15-haarz | haast-reisa | reisi-zwoel
bold = Main text
Par. grey = Comment text
501 [Title] | je bloemenhoed op, maar haast je.'~ Zodra haar dochter
502 [Title] | kwam en ging zonder zich te haasten, als verbaasd dat ze niets
503 [Title] | rozen, velden, vlakten, hagen, bossen rozen. Ze klimmen
504 [Title] | haar te ontdooien, over te halen en te veroveren.~ We
505 [Title] | bekeek haar van onder mijn half geloken oogleden.~ Ze
506 [Title] | kip aan, legde ook plakjes ham op een papiertje, en rangschikte
507 [Title] | legde een van mijn fijne handdoeken over de lampetkan en een
508 [Title] | hetzelfde. Probeer haar maar handig te ondervragen, zoek maar
509 [Title](2)| Louis Bouilhet, vertaling Hanneke Nutby.~
510 [Title] | gevogelte, dat ze met grote happen aan stukken trok, als een
511 [Title] | gedachten was, begon mij vreemd hardnekkig na te jagen.~ Kennen
512 [Title] | en stak mijn arm onder de hare door: 'Mica! Mica! Mica!
513 [Title] | nogal opgehitst: 'Ze is hartstikke knap en jong, wat een lekker
514 [Title] | zou praten, dat ze om de haverklap met overdreven gebaren zou
515 [Title] | manier aan Francesca gaan hechten. De mens is zwak en dom,
516 [Title] | geprikkeld of getemd zijn. Ik hechtte aan dat hoertje dat ik helemaal
517 [Title] | wel en wee van hun schamel heelal~Door in vlakten aan boomtakken
518 [Title] | hen verlicht. De lucht is heerlijk om in te ademen, want zij
519 [Title] | zo lieflijke oevers, de heerlijke dagen van ronddobberen in
520 [Title] | drinken. Iets zoets, iets heerlijks, iets goddelijks leek in
521 [Title] | slaapverwekkende of bespottelijke heerschappen, aan die vreselijke voedzame
522 [Title] | en van slaap. Het bed is heilig. Het moet door ons worden
523 [Title] | bed gehecht. Dat is het heiligdom van het leven. Je vertrouwt
524 [Title] | dierlijke liefdesband, die heimelijke gehechtheid aan een bezitting
525 [Title] | woorden kun je werkelijk een heleboel uitdrukken.'~ Paul leek
526 [Title] | wild, in smalle dalen, op hellingen van heuvels, de mooiste
527 [Title] | dal.~~Melodieën die uit de hemelen komen~Noch de stem der natuur
528 [Title] | plotseling razend en beet me een herhaald 'mica' toe, zo erg dat ik
529 [Title] | mij naar binnen, almaar herhalend: 'Komt u toch binnen, meneer,
530 [Title] | ik naar haar op zoek. Ik herinnerde me nog tot in de details
531 [Title] | streek gebracht. Maar toch herkreeg ik mijn zelfverzekerdheid
532 [Title] | werd gegrepen door een hernieuwde begeerte Italië te gaan
533 [Title] | mij mijn koelbloedigheid herwinnen. Hij stamelde: 'Met ons?
534 [Title] | door die stegen waarin het hevig kan tochten, door die smalle
535 [Title] | redenaties, beloftes, niets hielp.~ En ik bleef.~ Paul
536 [Title] | meesterwerken. Paul ergerde zich hieraan, en volgde ons, onaangename
537 [Title] | lucht ook maar enigszins hindert?'~ Daarop antwoordde
538 [Title] | kussen bederft. Maar ik hing de dappere jongen uit en
539 [Title] | lichtte toen enigszins de hoed en ging met zijn vijf gespreide
540 [Title] | dat mooie land gegeven. Ik hoef slechts nog de steden, de
541 [Title] | verhalen, ik vertelde hem hoezeer Italiaanse vrouwen doorgaan
542 [Title] | ik het niet begreep.~ 'Hoezo, met ons? Hoe bedoelt u?'~
543 [Title] | Italiaanse zitten en kuste haar hoffelijk de hand.~ Zij opende
544 [Title] | van de jonge vrouw en mijn hoffelijke voorstel dat zo brutaal
545 [Title] | Die golvende lijn, die hol trekt in de zij, zich vervolgens
546 [Title] | zakten we allebei weg in die holle slaap in een trein, onderbroken
547 [Title](6)| Bedoeld wordt Venus met de hond uit 1538.~
548 [Title] | ik voelde best dat ze nog honger zou hebben als ze die twee
549 [Title] | wagons bij het inslapen, hoofdpijn en stijfheid van ledematen,
550 [Title] | dwarsstraten tussen muren die zo hoog zijn dat je amper de lucht
551 [Title] | bracht haar meteen op de hoogte van mijn situatie: 'Dit
552 [Title] | bekeek niets of richtte hooguit af en toe haar luie en slordige
553 [Title](4)| cumarinegeur, als van vers gemaaid hooi.~
554 [Title] | heel veel van haar.'~ Ik hoorde op de trap het geluid van
555 [Title] | Ik kan geen laken van een hotelbed oplichten zonder een huivering
556 [Title] | hotelbed oplichten zonder een huivering van afkeer. Wat is daar
557 [Title] | eerder een dochter van armen huize, verleid, meegetroond, vervolgens
558 [Title] | I~~ 'Nee', sprak Pierre
559 [Title] | werkelijk op een eekhoorn. Ieder van ons behoudt in zijn
560 [Title] | in het betaalde thuis van iedereen, en ten slotte laat je je
561 [Title] | begon ik te redeneren als iemand die de strijd opgeeft: '
562 [Title] | II~~ Wij namen op een donderdagavond
563 [Title] | III~~ Welnu, het toeval wilde
564 [Title] | bekende plekken je slechts de illusie geeft van menselijke verbroedering.
