1822-ondie | ongev-zwol
bold = Main text
Par. grey = Comment text
1 9(1) | Vier Carbonari, die in 1822 meewerkten aan pogingen
2 8 | die mij de volgende dag, 31 december, in La Rochelle
3 5 | aandachtige ernst, met de aandacht die je aan dingen wijdt
4 5 | Hij las ze langzaam, met aandachtige ernst, met de aandacht die
5 81 | mijn laatste ogenblik was aangebroken, drukte ik een dikke zoen
6 10 | liet de door Richelieu aangelegde dijk achter zich, waarvan
7 31 | momenteel op een enorme aangespoelde walvis leek.~
8 9 | gebouwd, het antieke en aangrijpende decor van vroegere oorlogen,
9 34 | Ik begon aantekeningen te maken over de staat van
10 84 | niet had gezien, had hij aanvankelijk gemeend dat ze weg was!~
11 42 | bedacht alsof ik bij de ramp aanwezig was geweest, verteld worden.
12 62 | Hoe komt het toch dat de aanwezigheid van een vrouw ons zo op
13 24 | zijn op het punt dat u me aanwijst?"~
14 45 | de oudste, en alle drie aardig, maar vooral de grootste.~
15 15 | die hij noodzakelijk zou achten om onze belangen te behartigen.~
16 9 | door haar streng, ook wat achterbaks uiterlijk, een stad van
17 59 | wegkruipen tegen de romp aan de achterplecht, die ons een beetje beschutting
18 32 | strand gedrongen, terwijl de achtersteven omhoog was gekomen en als
19 41 | oudste, een blondine van achttien, fris als een bloem, en
20 11 | als ijzel, smerig om in te ademen, als uitwaseming van een
21 89 | volgende dag moesten wij afscheid nemen, na veel omhelzingen
22 8 | december, in La Rochelle afzette.~
23 14 | te trekken. Ik kwam als agent van de maatschappij, om
24 91 | Wat is dat triest... dat allemaal...!~ ~
25 57 | naar dat gele water dat almaar modderiger werd, draaide,
26 65 | geruststelde en dat ze nog altijd bang was.~
27 35 | ging ervandoor, de beide anderen grepen hun vader vast, hij
28 55 | Ik zei: "Er zit niets anders te doen dan op het schip
29 64 | stilte van het duister werd angstaanjagend, de stilte van het uitspansel,
30 9 | lijken te zijn gebouwd, het antieke en aangrijpende decor van
31 78 | vergelijken met het fantastische Ave Caesar, morituri te salutant
32 8 | ontvangen, en nog dezelfde avond nam ik de expres, die mij
33 74 | witte, gele, rode, draaiende bakens, of enorme ogen, reuzenogen
34 45 | het rode gezicht in witte bakkebaarden gevat, een echte levende
35 43 | zitten op een uitstekende balk, en de vier schetsboeken
36 34 | borende geknars, aan alle oude balken, die hij uitholt en verorbert.~
37 79 | ik mijn buurvrouw mij een ballade, een legende, wat ze maar
38 17 | ongeval, dat trouwens heel banaal was. De Marie-Joseph was
39 65 | geruststelde en dat ze nog altijd bang was.~
40 35 | misses. Ze waren duidelijk banger dan ik, toen ze die vent
41 42 | kleinste details, die ik bedacht alsof ik bij de ramp aanwezig
42 28 | Ik bedankte de kapitein en ging voor
43 43 | op de acht knieën raakten bedekt met zwarte lijntjes die
44 49 | enkele centimeters waters bedekten het zand, maar je zag al
45 54 | oceaan kwam opzetten, een bedrukkende, vochtige, ijskoude nacht.~
46 11 | gedachten tegenwerkt, je hart bedrukt, die alle kracht en alle
47 62 | schoonheid en de jeugd die ons bedwelmt, zoals wijn dat zou doen?~
48 13 | met de kapitein, een bijna beenloos mannetje, helemaal rond,
49 71 | wrak te lijf zouden gaan en beet zouden pakken, omdat het
50 65 | die ik niet versta. Ik begreep dat hij haar geruststelde
51 45 | in de groei, ook mager, behalve de oudste, en alle drie
52 15 | achten om onze belangen te behartigen.~
53 73 | ik kreeg een waanzinnige behoefte haar in mijn armen te sluiten.~
54 41 | nog de kleur van hadden behouden. Ze doen met hun zalige
55 35 | niet lang of ik stond met behulp van mijn knuisten weer op
56 74 | ogen, reuzenogen die ons bekeken, ons zochten, gretig wachtten
57 33 | was daarin niets meer te bekennen dan zand, dat tot vloer
58 28 | het stadje Saint-Martin te bekijken, dat wij nu snel naderden.~
59 34 | kromme klauwen zaten te bekrabben, het geluid van duizend
60 81 | liggen. Het meisje was op mij beland, ik had haar in mijn armen
61 15 | noodzakelijk zou achten om onze belangen te behartigen.~
62 89 | na veel omhelzingen en beloften om te schrijven. Zij vertrokken
63 27 | Dauphin te hebben gegeten, dan beloof ik u dat ge om tien voor
