonnen aan de donkere einder te verschijnen,
29 [Title]| of hij?'~ Ze keek mij aan met haar grote zwarte ogen
30 [Title]| En dan laat je bovendien aan de baas doorschemeren dat
31 [Title]| bereiden.'~ Maar ik drong aan: 'Toe nou, beste jongen,
32 [Title]| toch niet echt moeilijk om aan de gerant drie aparte kamers
33 [Title]| hotel verdwijnen terwijl ik aan de overkant van de straat
34 [Title]| als 'che mi fa?'. Ik drong aan: 'Na een treinreis is het
35 [Title]| bijzondere situatie, als aan het eind van een onaangenaam
36 [Title]| koude kip op en kondigde aan dat het eten opgediend was.~
37 [Title]| kreeg.~ En we gingen aan tafel om te souperen. Paul
38 [Title]| zult zien dat je er nog wat aan overhoudt, beste jongen.'~
39 [Title]| waarlijk opvallend cynisme aan om met je naar bed te gaan
40 [Title]| opgekomen, ongetwijfeld aan iets aangenaams, want ze
41 [Title]| weggezeild. Een nachthemd, aan de hals geborduurd, in een
42 [Title]| slapen, daar hoefde ik niet aan te denken, want mijn kop
43 [Title]| haar gemak haar nachthemd aan, even onverschillig alsof
44 [Title]| zonder dat zij zich trouwens aan iets ter wereld leek te
45 [Title]| Ze kleedde zich vroeg aan, als vrouw die gewend is
46 [Title]| als vrouw die gewend is aan werkzaamheden van de ochtend.
47 [Title]| minuut alles wat er nog aan reukwater in de flacons
48 [Title]| bezoeken. Ik sleepte Francesca aan mijn arm van paleis tot
49 [Title]| was ik op een rare manier aan Francesca gaan hechten.
50 [Title]| getemd zijn. Ik hechtte aan dat hoertje dat ik helemaal
51 [Title]| ik helemaal niet kende, aan dat zwijgzame en altijd
52 [Title]| die heimelijke gehechtheid aan een bezitting die niet bevredigt,
53 [Title]| naar haar. Ik vertelde het aan Paul, open en eerlijk. Hij
54 [Title]| compromitterend.~ Ze liep altijd aan mijn arm en bekeek niets.
55 [Title]| meegetroond, vervolgens aan de dijk gezet, en thans
56 [Title]| eerder verleid, ten offer aan een soort zinnelijke betovering,
57 [Title]| van tuinen, gaat schuil aan de voet van een helling
58 [Title]| ver in zee uitsteekt, tot aan het dorpje Portofino. Wij
59 [Title]| ik bleef liggen, ging ze aan mijn voeteneind zitten,
60 [Title]| het wereldje een veelheid aan onderwerpen van gesprek
61 [Title]| daarvoor kwam ik in Genua aan, maar zonder onderweg een
62 [Title]| gestapt, of de herinnering aan Francesca, die trouwens
63 [Title]| weet je, je bent ten prooi aan zo'n vreemde verwarring
64 [Title]| achtervolgd door die herinnering aan Francesca, en langzaam maar
65 [Title]| zonder enige moeite en klopte aan de deur van een soort vervallen
66 [Title]| hele, dikke, kwabbige lijf. Aan de hals droeg ze een enorm
67 [Title]| enorm verguld collier en aan beide polsen prachtige armbanden
68 [Title]| vrijer had haar in Marseille aan de dijk gezet. En ze kwam
69 [Title]| wel. Nu ontbreekt het haar aan niets meer, ze schrijft
70 [Title]| blijft. Er is toch niks aan, om er alleen op uit te
71 [Title]| verbazing voor instemming aan, waarop zij zich op de binnendeur
72 [Title]| doe je blauwe jurk maar aan, en zet je bloemenhoed op,
|