565 [Title] | Hij behandelde mij als een imbeciel en zei toen: 'Nou vooruit,
566 [Title] | En die de natuur met haar immense vermogen~Zonder Liesje of
567 [Title] | oranjebomen lijkt te zoeten wat je inademt, er een snoepje voor de
568 [Title] | Je ziet maar hoe je dat indeelt.'~ En ik volgde hem,
569 [Title] | weer onze plaatsen hadden ingenomen vroeg ik heel beleefd aan
570 [Title] | ik haar aanvankelijk had ingeschat, en ik stond erop, ja ik
571 [Title] | eens niet in het bedrog van ingesleten gewoonten, de verwachting
572 [Title] | wat komen moet.~ Na die inleiding van de sneltrein, krijgen
573 [Title] | nog tot in de details de inlichtingen die ze me had gegeven toen
574 [Title] | gehos van die wagons bij het inslapen, hoofdpijn en stijfheid
575 [Title] | volstrekt geen acht op zijn inspanningen.~ We kwamen voorbij Fréjus,
576 [Title] | naar Nice en Ventimiglia, instappen!' riep de beambte.~ We
577 [Title] | hart als ik mijn voet er insteek.~ En die diners in het
578 [Title] | raden welke ziel, wat voor intelligentie, wat voor karakter achter
579 [Title] | antwoordde zij: 'Mica', met een intonatie die ongeveer overeenkwam
580 [Title] | Kennen jullie iets ergers dan invallende duisternis in een vreemde
581 [Title] | oogopslag, eens niet vanuit de invalshoek van eeuwige hoop, eens niet
582 [Title] | zag in zijn blik een zo ironische vreugde, een dermate groot
583 [Title] | uren van afzien, van zwart isolement in verre steden, denk je
584 [Title] | Ik verklaarde dus in het Italiaans: 'Ik vroeg u mevrouw, of
585 [Title] | vreemd hardnekkig na te jagen.~ Kennen jullie die obsessie
586 [Title] | haar te hebben over haar jeugd, over haar familie. Ze antwoordde
587 [Title] | jurk van haar moeder haar jeugdige en soepele lijf deed vermoeden.~
588 [Title] | geen hoer is! Je overtuigt jezelf ervan dat je vanavond niet
589 [Title] | Nee', sprak Pierre Jouvenet, 'ik ken Italië niet, en
590 [Title] | streling van haar huid tegen de jouwe. En toch ben je alleen,
591 [Title] | zie je dat aan? Ik vind juist dat ze er heel netjes uitziet.'~
592 [Title] | want ik moest de elfde juli terug zijn in Parijs. Paul
593 [Title] | in vlakten aan boomtakken jurken te hangen~En een witte kornet
594 [Title] | puntje, dat als een levend juweel op het voorhoofd van de
595 [Title] | tegenover een armzalige kaars met een kap erop.~ Die
596 [Title] | gespreide vingers als met een kam door zijn in de reisnacht
597 [Title] | ik de wijze raad van mijn kameraad vergeten, maar plotseling,
598 [Title] | enorme, met vlekken bedekte kamerjas haar hele, dikke, kwabbige
599 [Title] | maar daar gaf ze mij de kans niet toe: 'Nee, nee, zij
600 [Title] | gaan, ze zal het van haar kant ook echt betreuren.'~
601 [Title] | armzalige kaars met een kap erop.~ Die ontmoedigende
602 [Title] | gewelddadige, vettige lucht van kapsalons.~ De Italiaanse zat op
603 [Title] | elf wakker, met in haar kapsel nog altijd het lichtende
604 [Title] | intelligentie, wat voor karakter achter die trekken schuilgaan.~
605 [Title] | had. Ik liet haar dus haar karig maal beëindigden. Toen vroeg
606 [Title] | parfumerielucht greep mij bij de keel, die gewelddadige, vettige
607 [Title] | zeep te leggen.~ Toen keerde ik terug naar Paul. Zodra
608 [Title] | Ze sprak weer een zo'n keihard 'mica' uit dat ik mijn mond
609 [Title] | heeft een vreemde manier om kennis te maken.'~ Paul riep
610 [Title] | ontevreden droomster of ontslagen keukenmeid. Ik zag in een oogopslag
611 [Title] | toverde een hele stoet van keurige denkbeelden tevoorschijn,
612 [Title] | newmownhay4, om haar de keus te laten. Ik zette mijn
613 [Title] | risico.~ Als ik nu moest kiezen tussen hier of daar slapen,
614 [Title] | dezer dagen weer eens een kijkje in Italië te gaan nemen
615 [Title] | ontwaken in die voortrollende kist, het gevoel van vuil op
616 [Title] | waarschuwen als het souper klaar is.'~ En ik ging naar
617 [Title] | zware zomerzon valt als een kleed van vuur over de bergen,
618 [Title] | nog twee, maar die zijn kleiner. Gelooft u mij meneer, het
619 [Title] | gebruikte ook wat water, dat klopt, maar weinig.~ Toen ze
620 [Title] | Ik schrok, met die knagende angst die ons achtervolgt
621 [Title] | lekker om je een beetje op te knappen.'~ Toen schoot me te
622 [Title] | mooie scherpe tanden het knapperig brood en de plak te kraken.~
623 [Title] | gekleed, ging ze met een knie in haar handen op haar koffer
624 [Title] | rond met beklemd hart, met knikkende knieën, met de moed in de
625 [Title] | je een misselijkmakende knoflooklucht of mensdomstank naar de
626 [Title] | geprobeerd een gesprek aan te knopen. Doordat ik heel duidelijk
627 [Title] | mijn vriend deed mij mijn koelbloedigheid herwinnen. Hij stamelde: '
628 [Title] | van het been afdaalt om zo koket te eindigen bij de voet,
629 [Title] | toen een koude kip op en kondigde aan dat het eten opgediend
630 [Title] | buldoggen, koppen van bokken, konijnen, vossen, paarden, ossen!
