Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
echt 5
echte 1
echter 1
een 108
een-twee-drie 1
eenmaal 2
eens 1
Frequency    [«  »]
146 het
137 en
131 ik
108 een
94 van
86 die
73 dat
Guy de Maupassant
Het wrak

IntraText - Concordances

een

    Par.
1 2 | De huisknecht bracht hem een brief vol stempels en vreemde 2 5 | acht bladzijden te lezen in een groot Engels handschrift, 3 6 | Daarna legde hij de brief op een hoekje van de schoorsteenmantel 4 7 | Tja, dat is een grappig verhaal dat ik je 5 7 | heb verteld, maar toch ook een sentimenteel verhaal, en 6 7 | mij overkomen! O, dat was een rare nieuwjaarsdag, dat 7 8 | hoort nu eenmaal van die dag een feestdag te maken, toen 8 8 | feestdag te maken, toen ik een briefje van de directeur 9 8 | Île de te gaan, waar een door ons verzekerd fregat 10 9 | de Jean-Guiton. Ik maakte een wandeling door de stad. 11 9 | door de stad. Het is echt een vreemde en heel karakterrijke 12 9 | verstrengelde straatjes, net een doolhof, waarvan de trottoirs 13 9 | en bogengangen, die als een duurzaam decor voor samenzweerders 14 9 | wat achterbaks uiterlijk, een stad van dwarse schippers, 15 10| Toen ik een poosje door die opmerkelijke 16 10| gezworven, scheepte ik mij in op een zwart, dikbuikig stoombootje, 17 10| die de stad omgeeft als een enorme ketting, en toen 18 11| alle energie in je dooft, een grijze, ijskoude dag, vervuild 19 11| ademen, als uitwaseming van een riool.~ 20 12| beweging, zonder leven, een zee vol troebel water, vet 21 12| eroverheen en slingerde een beetje naar gewoonte, doorsneed 22 13| kletsen met de kapitein, een bijna beenloos mannetje, 23 13| dat ik moest gaan opnemen. Een groot volschip uit Saint-Nazaire, 24 13| de Marie-Joseph, was op een stormachtige nacht op de 25 14| mocht zijn bij het proces een contra-expertise te kunnen 26 17| De Marie-Joseph was door een woeste stormvlaag gegrepen, 27 17| voer op goed geluk over een zee van schuim - "een kokende 28 17| over een zee van schuim - "een kokende zee", had de kapitein 29 17| deze streek veranderen in een grenzeloze Sahara, dat is 30 18| de zware hemel bleef nog een ruimte vrij waar je een 31 18| een ruimte vrij waar je een blik in de verte kon werpen. 32 18| kon werpen. Wij volgden een kust. Ik vroeg: "Is dat 33 20| toonde mij in volle zee een bijna niet waar te nemen 34 23| dat ik aangezien had voor een rots, leek mij minstens 35 27| beste vriend, en dat ge dan een uur en drie kwartier tot 36 27| Deze kust is zo plat als een duit! Gaat u weer op weg 37 29| vasteland liggen. Het was een groot vissersdorp, met een 38 29| een groot vissersdorp, met een voet in het water en een 39 29| een voet in het water en een voet op de grond, levend 40 30| hebben gegeten beklom ik een klein voorgebergte, en omdat 41 30| ging ik over het zand naar een soort zwarte rots die ik 42 31| meende getuige te zijn van een reusachtige en bovennatuurlijke 43 31| naderde en dat momenteel op een enorme aangespoelde walvis 44 32| proporties aan. Eindelijk, na een uur lopen bereikte ik het. 45 32| en liet als de ribben van een dier zijn gebroken botten 46 32| gekomen en als het ware een wanhoopskreet tot de hemel 47 34| het vaartuig. Ik ging op een leeg, kapot vat zitten, 48 34| schreef in het licht van een grote scheur waardoorheen 49 34| van het wad kon waarnemen. Een vreemde rilling van koude 50 35| mij. Ik sprong op alsof ik een verschijning zag. Ik geloofde 51 35| voorsteven van het schip een grote heer met drie meisjes 52 35| staan, of liever gezegd een grote Engelsman met drie 53 40| Hij sprak daarop een lange Engelse zin uit waarvan 54 40| woord gracious verstond, dat een paar keer terugkeerde.