64 62 | onbekend Engels meisje? Ik beminde haar niet, ik kende haar
65 60 | lange uren duisternis en benauwdheid die ik door moest brengen
66 58 | vatten het idee op om naar beneden te gaan, om te schuilen
67 45 | kussentjes, de meisjes hoog op de benen, kleine waadvogels in de
68 14 | was vóór schipbreuk, en beoordelen of al het mogelijke was
69 48 | hevige kreet. De zee had ons bereikt, en zij ging ons omsluiten!~
70 32 | Eindelijk, na een uur lopen bereikte ik het. Het lag op de kant,
71 58 | maar ijskoude bries die ons beroerde en in de huid stak.~
72 59 | achterplecht, die ons een beetje beschutting bood.~
73 63 | ontroering, zoals je grond besproeit om er bloemen op te laten
74 10(2)| uit de veertiende eeuw en bestaan nog.~
75 71 | was zeker niet goed, het betekende een wisse dood als golven,
76 42 | Ze sprak een beetje beter Frans dan haar vader, en
77 41 | gerustgesteld. Ze waren betoverend, vooral de oudste, een blondine
78 68 | ik haar hand, die mij een betoverende rilling over het hele lijf
79 31 | reusachtige en bovennatuurlijke betovering. De oceaan lag daarnet nog
80 78(3)| voordat zij het strijdperk betraden.~
81 62 | zet! Is dat macht van haar bevalligheid, die ons boeit? De verleiding
82 60 | schouder van het Engelse meisje beven, wier tanden af en toe klapperden,
83 29 | cultuur, en lijkt toch dicht bevolkt, maar ik ging niet naar
84 81 | bewoog niet meer en ook wij bewogen niet meer.~
85 9 | ernstig, kies, zonder die bewonderenswaardige monumenten die Rouaan zo
86 42 | kreten van verbazing en van bewondering, en opeens hadden vader
87 81 | slapen en haar haar. De boot bewoog niet meer en ook wij bewogen
88 53 | vader aan gekropen en die bezag met bezorgde blik de onmetelijke
89 32 | hield het wrak vast, het bezat het, het wilde ook niet
90 38 | Mogen wij bezoeken 't?"~
91 53 | gekropen en die bezag met bezorgde blik de onmetelijke zee
92 32 | was al door al die reten binnengedrongen, het hield het wrak vast,
93 29 | maar ik ging niet naar het binnenland.~
94 42 | de hele familie af in het binnenste van het wrak. Zodra ze in
95 5 | En hij begon acht bladzijden te lezen in een groot Engels
96 46 | ondervragen, van die ogen, blauw als diep water, van haar
97 35 | teken waaruit zijn beroering bleek.~
98 9 | geloof van de calvinisten tot bloei kwam, en waar het complot
99 41 | van achttien, fris als een bloem, en zo fijn gebouwd, zo
100 63 | je grond besproeit om er bloemen op te laten groeien!~
101 91 | aan het hart... Ach, haar blonde haren!... Nee, de mijne
102 41 | betoverend, vooral de oudste, een blondine van achttien, fris als een
103 62 | haar bevalligheid, die ons boeit? De verleiding van de schoonheid
104 9 | geheimzinnige gaanderijen en bogengangen, die als een duurzaam decor
105 59 | ons een beetje beschutting bood.~
106 10 | vertrok puffend, alsof het boos was, voer tussen de beide
107 27 | Hij kwam uit Bordeaux. Hij vervolgde: "Het is
108 34 | die maar dooreet, met zijn borende geknars, aan alle oude balken,
109 31 | zijn van een reusachtige en bovennatuurlijke betovering. De oceaan lag
110 2 | Georges Garin. De huisknecht bracht hem een brief vol stempels
111 72 | krachtiger windstoten. Nu brak de zee een beetje en ik
112 74 | links, rechts, achter ons, brandden vuurtorens op de kust, witte,
113 45 | het waren eenvoudige en brave, prettig gestoorden, van
114 8 | feestdag te maken, toen ik een briefje van de directeur ontving,
115 43 | lijntjes die de opengereten buik van de Marie-Joseph moesten
116 78 | met het fantastische Ave Caesar, morituri te salutant uit
117 9 | stad waar het geloof van de calvinisten tot bloei kwam, en waar
118 9(1) | Vier Carbonari, die in 1822 meewerkten
119 49 | monsterlijke vlek. Amper enkele centimeters waters bedekten het zand,
120 9 | bloei kwam, en waar het complot van de vier sergeants werd
121 14 | zijn bij het proces een contra-expertise te kunnen voorleggen.~
122 29 | is heel laag, weinig in cultuur, en lijkt toch dicht bevolkt,
123 42 | verteld worden. Daarop daalde de hele familie af in het
124 30 | soort zwarte rots die ik daarginder, ver weg, ver weg boven
125 33 | vol kapot houtwerk. Er was daarin niets meer te bekennen dan
126 6 | Daarna legde hij de brief op een
127 91 | York. Ze was getrouwd, en daarvan stelde ze mij op de hoogte.