631 [Title] | vruchten dragen, in dat koninkrijk van het parfum, in dat vaderland
632 [Title] | beambte begon langs het konvooi te rennen waarbij hij een
633 [Title] | als een eekhoorn in een kooi. Hij zei: 'Als wij er achter
634 [Title] | aandacht moest trekken, zoals kooplui hun uitverkoren voorwerpen
635 [Title] | wordt door derdendaagse koorts. Ik besloot meteen die reis
636 [Title] | ik beefde helemaal, was koortsig, voelde me niet lekker,
637 [Title] | ik een hele voorraad eten kopen in een laatste poging onze
638 [Title] | geen smoelen als buldoggen, koppen van bokken, konijnen, vossen,
639 [Title] | mee.'~ Maar ze weigerde koppig Genua te verlaten, zonder
640 [Title] | jurken te hangen~En een witte kornet tegen 't groen van een dal.~~
641 [Title] | goed hoe alles aanstaand en kort en leeg is, door het onbekende
642 [Title] | voor een grapje en vroeg me kortaf of ik zo vriendelijk wilde
643 [Title] | onwillekeurig gebaar krulde hij zijn korte snor, lichtte toen enigszins
644 [Title] | hoe alles middelmatig en kortstondig is, door de aarde af te
645 [Title] | salonnetje. Ik bestelde een koud souper en toen wendde ik
646 [Title] | tafel, zette er toen een koude kip op en kondigde aan dat
647 [Title] | hebben neergevlijd, om haar kousen uit te trekken, want die
648 [Title] | hij begon weer met mij te kouten, toverde een hele stoet
649 [Title] | is nu te laat om terug te krabbelen. Jij bent degene geweest
650 [Title] | betovering, een jonge, gezonde, krachtige betovering die van haar
651 [Title] | knapperig brood en de plak te kraken.~ Paul zei op gedempte
652 [Title] | onderbroken door vreselijke krampen in armen en de nek en het
653 [Title] | aardbeien.'~ En ik legde de krant vol bosaardbeitjes op haar
654 [Title] | Provence deed proven, die het krassend geluid van de cicaden bij
655 [Title] | binnen te komen.~ Wij kregen inderdaad twee kamers, gescheiden
656 [Title] | zelfs niet eens begrijpt. Je krijgt het erge gevoel verloren
657 [Title] | wat ik nu moest.~ Twee kruiers volgden ons met de koffers.
658 [Title] | een onwillekeurig gebaar krulde hij zijn korte snor, lichtte
659 [Title] | golvend zwarte haren, licht krullend, zo dicht, zo gezond en
660 [Title] | haar neusvleugels, in het kuiltje van haar wang, in haar ooghoeken
661 [Title] | Ik beloofde Paul al mijn kunde in te zullen zetten om tot
662 [Title] | was, of misschien zelfs kunstrijdster, maar eerder danseres. Ze
663 [Title] | gesprek en kun je van die kunstzinnige platvloersheden debiteren,
664 [Title] | de Italiaanse zitten en kuste haar hoffelijk de hand.~
665 [Title] | onrijpe druiven nog geen kwaad spreken.'~ Hij antwoordde
666 [Title] | kamerjas haar hele, dikke, kwabbige lijf. Aan de hals droeg
667 [Title] | mijn lippen op die grote kwade ogen die zij, met tegenzin,
668 [Title] | van de spoorwegen, en alle kwaliteiten van haar tweede dochter
669 [Title] | De Italiaanse werd tegen kwart voor elf wakker, met in
670 [Title] | komt terug en verdwijnt. Ze kwelt je als een nachtmerrie,
671 [Title] | lachen, met zijn smerige en kwetsende lach. Ik ging zitten, geplaagd
672 [Title] | te ergeren, alsof ik iets kwetsends had gezegd, en hij vervolgde: '
673 [Title] | Die onverschilligheid kwetste me: 'U vindt het dus niet
674 [Title] | geworden eekhoorn. Hij heeft de kwieke oogjes van dat diertje,
675 [Title] | voorraad eten kopen in een laatste poging onze metgezellin
676 [Title] | tweede dochter Carlotta.~ Laatstgenoemde kwam terug, gekleed naar
677 [Title] | zijn smerige en kwetsende lach. Ik ging zitten, geplaagd
678 [Title] | meegenomen!' Ik antwoordde lachend: 'Beste jongen, je mag van
679 [Title] | bepleisterd en je dikke lagen in alle rimpels van haar
680 [Title] | hebben.~ Ik kan geen laken van een hotelbed oplichten
681 [Title] | ontstoken werd. Ik dekte onze lamp af met haar blauwe gaasje
682 [Title] | zich af en toe om, verbaasd landgenoten te treffen in gezelschap
683 [Title] | onmogelijk is geweest verder landinwaarts te komen. En toch hebben
684 [Title] | draak met me, dat ik niet langer aarzelde. Ik gaf hem een
685 [Title] | betovering, wanneer zij languit op de lakens van de sponde
686 [Title] | Op straat waren we zo langzamerhand bekend geworden, want we
687 [Title](3)| uit in alcohol opgeloste lavendelolie en eau de cologne.~
688 [Title] | hoofdpijn en stijfheid van ledematen, dat gebroken ontwaken in
689 [Title] | verklaren. Hoe meer ik haar leerde kennen, des te meer ze me
690 [Title] | droge zeep lag nog naast de lege waskom, maar het leek wel
691 [Title] | lampetkan in de waskom te legen en de handdoek naast de
692 [Title](5)| Deze regel legt Corneille in Le Cid Don
693 [Title] | boven het water, en een lekkere, een vaag zilte lucht, een
694 [Title] | metgezellin de hand toe. Ze sprong lenig op de grond en ik bood haar
695 [Title] | Ze heeft vast zorgen, ze let nergens op.'~ Ik mompelde: '
696 [Title] | Ik begon dit vreselijk leuk te vinden, en ik wilde haar
697 [Title] | verwerpelijk begin van iets leuks wat komen moet.~ Na die
698 [Title] | stralende puntje, dat als een levend juweel op het voorhoofd
699 [Title] | stevige lijnen van haar lichaam.~ Nog acht dagen verstreken.
