Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
hen 1
hernam 1
heroverde 1
het 146
hetzelfde 1
hevige 1
hield 2
Frequency    [«  »]
-----
-----
208 de
146 het
137 en
131 ik
108 een
Guy de Maupassant
Het wrak

IntraText - Concordances

het

                                               bold = Main text
    Par.                                       grey = Comment text
1 1 | Gisteren was het oudjaar.~ 2 5 | dingen wijdt die je na aan het hart liggen.~ 3 7 | sentimenteel verhaal, en het is mij overkomen! O, dat 4 8 | opdracht gaf onmiddellijk naar het Île de te gaan, waar 5 8 | aan de grond was gelopen. Het was toen acht uur in de 6 9 | wandeling door de stad. Het is echt een vreemde en heel 7 9 | lijken te zijn gebouwd, het antieke en aangrijpende 8 9 | woeste godsdienstoorlogen. Het is de oude hugenotenstad, 9 9 | ontluiken, de stad waar het geloof van de calvinisten 10 9 | tot bloei kwam, en waar het complot van de vier sergeants 11 10 | stoombootje, dat mij naar het Île de moest brengen. 12 10 | Île de moest brengen. Het vertrok puffend, alsof het 13 10 | Het vertrok puffend, alsof het boos was, voer tussen de 14 10 | achter zich, waarvan je aan het wateroppervlak de enorme 15 10 | enorme ketting, en toen boog het rechts af.~ 16 11 | Het was zo'n trieste, deprimerende 17 13 | Ik wilde wat details over het schadegeval dat ik moest 18 13 | nacht op de zandbanken van het Île de gestrand.~ 19 14 | De storm had het schip zo ver geworpen, schreef 20 14 | geworpen, schreef de reder, dat het onmogelijk was geweest het 21 14 | het onmogelijk was geweest het weer vlot te trekken en 22 14 | moest dus de toestand van het wrak vaststellen, inschatten 23 14 | schipbreuk, en beoordelen of al het mogelijke was gedaan het 24 14 | het mogelijke was gedaan het weer vlot te trekken. Ik 25 14 | dat nodig mocht zijn bij het proces een contra-expertise 26 16 | van de Jean-Guiton kende het geval goed, doordat hij 27 17 | Hij verklaarde mij het ongeval, dat trouwens heel 28 18 | kust. Ik vroeg: "Is dat het Île de ?"~ 29 24 | honderd vadem water zijn op het punt dat u me aanwijst?"~ 30 27 | Bordeaux. Hij vervolgde: "Het is nu vloed, negen uur en 31 27 | minuten. Als gij op uw gemak het strand volgt, na in hotel 32 27 | om drie uur uiterlijk bij het wrak zijt, met droge voeten, 33 28 | stoomboot zitten, om naar het stadje Saint-Martin te bekijken, 34 29 | Het leek op alle haventjes die 35 29 | schrale eilandjes die langs het vasteland liggen. Het was 36 29 | langs het vasteland liggen. Het was een groot vissersdorp, 37 29 | vissersdorp, met een voet in het water en een voet op de 38 29 | radijs en van mosselen. Het eiland is heel laag, weinig 39 29 | maar ik ging niet naar het binnenland.~ 40 30 | terugtrok, ging ik over het zand naar een soort zwarte 41 30 | ver weg, ver weg boven het water uit zag steken.~ 42 31 | voet te zweten. Daarnet was het daar nog zee, nu zag je 43 31 | verte, zij ging er zover het oog kon reiken vandoor, 44 31 | in de woestenij. Alleen het gevoel, de lucht van zout 45 31 | nog. Ik rook de geur van het wier, de geur van de baren, 46 31 | kust. Ik liep snel, ik had het niet koud meer, ik keek 47 31 | koud meer, ik keek naar het gestrande wrak, dat groeide 48 32 | Het scheen nu uit de grond op 49 32 | een uur lopen bereikte ik het. Het lag op de kant, gescheurd, 50 32 | uur lopen bereikte ik het. Het lag op de kant, gescheurd, 51 32 | doorboord met enorme spijkers. Het zand was al door al die 52 32 | die reten binnengedrongen, het hield het wrak vast, het 53 32 | binnengedrongen, het hield het wrak vast, het bezat het, 54 32 | het hield het wrak vast, het bezat het, het wilde ook 55 32 | het wrak vast, het bezat het, het wilde ook niet meer 56 32 | wrak vast, het bezat het, het wilde ook niet meer loslaten. 57 32 | ook niet meer loslaten. Het leek er wortel in te hebben 58 32 | omhoog was gekomen en als het ware een wanhoopskreet tot 59 33 | Ik beklom het kadaver van dat schip vanaf 60 33 | kant, en toen ik eenmaal op het dek stond drong ik er ook 61 33 | drong ik er ook in door. Het daglicht kwam door de kapotte 62 33 | op trieste wijze die als het ware lange, sombere kelders, 63 34 | maken over de staat van het vaartuig. Ik ging op een 64 34 | zitten, en ik schreef in het licht van een grote scheur 65 34 | eindeloze uitgestrektheid van het wad kon waarnemen. Een vreemde 66 34 | ophouden met schrijven om naar het vage en raadselachtige geluid 67 34 | raadselachtige geluid van het wrak te luisteren: het geluid 68 34 | van het wrak te luisteren: het geluid van krabben die de 69 34 | klauwen zaten te bekrabben, het geluid van duizend piepkleine 70 34 | deze dode vestigden, en ook het zachte en regelmatige geluid 71 35 | vertellen. Natuurlijk duurde het niet lang of ik stond met 72 35 | van mijn knuisten weer op het dek: en ik zag daar op de 73 35 | daar op de voorsteven van het schip een grote heer met 74 35 | mond opengedaan, dat was het enige teken waaruit zijn 75 36 | enkele seconden nam hij het woord en sprak: "O meneer, 76 40 | zin uit waarvan ik alleen het woord gracious verstond, 77 41 | lijken net teer zeefruit. Het was net alsof ze uit het 78 41 | Het was net alsof ze uit het zand kwam, en dat haar haren 79 42 | daalde de hele familie af in het binnenste van het wrak. 80 42 | af in het binnenste van het wrak. Zodra ze in die sombere, 81 44 | dochter met mij, en ik bleef het skelet van het schip inspecteren.