128 90 | zeker, als wij nog acht dagen samen waren geweest, was
129 33 | drong ik er ook in door. Het daglicht kwam door de kapotte luiken
130 10(2)| De torens dateren uit de veertiende eeuw en
131 27 | strand volgt, na in hotel Dauphin te hebben gegeten, dan beloof
132 8 | mij de volgende dag, 31 december, in La Rochelle afzette.~
133 31 | verdwenen in de zandplaat, zoals decors dat doen in luiken, en ik
134 81 | weten of te begrijpen wat ik deed, in de overtuiging dat mijn
135 16 | schuit was opgeroepen om deel te nemen aan de reddingspogingen.~
136 12 | golfjes, wat gekabbel, wat deining die al snel weer wegebde.~
137 11 | Het was zo'n trieste, deprimerende dag, die je gedachten tegenwerkt,
138 27 | de zee zich terugtrekt, des te rapper ze ook weeromkomt.
139 8 | instructies te ontvangen, en nog dezelfde avond nam ik de expres,
140 11 | ijskoude dag, vervuild door dichte mist, vochtig als regen,
141 29 | haventjes die tot hoofdstad dienen van al die schrale eilandjes
142 41 | ontsproten aan onbekende diepten van de oceaan.~
143 32 | liet als de ribben van een dier zijn gebroken botten zien,
144 60 | zwijgend zitten, weggedoken als dieren in een greppel, als het
145 10 | door Richelieu aangelegde dijk achter zich, waarvan je
146 10 | ik mij in op een zwart, dikbuikig stoombootje, dat mij naar
147 81 | aangebroken, drukte ik een dikke zoen op haar wang, haar
148 34 | zeedieren, die zich al op deze dode vestigden, en ook het zachte
149 62 | opofferen, ik had duizend doldrieste dingen willen uithalen.
150 76 | zingen, dat opsteeg in de donkere, zwijgende nacht en vervloog
151 74 | een ervan ergerde mij. Hij doofde elke dertig seconden om
152 11 | kracht en alle energie in je dooft, een grijze, ijskoude dag,
153 9 | verstrengelde straatjes, net een doolhof, waarvan de trottoirs onder
154 32 | botten van geteerd hout, doorboord met enorme spijkers. Het
155 45 | zij de winter in Biarritz doorbrachten en dat ze expres naar het
156 72 | rilling die ons tot het hart doordrong.~
157 34 | van de paalworm die maar dooreet, met zijn borende geknars,
158 12 | een beetje naar gewoonte, doorsneed die half doorzichtige, gladde
159 61 | van welzijn en vreugde mij doortrok.~
160 12 | gewoonte, doorsneed die half doorzichtige, gladde vlakte, en liet
161 57 | almaar modderiger werd, draaide, leek te koken, leek te
162 74 | kust, witte, gele, rode, draaiende bakens, of enorme ogen,
163 27 | uiterlijk bij het wrak zijt, met droge voeten, beste vriend, en
164 33 | eenmaal op het dek stond drong ik er ook in door. Het daglicht
165 80 | geest verloor zich in de droom! Een zeemeermin! Was zij
166 81 | ogenblik was aangebroken, drukte ik een dikke zoen op haar
167 35 | met drie misses. Ze waren duidelijk banger dan ik, toen ze die
168 69 | tegen de romp van het schip duidelijker. Ik kwam overeind, een windvlaag
169 27 | kust is zo plat als een duit! Gaat u weer op weg om tien
170 35 | gaan vertellen. Natuurlijk duurde het niet lang of ik stond
171 9 | bogengangen, die als een duurzaam decor voor samenzweerders
172 9 | uiterlijk, een stad van dwarse schippers, waar fanatisme
173 17 | Sahara, dat is te zeggen, bij eb.~
174 45 | bakkebaarden gevat, een echte levende sandwich, een plak
175 68 | weigerde ze. Ik had haar echter al uitgetrokken, dus ik
176 35 | ik, toen ze die vent zo een-twee-drie op dat verlaten fregat hadden
177 31 | reiken vandoor, ik zag niet eens meer de vloedlijn die zand
178 64 | die op kwam zetten, en het eentonig kabbelen van de stroming
179 45 | verwaandheid, die lui, het waren eenvoudige en brave, prettig gestoorden,
180 34 | vreemde rilling van koude en eenzaamheid streek af en toe over mijn
181 63 | Is het niet eerder een soort beroering van
182 77 | Eerst kreeg ik zin om te lachen,
183 71 | en ontwricht was dat de eerste enigszins hoge golf het
184 10(2)| dateren uit de veertiende eeuw en bestaan nog.~
185 45 | prettig gestoorden, van die eeuwig zoekenden met wie Engeland
186 36 | sprak: "O meneer, ben jij de eigener van dit schip?"~
187 57 | of een halfuur, ik weet eigenlijk niet meer hoelang, om ons
188 29 | radijs en van mosselen. Het eiland is heel laag, weinig in
189 29 | dienen van al die schrale eilandjes die langs het vasteland