700 [Title] | souper en toen wendde ik mij lichtelijk verdwaasd tot de Italiaanse.~ '
701 [Title] | haar kapsel nog altijd het lichtende beestje. Toen ik haar zag
702 [Title] | waarbij het zijn onderbrekende lichtje toonde, gedoofd zodra het
703 [Title] | aarde lijkt, het vrolijke lied van de Provence, ons in
704 [Title] | aan die je opzet als je lieden probeert te begrijpen die
705 [Title] | u gezelschap, ze is heel lief, en veel vrolijker dan die
706 [Title] | achtervolgt bij verdachte liefdes, die angst bekroop mij,
707 [Title] | raadselachtige dierlijke liefdesband, die heimelijke gehechtheid
708 [Title] | het vooruitzicht op een liefdesnacht je door de aderen zendt.~
709 [Title] | geërgerde gezicht van derden in liefdeszaken. Ik deed alsof ik in de
710 [Title] | zo mooie Seine, haar zo lieflijke oevers, de heerlijke dagen
711 [Title] | immense vermogen~Zonder Liesje of Mien aan de hand als
712 [Title] | alleen al bij het aanschouwen lieten voelen hoe ze op het hoofd
713 [Title] | naar beneden, kom meteen, lieve meid.'~ Ik wilde protesteren,
714 [Title] | bij bossengeruis van hun lieveling dromen~En nooit eens alleen
715 [Title] | de lakens van de sponde ligt.~ In een seconde was
716 [Title] | soepele en beweeglijke lijfje, en dan ook nog een raadselachtige
717 [Title] | met een natte vinger te lijmen, telkens slap als zijn zintuigen
718 [Title] | van het bed. Die golvende lijn, die hol trekt in de zij,
719 [Title] | zalige huid, van de stevige lijnen van haar lichaam.~ Nog
720 [Title] | om haar te overreden mijn loftuitingen en mijn aandrang verdubbelde.
721 [Title] | omdat hij de liefde een lome betovering verleent. Alles
722 [Title] | bomen, bloeien op tussen het lommer, wit, rood, geel, klein
723 [Title] | haar bedwelmd in, zette je longen uit om haar diep te drinken.
724 [Title] | van heuvels, rijdt langs loodrechte rotswanden boven het water,
725 [Title] | ze, ik draai eromheen, ik loop op ze af, maar nooit vind
726 [Title] | nachtmerrie, laat je niet los, vervult je hart, beroert
727 [Title](2)| et Astragales (1859) van Louis Bouilhet, vertaling Hanneke
728 [Title] | tafel onder die stralende luchters. En plotseling merk je dat
729 [Title] | richtte hooguit af en toe haar luie en slordige blik op meesterwerken.
730 [Title] | bootje, de mooie avonden van luieren aan de waterkant, in afwachting
731 [Title] | ik zag hem onder de grote luifel van een mooi hotel verdwijnen
732 [Title] | niet eens naar ons leek te luisteren, teruggevallen op haar volslagen
733 [Title] | nooit meer zult zien, je luistert naar stemmen die het hebben
734 [Title] | vinden. Als het me niet zou lukken, zou ik 's avonds de trein
735 [Title] | confectiezaak gekocht of gemaakt, de luxe van een bakvis, lag op een
736 [Title] | riep uit: 'Wel mijn beste, maak van de gelegenheid gebruik
737 [Title] | liet haar dus haar karig maal beëindigden. Toen vroeg
738 [Title] | put was. En toen ze haar maaltijd op had, dommelde ze weg
739 [Title] | bij hun slapen dansen. De maan is betoverend omdat hij
740 [Title] | schitterend toilet.~ En hun machtige adem, hun doordringende
741 [Title] | rood, geel, klein of enorm, mager met een enkele, eenvoudige
742 [Title] | afleiding, wandelingen om mijn maîtresse en mijn vriend te vermaken,
743 [Title] | maar nergens bang voor, mama.'~ Ze pakte me bij de
744 [Title] | duidelijk dat zij geen nette manieren kende. Ze had haar zakdoek
745 [Title] | Palazzo Doria, het Palazzo Marcello Durazzo, het Palazzo Rosso
746 [Title] | reisidee, het zo frisse Marly betreurend, de zo mooie
747 [Title] | daar te blijven, aan die marmeren tafel onder die stralende
748 [Title] | Jij hebt me een mooi wijf meegenomen!' Ik antwoordde lachend: '
749 [Title] | van armen huize, verleid, meegetroond, vervolgens aan de dijk
750 [Title] | zomaar een man uit Parijs meekomen om hem in een hotel in Genua
751 [Title] | aristocratenzonen bij hun geboorte meekrijgen en die als het ware het
752 [Title] | Mica.'~ Voor het eerste meende ik op haar mond een schaduw
753 [Title] | zeg haar maar dat we haar meenemen waar ze maar heen wil.'