~ 55 41| Aangezien hij een plek zocht om naar boven 56 41| betoverend, vooral de oudste, een blondine van achttien, fris 57 41| blondine van achttien, fris als een bloem, en zo fijn gebouwd, 58 42| Ze sprak een beetje beter Frans dan haar 59 43| naast elkaar gaan zitten op een uitstekende balk, en de 60 45| witte bakkebaarden gevat, een echte levende sandwich, 61 45| echte levende sandwich, een plak ham in de vorm van 62 45| plak ham in de vorm van een mensenhoofd tussen twee 63 47| Plotseling mompelde zij: "Ik voel een kleine beweging in deze 64 48| oren, en meteen hoorde ik een licht, vreemd aanhoudend 65 48| te kijken, en ik slaakte een hevige kreet. De zee had 66 49| het spreidde zich uit als een monsterlijke vlek. Amper 67 51| Dat was in ons hart een minuut van verschrikkelijke 68 52| vrees snoerde me de keel, een laffe, vreselijke, smerige 69 54| de oceaan kwam opzetten, een bedrukkende, vochtige, ijskoude 70 57| En we bleven zo een kwartier of een halfuur, 71 57| bleven zo een kwartier of een halfuur, ik weet eigenlijk 72 58| Een van de meisjes kreeg het 73 59| de achterplecht, die ons een beetje beschutting bood.~ 74 60| mij even verrukkelijk als een omhelzing. We spraken niet, 75 60| weggedoken als dieren in een greppel, als het stormt. 76 62| Omdat zij er was? Wie, zij? Een onbekend Engels meisje? 77 62| dat de aanwezigheid van een vrouw ons zo op ons kop 78 63| Is het niet eerder een soort beroering van de liefde, 79 64| hoorden om ons heen vaag een licht, aanhoudend schuren, 80 68| trof ik haar hand, die mij een betoverende rilling over 81 69| duidelijker. Ik kwam overeind, een windvlaag streek over mijn 82 71| niet goed, het betekende een wisse dood als golven, zelfs 83 72| windstoten. Nu brak de zee een beetje en ik zag in de duisternis 84 72| raakte, en het schudde met een korte rilling die ons tot 85 73| tegen mij aan, en ik kreeg een waanzinnige behoefte haar 86 74| verdwenen zouden zijn. Vooral een ervan ergerde mij. Hij doofde 87 74| aan te gaan, hij was echt een oog, met een ooglid dat 88 74| hij was echt een oog, met een ooglid dat onophoudelijk 89 75| en toe stak de Engelsman een lucifer aan om te kijken 90 75| mij: "Meneer, ik wens jou een gelukkig nieuwjaar."~ 91 76| schudde, daarop sprak hij een zin in het Engels, en plotseling 92 77| lachen, toen werd ik door een krachtige en vreemde ontroering 93 78| veroordeelden, iets als een gebed, en ook iets hogers, 94 79| vroeg ik mijn buurvrouw mij een ballade, een legende, wat 95 79| buurvrouw mij een ballade, een legende, wat ze maar wilde, 96 80| ook aan zeemeerminnen. Als een schip nu vlakbij voorbij 97 80| verloor zich in de droom! Een zeemeermin! Was zij inderdaad 98 81| armen opgevangen, en als een razende, zonder te weten 99 81| was aangebroken, drukte ik een dikke zoen op haar wang, 100 82| antwoordde yes, en maakte een beweging om los te komen. 101 83| De Engelsman vervolgde: "Een beetje schommelen, het is 102 85| overeind en plotseling zag ik een licht boven zee, vlak bij 103 85| werd geantwoord. Het was een boot die ons zocht, doordat 104 87| de handen en mompelde: "Een goed souper! Een goed souper!"~ 105 87| mompelde: "Een goed souper! Een goed souper!"~ 106 91| vernam, en toen kreeg ik een brief uit New York. Ze was 107 91| Gebeurtenissen nemen een loopje met je... En dan... 108 91| die van het wrak... wat een schepsel... goddelijk! Ze


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License