190 32 | verrassende proporties aan. Eindelijk, na een uur lopen bereikte
191 46 | of no te zeggen, dat ik eindeloos naar haar had kunnen blijven
192 91 | sinds die tijd schrijven wij elk jaar, met nieuwjaar. Zij
193 11 | die alle kracht en alle energie in je dooft, een grijze,
194 45 | eeuwig zoekenden met wie Engeland de wereld overspoelt. De
195 53 | De beide kleine Engelsen waren tegen hun vader aan
196 71 | ontwricht was dat de eerste enigszins hoge golf het in zou laten
197 74 | zouden zijn. Vooral een ervan ergerde mij. Hij doofde elke dertig
198 9 | is de oude hugenotenstad, ernstig, kies, zonder die bewonderenswaardige
199 27 | kwartier tot twee uur hebt om erop te blijven, niet meer zunne,
200 12 | water. De Jean-Guiton voer eroverheen en slingerde een beetje
201 14 | wat losgemaakt kan worden eruit hadden moeten halen. Ik
202 35 | jongste van de meisjes ging ervandoor, de beide anderen grepen
203 13 | zijn schuit en in hetzelfde evenwicht. Ik wilde wat details over
204 42 | worden. Daarop daalde de hele familie af in het binnenste van
205 9 | van dwarse schippers, waar fanatisme kan ontluiken, de stad waar
206 78 | iets te vergelijken met het fantastische Ave Caesar, morituri te
207 8 | eenmaal van die dag een feestdag te maken, toen ik een briefje
208 41 | fris als een bloem, en zo fijn gebouwd, zo schattig! Echt
209 79 | kwamen traag uit haar mond en fladderden als gewonde vogels over
210 42 | Ze sprak een beetje beter Frans dan haar vader, en diende
211 9(1) | meewerkten aan pogingen de Franse monarchie omver te werpen.~
212 41 | een blondine van achttien, fris als een bloem, en zo fijn
213 41 | Ze doen met hun zalige frisheid denken aan die tedere kleuren
214 8 | ontving, die mij opdracht gaf onmiddellijk naar het Île
215 2 | mij oude vriend Georges Garin. De huisknecht bracht hem
216 85 | bij ons. Ik riep, er werd geantwoord. Het was een boot die ons
217 78 | veroordeelden, iets als een gebed, en ook iets hogers, iets
218 91 | Ach... tja... wie weet?... Gebeurtenissen nemen een loopje met je...
219 86 | gehaald en naar Saint-Martin gebracht.~
220 32 | ribben van een dier zijn gebroken botten zien, zijn botten
221 14 | of al het mogelijke was gedaan het weer vlot te trekken.
222 11 | deprimerende dag, die je gedachten tegenwerkt, je hart bedrukt,
223 64 | aanhoudend schuren, het gedempte geluid van de zee die op
224 32 | weke, verraderlijke strand gedrongen, terwijl de achtersteven
225 60 | bleven tegen elkaar aan gedrukt zitten, omgeven door duisternis
226 17 | door een woeste stormvlaag gegrepen, was 's nachts uit koers
227 86 | Wij werden van ons vlot gehaald en naar Saint-Martin gebracht.~
228 9 | laag, van die gekrompen, geheimzinnige gaanderijen en bogengangen,
229 42 | ongetwijfeld verborgen hadden gehouden onder hun wijde regenkleding,
230 62 | dingen willen uithalen. Wat gek! Hoe komt het toch dat de
231 12 | achter zich wat golfjes, wat gekabbel, wat deining die al snel
232 34 | dooreet, met zijn borende geknars, aan alle oude balken, die
233 71 | pakken, omdat het toch al zo gekraakt en ontwricht was dat de
234 9 | maar dan laag, van die gekrompen, geheimzinnige gaanderijen
235 53 | waren tegen hun vader aan gekropen en die bezag met bezorgde
236 7 | jaar. Dat is twintig jaar geleden... want ik was toen dertig
237 35 | een verschijning zag. Ik geloofde echt heel even dat ik uit
238 17 | koers geslagen, voer op goed geluk over een zee van schuim - "
239 75 | Meneer, ik wens jou een gelukkig nieuwjaar."~
240 27 | veertig minuten. Als gij op uw gemak het strand volgt, na in
241 84 | gezien, had hij aanvankelijk gemeend dat ze weg was!~
242 80 | matrozen dan denken? Mijn gepijnigde geest verloor zich in de
243 86 | Wij waren gered. Wat speet dat mij! Wij
244 41 | drie meisjes, die waren gerustgesteld. Ze waren betoverend, vooral
245 65 | Ik begreep dat hij haar geruststelde en dat ze nog altijd bang
246 89 | Biarritz. Het had niet veel gescheeld of ik was ze gevolgd.~
247 32 | het. Het lag op de kant, gescheurd, opengereten, en liet als
248 32 | woorden die op de zwarte romp geschilderd stonden: Marie-Joseph.~
249 32 | leek er wortel in te hebben geschoten. De voorsteven was diep
250 17 | was 's nachts uit koers geslagen, voer op goed geluk over