754 [Title] | een etiket geschreven: 'Mejuffrouw Francesca Rondoli, Genua.'~
755 [Title] | tegen 't groen van een dal.~~Melodieën die uit de hemelen komen~
756 [Title] | andere gasten hoeven te mengen. Dat zal hij begrijpen en
757 [Title] | algen die liggen te drogen mengt zich soms met de grootse,
758 [Title] | het te laat was om nog van mening te veranderen, antwoordde
759 [Title] | uit hem krijgen, geërgerde meningen of onaangename complimenten.~
760 [Title] | misselijkmakende knoflooklucht of mensdomstank naar de neus zenden wanneer
761 [Title] | kwamen voorbij Nice, Monaco, Menton en de trein stopte bij de
762 [Title] | luchters. En plotseling merk je dat je eigenlijk altijd
763 [Title] | Doordat ik heel duidelijk kon merken dat van mij de eerste stap
764 [Title] | altijd ontevreden ogen op, merkte toen dat ze naakt was, stond
765 [Title] | als het ware het erfelijk merkteken is van wat minder dik bloed.~
766 [Title] | voor een zekere signore Michel Amoroso, wiens relaties
767 [Title] | roerloos, bespoeld door de Middellandse Zee. De zware zomerzon valt
768 [Title] | zie je pas goed hoe alles middelmatig en kortstondig is, door
769 [Title] | voor haar gekweekt. Rond middernacht ging ik naar bed. Ik kon
770 [Title] | vermogen~Zonder Liesje of Mien aan de hand als leeg ervaart.~~
771 [Title] | ik bijna een aanval van migraine kreeg.~ En we gingen
772 [Title] | wilt.'~ De trein floot, minderde vaart, we waren er.~
773 [Title] | ze tegenkomt. Ik denk aan mismaakten, stinkerds, aan ziekenzweet,
774 [Title] | denk aan hen die je een misselijkmakende knoflooklucht of mensdomstank
775 [Title] | iriswortelpoeder, een vage witte mist leek nog in de lucht te
776 [Title] | ziekenzweet, aan alle menselijke misvorming en smerigheid.~ Dat alles
777 [Title] | het vlees gekweld, nooit moe haar in mijn armen te nemen,
778 [Title] | knikkende knieën, met de moed in de schoenen. Je loopt
779 [Title] | zelf ook wel lust kreeg dat moeilijke persoontje te leren kennen.~
780 [Title] | enkele, eenvoudige jurk, of mollig, met een zwaar en schitterend
781 [Title] | onaangename opmerkingen mompelend. Toen bracht een rijtuig
782 [Title] | We kwamen voorbij Nice, Monaco, Menton en de trein stopte
783 [Title] | stevig en fris.~ Wat is er mooier dan een slapende vrouw?
784 [Title] | hellingen van heuvels, de mooiste bloemen groeien. En altijd
785 [Title] | ringen, maar die draag ik 's morgens niet, die ga ik zo aantrekken,
786 [Title] | strekte mij uit tegen de muur, met mijn rug naar de verleiding.~
787 [Title] | heen? Waar wilt u dat ik u naartoe breng?'~ Ze schokschouderde
788 [Title] | en vermoeiende bezigheid. Nachten in de trein, gehos van die
789 [Title] | verdwijnt. Ze kwelt je als een nachtmerrie, laat je niet los, vervult
790 [Title] | vergeten, maar plotseling, nadat ik mij naar de kaptafel
791 [Title] | Ik verklaarde mij nader: 'In Italië noemen ze een
792 [Title] | voor een vrouw, lange tijd nadien, als je terugkeert naar
793 [Title] | eetkamer.'~ Ik legde de nadruk op drie, wat hem over de
794 [Title] | een paar minuten te hebben nagedacht zei hij nog: 'Vind je het
795 [Title] | schoonheidsinstrumentjes die erin zaten: een nagelborstel, een nieuwe tandenborstel -
796 [Title] | Misschien ben je ook nog zo naïef om naar het aangegeven adres
797 [Title] | is zwak en dom, met een natte vinger te lijmen, telkens
798 [Title] | avontuur, en ik nam mijn necessaire mee.~ Ik pakte alle schoonheidsinstrumentjes
799 [Title] | beetje bij het avontuur neergelegd, al bleef hij mij de huid
800 [Title] | uit vermoeidheid te hebben neergevlijd, om haar kousen uit te trekken,
801 [Title] | Paul liep in stilte, met nerveuze stappen.~ Ik zei tegen
802 [Title] | vind juist dat ze er heel netjes uitziet.'~ Ik antwoordde: '
803 [Title] | al duidelijk dat zij geen nette manieren kende. Ze had haar
804 [Title] | van haar gezicht, op haar neusvleugels, in het kuiltje van haar
805 [Title] | was 26 juni. Er gaat bijna niemand rond die tijd naar het zuiden,
806 [Title] | opgedronken. De eau de cologne was niettemin gespaard gebleven, er ontbrak
807 [Title] | Marseille gebeurde er niets nieuws.~ We gingen eten in een
808 [Title] | aandacht te trekken, om haar nieuwsgierigheid te wekken. En hij begon
809 [Title] | als u onze diensten van node mocht hebben...' Ze sprak
810 [Title] | af, maar nooit vind ik de nodige woorden. Een enkele keer
811 [Title] | is aldoor hetzelfde. Ik noem je voortaan juffrouw Mica.'~
812 [Title] | Ik aarzelde een seconde, noemde toen mijn naam. Ik had die
813 [Title] | verklaarde mij nader: 'In Italië noemen ze een vriend die alle begeerten
814 [Title] | wel dat dat meisje in haar normalen doen van oorsprong welgesteld
815 [Title] | die ik weet niet wat voor noten op haar zang heeft? Ze gaan
816 [Title] | zij wil bezighoudt en haar nukken verdraagt, een patito. Wie
817 [Title](2)| Bouilhet, vertaling Hanneke Nutby.~
818 [Title] | verplaatsen, dat lijkt mij een nutteloze en vermoeiende bezigheid.
