Par.
1 9 | maken, maar opmerkelijk door haar streng, ook wat achterbaks
2 31| daar nog zee, nu zag je haar in de verte, zij ging er
3 41| uit het zand kwam, en dat haar haren er nog de kleur van
4 42| een beetje beter Frans dan haar vader, en diende tot tolk.
5 46| blauw als diep water, van haar tekening te onderbreken
6 46| zeggen, dat ik eindeloos naar haar had kunnen blijven luisteren
7 60| ook de zachte warmte van haar lichaam door de stof heen,
8 62| Engels meisje? Ik beminde haar niet, ik kende haar niet,
9 62| beminde haar niet, ik kende haar niet, en ik voelde me vertederd,
10 62| vertederd, veroverd! Ik had haar willen redden, ik had mij
11 62| redden, ik had mij voor haar willen opofferen, ik had
12 62| kop zet! Is dat macht van haar bevalligheid, die ons boeit?
13 63| tot elkaar te brengen, die haar macht uitprobeert zodra
14 65| meisjes huilde. Toen wilde haar vader haar troosten, en
15 65| huilde. Toen wilde haar vader haar troosten, en begonnen zij
16 65| versta. Ik begreep dat hij haar geruststelde en dat ze nog
17 68| Ik wilde haar mijn jas geven, maar die
18 68| die weigerde ze. Ik had haar echter al uitgetrokken,
19 68| uitgetrokken, dus ik gooide haar toch over haar heen. In
20 68| ik gooide haar toch over haar heen. In de korte strijd
21 68| de korte strijd trof ik haar hand, die mij een betoverende
22 73| meisje rilde, ik voelde haar trillen tegen mij aan, en
23 73| een waanzinnige behoefte haar in mijn armen te sluiten.~
24 79| erin toe en meteen verhief haar heldere, jonge stem zich
25 79| voort, kwamen traag uit haar mond en fladderden als gewonde
26 81| was op mij beland, ik had haar in mijn armen opgevangen,
27 81| drukte ik een dikke zoen op haar wang, haar slapen en haar
28 81| dikke zoen op haar wang, haar slapen en haar haar. De
29 81| haar wang, haar slapen en haar haar. De boot bewoog niet
30 81| wang, haar slapen en haar haar. De boot bewoog niet meer
31 82| opengespleten en dat ik met haar in het water was gevallen.~
32 90| waren geweest, was ik met haar getrouwd! Wat is de mens
33 91| nieuwjaar. Zij vertelt me haar leven, heeft het over haar
34 91| haar leven, heeft het over haar kinderen, haar zusjes, maar
35 91| het over haar kinderen, haar zusjes, maar nooit over
36 91| zusjes, maar nooit over haar man! Waarom? Ach waarom?...
37 91| is nu vast oud... ik zou haar niet terug kennen... Ach,
38 91| goddelijk! Ze schrijft me dat haar haren helemaal grijs zijn...
39 91| zo aan het hart... Ach, haar blonde haren!... Nee, de
|