251 81 | wij alle vijf over het dek geslingerd, want de Marie-Joseph was
252 74 | ooglid dat onophoudelijk gesloten werd over zijn vurige blik.~
253 9 | van de vier sergeants werd gesmeed1.~
254 45 | eenvoudige en brave, prettig gestoorden, van die eeuwig zoekenden
255 13 | zandbanken van het Île de Ré gestrand.~
256 32 | botten zien, zijn botten van geteerd hout, doorboord met enorme
257 77 | krachtige en vreemde ontroering getroffen.~
258 31 | oceaan scheidde. Ik meende getuige te zijn van een reusachtige
259 16 | de Jean-Guiton kende het geval goed, doordat hij met zijn
260 82 | met haar in het water was gevallen.~
261 52 | verraderlijk als dat water. Alle gevaren die wij liepen kwamen mij
262 45 | gezicht in witte bakkebaarden gevat, een echte levende sandwich,
263 68 | Ik wilde haar mijn jas geven, maar die weigerde ze. Ik
264 29 | grond, levend van vis en gevogelte, van groente en schaaldieren,
265 89 | veel gescheeld of ik was ze gevolgd.~
266 82 | waar, dat ogenblik had ik gewild dat het schip was opengespleten
267 79 | haar mond en fladderden als gewonde vogels over de baren rond.~
268 12 | slingerde een beetje naar gewoonte, doorsneed die half doorzichtige,
269 14 | storm had het schip zo ver geworpen, schreef de reder, dat het
270 84 | Doordat hij de oudste niet had gezien, had hij aanvankelijk gemeend
271 10 | opmerkelijke straten had gezworven, scheepte ik mij in op een
272 27 | en veertig minuten. Als gij op uw gemak het strand volgt,
273 74 | Ginder, voor ons uit, links, rechts,
274 46 | tekening te onderbreken om te gissen, om weer aan het werk te
275 1 | Gisteren was het oudjaar.~
276 12 | doorsneed die half doorzichtige, gladde vlakte, en liet achter zich
277 78(3)| Suetonius de groet van de gladiatoren aan de keizer, voordat zij
278 49 | het stroomde niet, het gleed, het kroop, het spreidde
279 51 | Toen zei de kleine Engelse glimlachend: "Nu zijn wij de schipbreukelingen!"~
280 91 | wrak... wat een schepsel... goddelijk! Ze schrijft me dat haar
281 9 | oorlogen, heldhaftige en woeste godsdienstoorlogen. Het is de oude hugenotenstad,
282 12 | en liet achter zich wat golfjes, wat gekabbel, wat deining
283 70 | alleen maar: "Dat is not good voor ons, die..."~
284 68 | al uitgetrokken, dus ik gooide haar toch over haar heen.
285 40 | waarvan ik alleen het woord gracious verstond, dat een paar keer
286 7 | Tja, dat is een grappig verhaal dat ik je nooit
287 46 | Ze had zo'n grappige manier van spreken, van
288 17 | streek veranderen in een grenzeloze Sahara, dat is te zeggen,
289 35 | ervandoor, de beide anderen grepen hun vader vast, hij had
290 60 | weggedoken als dieren in een greppel, als het stormt. En toch,
291 74 | ons bekeken, ons zochten, gretig wachtten tot wij verdwenen
292 91 | dat haar haren helemaal grijs zijn... Mijn God!... dat
293 11 | energie in je dooft, een grijze, ijskoude dag, vervuild
294 45 | kleine waadvogels in de groei, ook mager, behalve de oudste,
295 63 | om er bloemen op te laten groeien!~
296 60 | ondanks het vreselijke en groeiende gevaar, begon ik mij blij
297 29 | van vis en gevogelte, van groente en schaaldieren, van radijs
298 78(3)| u!" Volgens Suetonius de groet van de gladiatoren aan de
299 78(3)| vaarwel, zij die gaan sterven groeten u!" Volgens Suetonius de
300 45 | drie aardig, maar vooral de grootste.~
301 14 | worden eruit hadden moeten halen. Ik moest dus de toestand
302 12 | gewoonte, doorsneed die half doorzichtige, gladde vlakte,
303 27 | geloof mij, dan stapt ge om halfacht weer op de Jean-Guiton,
304 57 | bleven zo een kwartier of een halfuur, ik weet eigenlijk niet
305 45 | levende sandwich, een plak ham in de vorm van een mensenhoofd
306 87 | Engelsman wreef zich nu in de handen en mompelde: "Een goed souper!
307 5 | lezen in een groot Engels handschrift, dat kriskras de vlakken
308 10 | torens door die over de haven waken2, stak de rede over,
309 29 | Het leek op alle haventjes die tot hoofdstad dienen
310 91 | Zij vertelt me haar leven, heeft het over haar kinderen,
311 50 | diepe poelen die we op de heenweg hadden moeten omzeilen,
312 35 | van het schip een grote heer met drie meisjes staan,
313 63 | ontroering, met verwarde, heimelijke, diepe ontroering, zoals
314 79 | toe en meteen verhief haar heldere, jonge stem zich in de nacht.
