1822-ondie | ongev-zwol
bold = Main text
Par. grey = Comment text
501 17 | Hij verklaarde mij het ongeval, dat trouwens heel banaal
502 78 | Het was iets onheilspellends en prachtigs, dat lied van
503 49 | wegtrekkende vloedlijn van het onmerkbare water.~
504 53 | bezag met bezorgde blik de onmetelijke zee om ons heen.~
505 8 | ontving, die mij opdracht gaf onmiddellijk naar het Île de Ré te gaan,
506 9 | schippers, waar fanatisme kan ontluiken, de stad waar het geloof
507 41 | zeldzaam, raadselachtig, ontsproten aan onbekende diepten van
508 8 | kantoor om instructies te ontvangen, en nog dezelfde avond nam
509 15 | Na ontvangst van mijn rapport moest de
510 8 | briefje van de directeur ontving, die mij opdracht gaf onmiddellijk
511 71 | het toch al zo gekraakt en ontwricht was dat de eerste enigszins
512 90 | is de mens soms zwak en onvoorspelbaar!~
513 85 | doordat de hotelbaas onze onvoorzichtigheid had voorzien.~
514 23 | stomverbaasd. Dat zwarte, bijna onzichtbare puntje, dat ik aangezien
515 74 | was echt een oog, met een ooglid dat onophoudelijk gesloten
516 91 | misschien de enige vrouw die ik ooit heb bemind... nee... die
517 42 | van dat trieste en vreemde oord.~
518 9 | aangrijpende decor van vroegere oorlogen, heldhaftige en woeste godsdienstoorlogen.
519 8 | directeur ontving, die mij opdracht gaf onmiddellijk naar het
520 35 | verlaten fregat hadden zien opduiken. De jongste van de meisjes
521 42 | verbazing en van bewondering, en opeens hadden vader en zijn drie
522 35 | vast, hij had zijn mond opengedaan, dat was het enige teken
523 82 | gewild dat het schip was opengespleten en dat ik met haar in het
524 16 | hij met zijn schuit was opgeroepen om deel te nemen aan de
525 69 | mijn gezicht. De wind was opgestoken!~
526 81 | ik had haar in mijn armen opgevangen, en als een razende, zonder
527 34 | huid, en soms moest ik even ophouden met schrijven om naar het
528 9 | schitterend maken, maar opmerkelijk door haar streng, ook wat
529 10 | Toen ik een poosje door die opmerkelijke straten had gezworven, scheepte
530 13 | schadegeval dat ik moest gaan opnemen. Een groot volschip uit
531 62 | had mij voor haar willen opofferen, ik had duizend doldrieste
532 46 | niet-begrijpen, van de ogen opslaan om mij te ondervragen, van
533 76 | the Queen" te zingen, dat opsteeg in de donkere, zwijgende
534 54 | snel als de oceaan kwam opzetten, een bedrukkende, vochtige,
535 48 | Ik spitste mijn oren, en meteen hoorde ik een
536 91 | gaat voorbij. Ze is nu vast oud... ik zou haar niet terug
537 78 | morituri te salutant uit de Oudheid3.~
538 1 | Gisteren was het oudjaar.~
539 7 | sentimenteel verhaal, en het is mij overkomen! O, dat was een rare nieuwjaarsdag,
540 81 | begrijpen wat ik deed, in de overtuiging dat mijn laatste ogenblik
541 34 | regelmatige geluid van de paalworm die maar dooreet, met zijn
542 40 | gracious verstond, dat een paar keer terugkeerde.~
543 71 | zouden gaan en beet zouden pakken, omdat het toch al zo gekraakt
544 41 | roze schelpen en iriserende parels, zeldzaam, raadselachtig,
545 8 | mij op om nieuwjaarsdag in Parijs te gaan vieren, want je
546 34 | het geluid van duizend piepkleine zeedieren, die zich al op
547 12 | lage en onheilspellende plafond van mist, was de taangele,
548 45 | echte levende sandwich, een plak ham in de vorm van een mensenhoofd
549 33 | tot vloer diende aan deze planken kelder.~
550 27 | weeromkomt. Deze kust is zo plat als een duit! Gaat u weer
551 41 | Aangezien hij een plek zocht om naar boven te komen,
552 50 | onmogelijk vanwege de diepe poelen die we op de heenweg hadden
553 9(1) | die in 1822 meewerkten aan pogingen de Franse monarchie omver
554 9 | uur voor inscheping op de pont naar Ré, de Jean-Guiton.