819 [Title] | relaties reizigers heel nuttig kunnen zijn, en hij liet
820 [Title] | Seine, haar zo lieflijke oevers, de heerlijke dagen van
821 [Title] | zinnen of eerder verleid, ten offer aan een soort zinnelijke
822 [Title] | een plan, een denkbeeld? Ofwel leefde zij van het avontuur,
823 [Title] | ongerustheid het beslissende ogenblik van verdeling van slaapplaatsen
824 [Title] | vaderland van de gekromde olijfboom met zijn grijsgroene blad.~
825 [Title] | maar dat de vertrouwde omgang op bekende plekken je slechts
826 [Title] | ik Carlotta mee naar de omgeving van Genua. Ze droeg er zorg
827 [Title] | Ze had haar hoofd niet omgewend en haar ogen niet naar mij
828 [Title] | haar armen als om mij te omhelzen en zei: 'Ach, u bent die
829 [Title] | trekken, onder de menselijke omlijning, een diersoort, als het
830 [Title] | van doen. Hoe moet ik het omschrijven? Een overeenkomst in gebaren,
831 [Title] | ik maakte gebruik van de omstandigheid zonder dat zij zich trouwens
832 [Title] | Dat lijf, met die zalige omtrekken, met die verleidelijke rondingen,
833 [Title] | lampetkan blijven liggen. De onaangebroken, droge zeep lag nog naast
834 [Title] | sapstroom van het voorjaar een onbedwingbare lust tot reizen en tot liefde
835 [Title] | over haar hele persoon iets onbepaald volks. Je kon raden dat
836 [Title] | teruggevallen op haar volslagen onbezorgdheid, en sprak tot haar: 'Wij
837 [Title] | die Italiaanse.'~ Paul onderbrak me en zei: 'Ja, met die
838 [Title] | zwerven, waarbij het zijn onderbrekende lichtje toonde, gedoofd
839 [Title] | holle slaap in een trein, onderbroken door vreselijke krampen
840 [Title] | besloot meteen die reis te ondernemen, want het bezoeken van Florence,
841 [Title] | Cannes wilde hij weer een onderonsje met mij en beduidde me weer
842 [Title] | souperen. Wilt u misschien ondertussen uw toilet maken?'~ Ze
843 [Title] | Probeer haar maar handig te ondervragen, zoek maar een nieuwe aanleiding
844 [Title] | wereldje een veelheid aan onderwerpen van gesprek en kun je van
845 [Title] | Een ervan drong per ongeluk de wagon binnen en begon
846 [Title] | Paul leek volslagen ongelukkig, teleurgesteld, van slag.~
847 [Title] | huid, die rondvliegende ongeregeldheden waarmee je ogen en je haren
848 [Title] | seconde en vervolgde met ongeruste stem: 'Alleen moeten we
849 [Title] | vrouw, piepjong en knap, onmiskenbaar een meisje uit het zuiden.
850 [Title] | plan bent. Ze lijkt me niet onneembaar, al maakt ze een beetje
851 [Title] | wellicht niet de voor een vrouw onontbeerlijke spullen had, want ze leek
852 [Title] | Beste jongen, je mag van onrijpe druiven nog geen kwaad spreken.'~
853 [Title] | gaan bekijken.'~ Het ontbijt verliep in stilte en toen
854 [Title] | niettemin gespaard gebleven, er ontbrak ongeveer een derde van de
855 [Title] | verdrietig, begrijpt u wel. Nu ontbreekt het haar aan niets meer,
856 [Title] | gedaan aanbod om haar te ontdooien, over te halen en te veroveren.~
857 [Title] | verrast toen ze zich net had ontkleed en ze lag in die betoverende
858 [Title] | jaar het genoegen haar te ontmoeten en ik zou haar graag terug
859 [Title] | dag proberen mij in dat ontoegankelijke gebied te wagen.~ Dat
860 [Title] | klimmen tegen muren op, ontplooien zich op daken, klimmen in
861 [Title] | grote kust met bruine rotsen ontplooit zich roerloos, bespoeld
862 [Title] | ontevreden droomster of ontslagen keukenmeid. Ik zag in een
863 [Title] | de grilligheden van haar ontvlamde vlucht. Plotseling zette
864 [Title] | haar nachthemd aan, even onverschillig alsof ik er niet bij was
865 [Title] | begon na te denken over onvoorzichtigheid, over menselijke roekeloosheid
866 [Title] | betoverende ontmoetingen, onvoorziene strelingen, al die toevallig
867 [Title] | beroert je zinnen door haar onwerkelijke aanwezigheid. Het oog ziet
868 [Title] | verrukte blik toe en in een onwillekeurig gebaar krulde hij zijn korte
869 [Title] | en in het duister van een onzichtbaar trappenhuis riep: 'Carlotta!