315 9 | decor van vroegere oorlogen, heldhaftige en woeste godsdienstoorlogen.
316 52 | voor de geest. Ik had zin "help!" te gaan roepen. Maar naar
317 91 | verstreken zonder dat ik iets van hen vernam, en toen kreeg ik
318 24 | Ik hernam: "Maar kapitein, er moeten
319 57 | te spelen met dat enorme heroverde wad.~
320 13 | net als zijn schuit en in hetzelfde evenwicht. Ik wilde wat
321 48 | kijken, en ik slaakte een hevige kreet. De zee had ons bereikt,
322 41 | Hij kwam boven, en toen hielpen wij de drie meisjes, die
323 6 | legde hij de brief op een hoekje van de schoorsteenmantel
324 57 | weet eigenlijk niet meer hoelang, om ons heen staan kijken,
325 71 | dat de eerste enigszins hoge golf het in zou laten storten.~
326 78 | als een gebed, en ook iets hogers, iets te vergelijken met
327 75 | Plotseling sprak hij over de hoofden van zijn dochters heen in
328 29 | op alle haventjes die tot hoofdstad dienen van al die schrale
329 45 | haren kussentjes, de meisjes hoog op de benen, kleine waadvogels
330 91 | daarvan stelde ze mij op de hoogte. En sinds die tijd schrijven
331 64 | het uitspansel, want wij hoorden om ons heen vaag een licht,
332 8 | te gaan vieren, want je hoort nu eenmaal van die dag een
333 75 | was. Dan stopte hij zijn horloge weer in zijn zak. Plotseling
334 27 | het strand volgt, na in hotel Dauphin te hebben gegeten,
335 85 | die ons zocht, doordat de hotelbaas onze onvoorzichtigheid had
336 33 | sombere kelders, vol kapot houtwerk. Er was daarin niets meer
337 9 | godsdienstoorlogen. Het is de oude hugenotenstad, ernstig, kies, zonder die
338 65 | kleinste van de meisjes huilde. Toen wilde haar vader haar
339 2 | vriend Georges Garin. De huisknecht bracht hem een brief vol
340 90 | maf, ik had dat meisje ten huwelijk willen vragen. Natuurlijk,
341 58 | het koud, en we vatten het idee op om naar beneden te gaan,
342 11 | vochtig als regen, koud als ijzel, smerig om in te ademen,
343 14 | van het wrak vaststellen, inschatten wat de staat ervan was vóór
344 9 | Ik had twee uur voor inscheping op de pont naar Ré, de Jean-Guiton.
345 44 | het skelet van het schip inspecteren.~
346 8 | Ik was toen inspecteur bij de Maatschappij voor
347 8 | tien uur naar kantoor om instructies te ontvangen, en nog dezelfde
348 41 | kleuren van roze schelpen en iriserende parels, zeldzaam, raadselachtig,
349 68 | Ik wilde haar mijn jas geven, maar die weigerde
350 19 | Jawel meneer."~
351 62 | van de schoonheid en de jeugd die ons bedwelmt, zoals
352 36 | en sprak: "O meneer, ben jij de eigener van dit schip?"~
353 79 | meteen verhief haar heldere, jonge stem zich in de nacht. Ze
354 35 | hadden zien opduiken. De jongste van de meisjes ging ervandoor,
355 75 | tot mij: "Meneer, ik wens jou een gelukkig nieuwjaar."~
356 33 | Ik beklom het kadaver van dat schip vanaf de laagste
357 27 | die u vanavond nog op de kade van La Rochelle zet."~
358 8 | Ik ging om tien uur naar kantoor om instructies te ontvangen,
359 33 | Het daglicht kwam door de kapotte luiken en door de scheuren
360 9 | echt een vreemde en heel karakterrijke stad, La Rochelle, met die
361 72 | schuim, terwijl elke golf het karkas van de Marie-Joseph raakte,
362 82 | De vader riep: "Kate!" Die ik vast had antwoordde
363 52 | maar vrees snoerde me de keel, een laffe, vreselijke,
364 40 | gracious verstond, dat een paar keer terugkeerde.~
365 33 | diende aan deze planken kelder.~
366 33 | het ware lange, sombere kelders, vol kapot houtwerk. Er
367 91 | ik zou haar niet terug kennen... Ach, die van vroeger...