555 63 | onophoudelijk alle mensen poogt tot elkaar te brengen, die
556 10 | Toen ik een poosje door die opmerkelijke straten
557 42 | tegelijkertijd begonnen aan vier potloodschetsen van dat trieste en vreemde
558 78 | iets onheilspellends en prachtigs, dat lied van drenkelingen,
559 45 | waren eenvoudige en brave, prettig gestoorden, van die eeuwig
560 14 | nodig mocht zijn bij het proces een contra-expertise te
561 32 | uitgestrektheid verrassende proporties aan. Eindelijk, na een uur
562 10 | moest brengen. Het vertrok puffend, alsof het boos was, voer
563 24 | vadem water zijn op het punt dat u me aanwijst?"~
564 23 | zwarte, bijna onzichtbare puntje, dat ik aangezien had voor
565 76 | en hij het "God Save the Queen" te zingen, dat opsteeg
566 41 | iriserende parels, zeldzaam, raadselachtig, ontsproten aan onbekende
567 72 | karkas van de Marie-Joseph raakte, en het schudde met een
568 43 | schetsboeken op de acht knieën raakten bedekt met zwarte lijntjes
569 29 | groente en schaaldieren, van radijs en van mosselen. Het eiland
570 42 | bedacht alsof ik bij de ramp aanwezig was geweest, verteld
571 27 | zich terugtrekt, des te rapper ze ook weeromkomt. Deze
572 15 | Na ontvangst van mijn rapport moest de directeur de maatregelen
573 7 | overkomen! O, dat was een rare nieuwjaarsdag, dat jaar.
574 81 | armen opgevangen, en als een razende, zonder te weten of te begrijpen
575 81 | de Marie-Joseph was op de rechterflank gaan liggen. Het meisje
576 20 | plotseling stak de kapitein zijn rechterhand uit, wees voor ons en toonde
577 62 | veroverd! Ik had haar willen redden, ik had mij voor haar willen
578 16 | om deel te nemen aan de reddingspogingen.~
579 10 | de haven waken2, stak de rede over, liet de door Richelieu
580 14 | ver geworpen, schreef de reder, dat het onmogelijk was
581 34 | vestigden, en ook het zachte en regelmatige geluid van de paalworm die
582 11 | dichte mist, vochtig als regen, koud als ijzel, smerig
583 42 | gehouden onder hun wijde regenkleding, waarop ze tegelijkertijd
584 31 | ging er zover het oog kon reiken vandoor, ik zag niet eens
585 32 | zand was al door al die reten binnengedrongen, het hield
586 31 | getuige te zijn van een reusachtige en bovennatuurlijke betovering.
587 74 | bakens, of enorme ogen, reuzenogen die ons bekeken, ons zochten,
588 32 | opengereten, en liet als de ribben van een dier zijn gebroken
589 10 | rede over, liet de door Richelieu aangelegde dijk achter zich,
590 32 | wanhoopskreet tot de hemel leek te richten, met die twee woorden die
591 32 | scheen nu uit de grond op te rijzen en nam in die onafzienbare,
592 73 | Het meisje rilde, ik voelde haar trillen
593 11 | als uitwaseming van een riool.~
594 9 | zuilengangen zoals die in de Rue de Rivoli, maar dan laag, van die
595 52 | had zin "help!" te gaan roepen. Maar naar wie?~
596 31 | water bleven mij nog. Ik rook de geur van het wier, de
597 9 | bewonderenswaardige monumenten die Rouaan zo schitterend maken, maar
598 41 | aan die tedere kleuren van roze schelpen en iriserende parels,
599 9 | zuilengangen zoals die in de Rue de Rivoli, maar dan laag,
600 31 | de geur van de baren, de ruige en lekkere geur van de kust.
601 35 | uit dat onheilspellende ruim twee drenkelingen zou zien
602 17 | stormvlaag gegrepen, was 's nachts uit koers geslagen,
603 17 | veranderen in een grenzeloze Sahara, dat is te zeggen, bij eb.~
604 78 | Ave Caesar, morituri te salutant uit de Oudheid3.~
605 90 | als wij nog acht dagen samen waren geweest, was ik met
606 9 | een duurzaam decor voor samenzweerders lijken te zijn gebouwd,
607 45 | gevat, een echte levende sandwich, een plak ham in de vorm
608 76 | dochters en hij het "God Save the Queen" te zingen, dat
609 29 | gevogelte, van groente en schaaldieren, van radijs en van mosselen.
610 13 | wilde wat details over het schadegeval dat ik moest gaan opnemen.