~ 82 44 | ik bleef het skelet van het schip inspecteren.~ 83 45 | doorbrachten en dat ze expres naar het Île de waren gekomen 84 45 | Engelse verwaandheid, die lui, het waren eenvoudige en brave, 85 45 | De lange, magere vader, het rode gezicht in witte bakkebaarden 86 46 | om te gissen, om weer aan het werk te slaan en yes of 87 49 | We stonden meteen op het dek. Maar het was al te 88 49 | meteen op het dek. Maar het was al te laat. Het water 89 49 | Maar het was al te laat. Het water omgaf ons en stroomde 90 49 | snelheid naar de kust. Nee, het stroomde niet, het gleed, 91 49 | Nee, het stroomde niet, het gleed, het kroop, het spreidde 92 49 | stroomde niet, het gleed, het kroop, het spreidde zich 93 49 | niet, het gleed, het kroop, het spreidde zich uit als een 94 49 | centimeters waters bedekten het zand, maar je zag al niet 95 49 | wegtrekkende vloedlijn van het onmerkbare water.~ 96 55 | niets anders te doen dan op het schip te blijven."~ 97 58 | Een van de meisjes kreeg het koud, en we vatten het idee 98 58 | kreeg het koud, en we vatten het idee op om naar beneden 99 59 | Ik boog mij over het luik. Het schip stond vol 100 59 | boog mij over het luik. Het schip stond vol water. Wij 101 60 | Het duister omgaf ons nu helemaal, 102 60 | schouder de schouder van het Engelse meisje beven, wier 103 60 | dieren in een greppel, als het stormt. En toch, ondanks 104 60 | ondanks de nacht, ondanks het vreselijke en groeiende 105 60 | blij met de koude en met het gevaar, blij met die lange 106 62 | uithalen. Wat gek! Hoe komt het toch dat de aanwezigheid 107 63 | Is het niet eerder een soort beroering 108 64 | Maar de stilte van het duister werd angstaanjagend, 109 64 | angstaanjagend, de stilte van het uitspansel, want wij hoorden 110 64 | licht, aanhoudend schuren, het gedempte geluid van de zee 111 64 | zee die op kwam zetten, en het eentonig kabbelen van de 112 66 | mijn buurvrouw: "Hebt u het niet te koud, miss?"~ 113 67 | O ja. Ik heb het heel koud."~ 114 68 | betoverende rilling over het hele lijf zond.~ 115 69 | minuten werd de lucht koeler, het kabbelen van het water tegen 116 69 | koeler, het kabbelen van het water tegen de romp van 117 69 | water tegen de romp van het schip duidelijker. Ik kwam 118 70 | De Engelsman merkte het tegelijk met mij, en hij 119 71 | Dat was zeker niet goed, het betekende een wisse dood 120 71 | als golven, zelfs zwakke, het wrak te lijf zouden gaan 121 71 | beet zouden pakken, omdat het toch al zo gekraakt en ontwricht 122 71 | eerste enigszins hoge golf het in zou laten storten.~ 123 72 | schuim, terwijl elke golf het karkas van de Marie-Joseph 124 72 | Marie-Joseph raakte, en het schudde met een korte rilling 125 72 | korte rilling die ons tot het hart doordrong.~ 126 73 | Het meisje rilde, ik voelde 127 75 | aan om te kijken hoe laat het was. Dan stopte hij zijn 128 76 | Het was middernacht. Ik stak 129 76 | daarop sprak hij een zin in het Engels, en plotseling begonnen 130 76 | begonnen zijn dochters en hij het "God Save the Queen" te 131 78 | Het was iets onheilspellends 132 78 | iets te vergelijken met het fantastische Ave Caesar, 133 78(3)| aan de keizer, voordat zij het strijdperk betraden.~ 134 80 | zwol aan, sloeg nu tegen het wrak. En ik, ik dacht alleen 135 81 | werden wij alle vijf over het dek geslingerd, want de 136 81 | rechterflank gaan liggen. Het meisje was op mij beland, 137 82 | ogenblik had ik gewild dat het schip was opengespleten 138 82 | opengespleten en dat ik met haar in het water was gevallen.~ 139 83 | Een beetje schommelen, het is niets. Ik heb mij drie 140 85 | riep, er werd geantwoord. Het was een boot die ons zocht, 141 89 | vertrokken naar Biarritz. Het had niet veel gescheeld 142 91 | vertelt me haar leven, heeft het over haar kinderen, haar 143 91 | Ach waarom?... Ik, ik heb het slechts over de Marie-Joseph... 144 91 | over de Marie-Joseph... het is misschien de enige vrouw 145 91 | die van vroeger... die van het wrak... wat een schepsel... 146 91 | dat gaat me toch zo aan het hart... Ach, haar blonde


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License