870 [Title] | onwerkelijke aanwezigheid. Het oog ziet haar, de lucht van
871 [Title] | kuiltje van haar wang, in haar ooghoeken zag.~ Toen ze opstond,
872 [Title] | eekhoorn. Hij heeft de kwieke oogjes van dat diertje, zijn rosse
873 [Title] | onder mijn half geloken oogleden.~ Ze kwam en ging zonder
874 [Title] | trouwens chagrijniger dan ooit en slikte snel haar fruit
875 [Title] | bekeek haar van top tot teen, oordeelde haar geheel naar haar smaak
876 [Title] | in haar normalen doen van oorsprong welgesteld moest zijn. Er
877 [Title] | als het stempel van zijn oorspronkelijk ras. Hoeveel mensen hebben
878 [Title] | je vermoeide spieren toe opdat het die tot nieuw leven
879 [Title] | maar heel vies was, kwam opendoen. Hoewel ze te vet was, behield
880 [Title] | te pellen, haar mond te openen en de partjes tussen haar
881 [Title] | parmantige en bekoorlijke wijze openging om ze op te vangen.~
882 [Title] | niet zo gemakkelijk een opening te vinden.'~ Toch keek
883 [Title] | binnendeur stortte, die openrukte en in het duister van een
884 [Title] | kondigde aan dat het eten opgediend was.~ Zachtjes klopte
885 [Title] | de flessen reukwater had opgedronken. De eau de cologne was niettemin
886 [Title] | als iemand die de strijd opgeeft: 'Het verplicht me tot niks
887 [Title] | schelen.'~ Hij was nogal opgehitst: 'Ze is hartstikke knap
888 [Title](3)| en verder uit in alcohol opgeloste lavendelolie en eau de cologne.~
889 [Title] | woorden had geteld, dan had je opgemerkt dat ze er om precies te
890 [Title] | haar ogen niet naar mij opgeslagen, waardoor ik nogal verbaasd
891 [Title] | andere kamer en zich erin opgesloten, ik moest dus in mijn eentje
892 [Title] | wierp mij van onder haar opgetrokken wenkbrauwen een slaperige
893 [Title] | een afkeer heb van slecht opgevoede mensen die in wagons lunchen
894 [Title] | verstond . De handdoek was opgevouwen op de nog steeds volle lampetkan
895 [Title] | eenmaal was gevonden en opgevraagd, vertrokken wij, dwars door
896 [Title] | bijna niets voor nodig, een opgewekte behoefte, een woord, een
897 [Title] | dat u haar dan zou komen ophalen op de terugweg, omdat ze
898 [Title] | geen laken van een hotelbed oplichten zonder een huivering van
899 [Title] | waren vuurvliegjes, van die oplichtende vliegjes die in de geparfumeerde
900 [Title] | aantrekken, als ik mij ga opmaken. O, ze is heel gelukkig
901 [Title] | was, behield ze toch een opmerkelijke vorstelijkheid van gestalte.
902 [Title] | volgde ons, onaangename opmerkingen mompelend. Toen bracht een
903 [Title] | beweging die zij maakte bij het opstaan wekte mij en ik bekeek haar
904 [Title] | taal, dus ik moest als tolk optreden. Ik begon meteen mijn rol
905 [Title] | ze biedt je met waarlijk opvallend cynisme aan om met je naar
906 [Title] | Toch keek ze af en toe opzij naar ons eten en ik voelde
907 [Title] | konijnen, vossen, paarden, ossen! Paul is een mens geworden
908 [Title] | met jullie mee. Ik ga mijn ouders opzoeken.'~ Toen zweeg
909 [Title] | dat je eigenlijk altijd en overal alleen op de wereld bent,
910 [Title] | een minder gemene stem dan overdag, en ik drong aan: 'Wilt
911 [Title] | dat ze om de haverklap met overdreven gebaren zou gaan zitten
912 [Title] | ik het omschrijven? Een overeenkomst in gebaren, in bewegingen,
913 [Title] | een intonatie die ongeveer overeenkwam met: Sodemieter op! Toch
914 [Title] | zien dat je er nog wat aan overhoudt, beste jongen.'~ Ik schrok,
915 [Title] | verdwijnen terwijl ik aan de overkant van de straat met mijn stomme
916 [Title] | leven, over haar man die was overleden in dienst van de spoorwegen,
917 [Title] | geven, waarbij ik om haar te overreden mijn loftuitingen en mijn
918 [Title] | ontmoedigende betekenis, overspoelen ziel en hart met een gruwelijke
919 [Title] | diepe, vervelende droefheid overstelpt je. Je hebt het idee dat
920 [Title] | hij me uit te schelden, overstelpte me met verwijten en riep
921 [Title] | u doen, weest u daarvan overtuigd.'~ Aangezien zij niet
922 [Title] | alsof ze geen hoer is! Je overtuigt jezelf ervan dat je vanavond
923 [Title] | werkelijk, beste jongen, de overwinning is het gevaar waard.'~
924 [Title] | breed en duidelijk na. Dan overzie je het leven pas in één
925 [Title] | bokken, konijnen, vossen, paarden, ossen! Paul is een mens
926 [Title] | niks uit. Op weg, op weg, pak je koffers. Op weg!'~
927 [Title] | op de trap het geluid van pantoffelzolen en daarop verscheen een
928 [Title] | legde ook plakjes ham op een papiertje, en rangschikte ons dessert
929 [Title] | en prachtige wijfjesdier, parend als een beest, in de ban
930 [Title] | binnen. Een verstikkende parfumerielucht greep mij bij de keel, die
931 [Title] | afstand in haar mond, die op parmantige en bekoorlijke wijze openging
932 [Title] | haar mond te openen en de partjes tussen haar lippen te pakken,
933 [Title] | die boodschap en die rol passen me niet. Ik ben hier niet
934 [Title] | gang echt apart leek, niet passend bij ons, compromitterend.~
935 [Title] | begeleiden door mijn vriend Paul Pavilly.~ Jullie kennen Paul.