368 10 | stad omgeeft als een enorme ketting, en toen boog het rechts
369 9 | hugenotenstad, ernstig, kies, zonder die bewonderenswaardige
370 20 | voorwerp, om daarop te zeggen: "Kijk, daar ligt uw schip!"~
371 23 | leek mij minstens drie kilometer voor de kust te liggen.~
372 91 | leven, heeft het over haar kinderen, haar zusjes, maar nooit
373 79 | Toen ze klaar waren vroeg ik mijn buurvrouw
374 60 | beven, wier tanden af en toe klapperden, maar ik voelde ook de zachte
375 34 | die de romp met hun kromme klauwen zaten te bekrabben, het
376 30 | hebben gegeten beklom ik een klein voorgebergte, en omdat de
377 13 | Ik begon te kletsen met de kapitein, een bijna
378 18 | Al kletsend keek ik om mij heen en voor
379 44 | Al werkend kletste de oudste dochter met mij,
380 41 | dat haar haren er nog de kleur van hadden behouden. Ze
381 41 | frisheid denken aan die tedere kleuren van roze schelpen en iriserende
382 41 | zo schattig! Echt waar, knappe Engelse vrouwen lijken net
383 43 | schetsboeken op de acht knieën raakten bedekt met zwarte
384 35 | stond met behulp van mijn knuisten weer op het dek: en ik zag
385 69 | enkele minuten werd de lucht koeler, het kabbelen van het water
386 17 | gegrepen, was 's nachts uit koers geslagen, voer op goed geluk
387 57 | modderiger werd, draaide, leek te koken, leek te spelen met dat
388 17 | een zee van schuim - "een kokende zee", had de kapitein gezegd -
389 62 | willen uithalen. Wat gek! Hoe komt het toch dat de aanwezigheid
390 62 | een vrouw ons zo op ons kop zet! Is dat macht van haar
391 34 | luisteren: het geluid van krabben die de romp met hun kromme
392 11 | je hart bedrukt, die alle kracht en alle energie in je dooft,
393 77 | lachen, toen werd ik door een krachtige en vreemde ontroering getroffen.~
394 72 | tot seconde, bij steeds krachtiger windstoten. Nu brak de zee
395 48 | en ik slaakte een hevige kreet. De zee had ons bereikt,
396 42 | gaanderijen waren, slaakten ze kreten van verbazing en van bewondering,
397 5 | Engels handschrift, dat kriskras de vlakken vulde. Hij las
398 34 | krabben die de romp met hun kromme klauwen zaten te bekrabben,
399 49 | stroomde niet, het gleed, het kroop, het spreidde zich uit als
400 62 | Waarom? Kun je dat weten? Omdat zij
401 45 | mensenhoofd tussen twee haren kussentjes, de meisjes hoog op de benen,
402 12 | zanderige zee van die eindeloze kusten roerloos, zonder beweging,
403 33 | kadaver van dat schip vanaf de laagste kant, en toen ik eenmaal
404 81 | de overtuiging dat mijn laatste ogenblik was aangebroken,
405 52 | snoerde me de keel, een laffe, vreselijke, smerige vrees,
406 12 | Onder dat lage en onheilspellende plafond
407 35 | Natuurlijk duurde het niet lang of ik stond met behulp van
408 29 | die schrale eilandjes die langs het vasteland liggen. Het
409 5 | kriskras de vlakken vulde. Hij las ze langzaam, met aandachtige
410 34 | vaartuig. Ik ging op een leeg, kapot vat zitten, en ik
411 6 | Daarna legde hij de brief op een hoekje
412 79 | buurvrouw mij een ballade, een legende, wat ze maar wilde, voor
413 8 | Verzekeringen die ik tegenwoordig leid. Ik maakte mij op om nieuwjaarsdag
414 31 | van de baren, de ruige en lekkere geur van de kust. Ik liep
415 29 | en een voet op de grond, levend van vis en gevogelte, van
416 45 | bakkebaarden gevat, een echte levende sandwich, een plak ham in
417 5 | begon acht bladzijden te lezen in een groot Engels handschrift,
418 60 | de zachte warmte van haar lichaam door de stof heen, en die
419 58 | tegen de bries, tegen de lichte maar ijskoude bries die
420 78 | onheilspellends en prachtigs, dat lied van drenkelingen, van veroordeelden,
421 52 | water. Alle gevaren die wij liepen kwamen mij tegelijk voor
422 35 | met drie meisjes staan, of liever gezegd een grote Engelsman
423 20 | daarop te zeggen: "Kijk, daar ligt uw schip!"~
424 29 | laag, weinig in cultuur, en lijkt toch dicht bevolkt, maar
425 43 | raakten bedekt met zwarte lijntjes die de opengereten buik
426 74 | Ginder, voor ons uit, links, rechts, achter ons, brandden
427 91 | Gebeurtenissen nemen een loopje met je... En dan... en dan...
428 82 | en maakte een beweging om los te komen. Echt waar, dat
429 14 | snel mogelijk alles wat losgemaakt kan worden eruit hadden
430 32 | het wilde ook niet meer loslaten. Het leek er wortel in te
431 75 | toe stak de Engelsman een lucifer aan om te kijken hoe laat
432 45 | Engelse verwaandheid, die lui, het waren eenvoudige en
433 59 | Ik boog mij over het luik. Het schip stond vol water.
434 15 | rapport moest de directeur de maatregelen nemen die hij noodzakelijk
435 90 | Ik was maf, ik had dat meisje ten huwelijk
436 45 | waadvogels in de groei, ook mager, behalve de oudste, en alle
437 45 | wereld overspoelt. De lange, magere vader, het rode gezicht
438 46 | Ze had zo'n grappige manier van spreken, van vertellen,
439 13 | kapitein, een bijna beenloos mannetje, helemaal rond, net als
440 8 | bij de Maatschappij voor Maritieme Verzekeringen die ik tegenwoordig
441 80 | zou varen, wat zouden de matrozen dan denken? Mijn gepijnigde
442 31 | van oceaan scheidde. Ik meende getuige te zijn van een
443 9(1) | Vier Carbonari, die in 1822 meewerkten aan pogingen de Franse monarchie
444 90 | haar getrouwd! Wat is de mens soms zwak en onvoorspelbaar!~
445 63 | liefde die onophoudelijk alle mensen poogt tot elkaar te brengen,
446 45 | plak ham in de vorm van een mensenhoofd tussen twee haren kussentjes,
447 35 | En plotseling hoorde ik mensenstemmen vlak bij mij. Ik sprong
448 70 | De Engelsman merkte het tegelijk met mij, en
449 31 | in luiken, en ik liep nu midden in de woestenij. Alleen
450 76 | Het was middernacht. Ik stak hem mijn hand toe,
451 91 | blonde haren!... Nee, de mijne is er niet meer... Wat is
452 23 | voor een rots, leek mij minstens drie kilometer voor de kust
453 51 | Dat was in ons hart een minuut van verschrikkelijke beklemming.
454 66 | Hebt u het niet te koud, miss?"~
455 91 | de Marie-Joseph... het is misschien de enige vrouw die ik ooit
456 35 | grote Engelsman met drie misses. Ze waren duidelijk banger
457 88 | daar niet vrolijk om, ik miste de Marie-Joseph.~
458 14 | vervolgens als dat nodig mocht zijn bij het proces een
459 57 | dat gele water dat almaar modderiger werd, draaide, leek te koken,
460 14 | trekken en dat ze zo snel mogelijk alles wat losgemaakt kan
461 14 | en beoordelen of al het mogelijke was gedaan het weer vlot
462 41 | toonde ik hem de beste mogelijkheid en stak hem de hand toe.
463 38 | Mogen wij bezoeken 't?"~
464 31 | naarmate ik naderde en dat momenteel op een enorme aangespoelde
465 9(1) | meewerkten aan pogingen de Franse monarchie omver te werpen.~
466 49 | spreidde zich uit als een monsterlijke vlek. Amper enkele centimeters
467 9 | die bewonderenswaardige monumenten die Rouaan zo schitterend
468 60 | stuk hout, zo dicht bij dat mooie en schattige meisje.~
469 78 | fantastische Ave Caesar, morituri te salutant uit de Oudheid3.~
470 29 | schaaldieren, van radijs en van mosselen. Het eiland is heel laag,
471 31 | gestrande wrak, dat groeide naarmate ik naderde en dat momenteel
472 43 | Ze waren naast elkaar gaan zitten op een
473 17 | stormvlaag gegrepen, was 's nachts uit koers geslagen, voer
474 31 | dat groeide naarmate ik naderde en dat momenteel op een
475 28 | bekijken, dat wij nu snel naderden.~
476 36 | Ne enkele seconden nam hij
477 27 | vervolgde: "Het is nu vloed, negen uur en veertig minuten.
478 91 | toen kreeg ik een brief uit New York. Ze was getrouwd, en
479 46 | lachen, van begrijpen en van niet-begrijpen, van de ogen opslaan om
480 46 | werk te slaan en yes of no te zeggen, dat ik eindeloos
481 14 | maatschappij, om vervolgens als dat nodig mocht zijn bij het proces
482 15 | maatregelen nemen die hij noodzakelijk zou achten om onze belangen
483 70 | zei alleen maar: "Dat is not good voor ons, die..."~
484 79 | iets verdrietigs, want de noten sleepten zich voort, kwamen
485 8 | was toen acht uur in de ochtend. Ik ging om tien uur naar
486 10 | stenen ziet, die de stad omgeeft als een enorme ketting,
487 60 | elkaar aan gedrukt zitten, omgeven door duisternis en water.
488 60 | even verrukkelijk als een omhelzing. We spraken niet, we bleven
489 89 | afscheid nemen, na veel omhelzingen en beloften om te schrijven.
490 32 | terwijl de achtersteven omhoog was gekomen en als het ware
491 48 | bereikt, en zij ging ons omsluiten!~
492 9(1) | pogingen de Franse monarchie omver te werpen.~
493 50 | de heenweg hadden moeten omzeilen, en waarin wij op de terugweg
494 32 | te rijzen en nam in die onafzienbare, vlakke en gele uitgestrektheid
495 62 | zij er was? Wie, zij? Een onbekend Engels meisje? Ik beminde
496 41 | raadselachtig, ontsproten aan onbekende diepten van de oceaan.~
497 46 | water, van haar tekening te onderbreken om te gissen, om weer aan
498 80 | met mij in de golven zou ondergaan?~
499 46 | de ogen opslaan om mij te ondervragen, van die ogen, blauw als
500 12 | van mist, was de taangele, ondiepe en zanderige zee van die
|