936 [Title] | om die goudgele schil te pellen, haar mond te openen en
937 [Title] | dansen.~ Een ervan drong per ongeluk de wagon binnen
938 [Title] | stappen en zodra we op het perron stonden sprak hij: 'Wat
939 [Title] | van de grond, een echte personeelskoffer, en die bracht ik naar het
940 [Title] | en ze had over haar hele persoon iets onbepaald volks. Je
941 [Title] | bekende namen alsof hij ze persoonlijk kende. Ze sloeg volstrekt
942 [Title] | lust kreeg dat moeilijke persoontje te leren kennen.~ We
943 [Title] | wagon, en allebei in een pesthumeur, geërgerd Parijs te moeten
944 [Title] | te begrijpen: 'A me non piacciono ne le ciliegie ne le susine;
945 [Title] | Het was een jonge vrouw, piepjong en knap, onmiskenbaar een
946 [Title] | I~~ 'Nee', sprak Pierre Jouvenet, 'ik ken Italië
947 [Title] | de meest aangrijpende en pijnlijkste ervaringen die ik ken. Je
948 [Title] | pakken, om vervolgens de pitten door het raam naar buiten
949 [Title] | komen en toen we weer onze plaatsen hadden ingenomen vroeg ik
950 [Title] | wanneer ze in een droom plaatsgrijpt. Je ziet figuren die je
951 [Title] | niet van te drinken) en ik plaatste zachtjes mijn lippen op
952 [Title] | het knapperig brood en de plak te kraken.~ Paul zei
953 [Title] | sneed de kip aan, legde ook plakjes ham op een papiertje, en
954 [Title] | je van die kunstzinnige platvloersheden debiteren, die altijd diepgaand
955 [Title] | ontmoet?'~ 'Hier ter plekke, in Genua!'~ 'Hoe heet
956 [Title] | vertrouwde omgang op bekende plekken je slechts de illusie geeft
957 [Title] | ik zal me daar als een ploert gaan gedragen.'~ Maar
958 [Title] | verlicht café op een stoel ploffen, waarvan het verguldsel
959 [Title] | betoverd. Ze sliep al, poedelnaakt, op bed. De slaap had haar
960 [Title] | iriswortelpoeder open met daarin de poederkwast. Ik legde een van mijn fijne
961 [Title] | charmant, deze lui, die ons pogen te vangen~Voor het wel en
962 [Title] | En toch hebben die twee pogingen mij een fascinerende indruk
963 [Title] | van cicaden dat door de portieren binnen drong, dat sjirpen
964 [Title] | Voor Georges de Porto-Riche1~
965 [Title] | uitsteekt, tot aan het dorpje Portofino. Wij volgden alle drie die
966 [Title] | trouwens, al is het een beetje primitief: "Wacht op me, ik kom terug."
967 [Title] | dan nemen wij hetzelfde. Probeer haar maar handig te ondervragen,
968 [Title] | die je opzet als je lieden probeert te begrijpen die een vreemde
969 [Title] | ga weer op de eerste dag proberen mij in dat ontoegankelijke
970 [Title] | achtervolgt je, op je lippen proef je haar kussen, de streling
971 [Title] | voelen, de verbrande grond proeven, het stenige en lichte vaderland
972 [Title] | dat weet je, je bent ten prooi aan zo'n vreemde verwarring
973 [Title] | erheen te gaan?'~ Ik protesteerde: 'Welnee, beste jongen,
974 [Title] | lieve meid.'~ Ik wilde protesteren, maar daar gaf ze mij de
975 [Title] | smaak van de Provence deed proven, die het krassend geluid
976 [Title] | chagrijnig uiterlijk, haar pruilende mond, de ergernis in haar
977 [Title] | smerige bultenaars met puisterige huid, zwarte handen die
978 [Title] | Dan, achter een schuimende pul bier, door een rennende
979 [Title] | diertje, zijn rosse haar, zijn puntige neus, zijn fijne, soepele
980 [Title] | at alsof ze een bodemloze put was. En toen ze haar maaltijd
981 [Title] | een heel banale opvoeding qua gewoonten en gebaren.~
982 [Title] | seconde was ik de wijze raad van mijn kameraad vergeten,
983 [Title] | verbaasde, des te meer ze me een raadsel leek. Natuurlijk was ze
984 [Title] | eten ingeslapen. En Paul raakte in verrukking, hij kon zijn
985 [Title] | vervolgens de pitten door het raam naar buiten te spugen, verrieden
986 [Title] | ham op een papiertje, en rangschikte ons dessert zorgvuldig vlak
987 [Title] | van zijn oorspronkelijk ras. Hoeveel mensen hebben geen
988 [Title] | Maar ze werd plotseling razend en beet me een herhaald '
989 [Title] | Ze herhaalde, steeds razender: 'Willen jullie dat ik meteen
990 [Title] | eerder naast mij dan met mij, reageerde op al mijn begeerten, al
991 [Title] | waarlijk slechts tot haar recht in al haar zalige betovering,
992 [Title] | en die bracht ik naar het rechterappartement dat ik voor haar... of voor
993 [Title] | met haar hoofd op mijn rechterarm.~ En ik begon na te denken
994 [Title] | Ik gebruikte smeekbeden, redenaties, beloftes, niets hielp.~
995 [Title] | Vervolgens begon ik te redeneren als iemand die de strijd
996 [Title] | Je ziet maar hoe je je redt!'~ Ik was in verwarring.
997 [Title] | Saint-Raphaël. De trein reed door die tuin, door dat
998 [Title](5)| Deze regel legt Corneille in Le Cid
999 [Title] | leek ze wat alledaags. De regelmatige trekken van haar gezicht
1000 [Title] | verlaten, maar ik begon hem reisavonturen te verhalen, ik vertelde
|