611 41 | en zo fijn gebouwd, zo schattig! Echt waar, knappe Engelse
612 60 | zo dicht bij dat mooie en schattige meisje.~
613 32 | Het scheen nu uit de grond op te rijzen
614 33 | en door de scheuren in de scheepswand, en verlichtte op trieste
615 10 | opmerkelijke straten had gezworven, scheepte ik mij in op een zwart,
616 31 | vloedlijn die zand van oceaan scheidde. Ik meende getuige te zijn
617 41 | tedere kleuren van roze schelpen en iriserende parels, zeldzaam,
618 91 | van het wrak... wat een schepsel... goddelijk! Ze schrijft
619 34 | het licht van een grote scheur waardoorheen ik de eindeloze
620 33 | kapotte luiken en door de scheuren in de scheepswand, en verlichtte
621 51 | glimlachend: "Nu zijn wij de schipbreukelingen!"~
622 9 | uiterlijk, een stad van dwarse schippers, waar fanatisme kan ontluiken,
623 9 | monumenten die Rouaan zo schitterend maken, maar opmerkelijk
624 83 | Engelsman vervolgde: "Een beetje schommelen, het is niets. Ik heb mij
625 62 | boeit? De verleiding van de schoonheid en de jeugd die ons bedwelmt,
626 6 | brief op een hoekje van de schoorsteenmantel en sprak:~ ~
627 29 | hoofdstad dienen van al die schrale eilandjes die langs het
628 91 | schepsel... goddelijk! Ze schrijft me dat haar haren helemaal
629 58 | naar beneden te gaan, om te schuilen tegen de bries, tegen de
630 64 | vaag een licht, aanhoudend schuren, het gedempte geluid van
631 7 | verteld, maar toch ook een sentimenteel verhaal, en het is mij overkomen!
632 9 | het complot van de vier sergeants werd gesmeed1.~
633 44 | met mij, en ik bleef het skelet van het schip inspecteren.~
634 48 | spleet te kijken, en ik slaakte een hevige kreet. De zee
635 42 | verlichte gaanderijen waren, slaakten ze kreten van verbazing
636 46 | om weer aan het werk te slaan en yes of no te zeggen,
637 81 | zoen op haar wang, haar slapen en haar haar. De boot bewoog
638 91 | waarom?... Ik, ik heb het slechts over de Marie-Joseph...
639 79 | verdrietigs, want de noten sleepten zich voort, kwamen traag
640 12 | Jean-Guiton voer eroverheen en slingerde een beetje naar gewoonte,
641 80 | De zee zwol aan, sloeg nu tegen het wrak. En ik,
642 73 | behoefte haar in mijn armen te sluiten.~
643 11 | als regen, koud als ijzel, smerig om in te ademen, als uitwaseming
644 52 | een laffe, vreselijke, smerige vrees, verraderlijk als
645 49 | stroomde met wonderlijke snelheid naar de kust. Nee, het stroomde
646 65 | Plotseling hoorde ik snikken. De kleinste van de meisjes
647 52 | wilde lachen, maar vrees snoerde me de keel, een laffe, vreselijke,
648 88 | En inderdaad soupeerden wij. Ik was daar niet vrolijk
649 86 | Wij waren gered. Wat speet dat mij! Wij werden van
650 57 | leek te koken, leek te spelen met dat enorme heroverde
651 32 | hout, doorboord met enorme spijkers. Het zand was al door al
652 48 | Ik spitste mijn oren, en meteen hoorde
653 48 | Ik stond op om door de spleet te kijken, en ik slaakte
654 60 | verrukkelijk als een omhelzing. We spraken niet, we bleven roerloos
655 49 | het gleed, het kroop, het spreidde zich uit als een monsterlijke
656 35 | mensenstemmen vlak bij mij. Ik sprong op alsof ik een verschijning
657 28 | stoomboot zitten, om naar het stadje Saint-Martin te bekijken,
658 27 | voor vijf, geloof mij, dan stapt ge om halfacht weer op de
659 72 | seconde tot seconde, bij steeds krachtiger windstoten. Nu
660 30 | boven het water uit zag steken.~
661 91 | was getrouwd, en daarvan stelde ze mij op de hoogte. En
662 79 | beklemming te doen vergeten. Ze stemde erin toe en meteen verhief
663 2 | bracht hem een brief vol stempels en vreemde zegels.~
664 10 | wateroppervlak de enorme stenen ziet, die de stad omgeeft
665 78(3)| Keizer vaarwel, zij die gaan sterven groeten u!" Volgens Suetonius
666 12 | troebel water, vet water, stilstaand water. De Jean-Guiton voer
667 60 | van haar lichaam door de stof heen, en die warmte was
668 23 | Ik was stomverbaasd. Dat zwarte, bijna onzichtbare
669 28 | kapitein en ging voor op de stoomboot zitten, om naar het stadje
670 10 | op een zwart, dikbuikig stoombootje, dat mij naar het Île de
671 75 | kijken hoe laat het was. Dan stopte hij zijn horloge weer in
672 14 | De storm had het schip zo ver geworpen,
673 13 | Marie-Joseph, was op een stormachtige nacht op de zandbanken van
674 60 | in een greppel, als het stormt. En toch, ondanks alles,
675 17 | Marie-Joseph was door een woeste stormvlaag gegrepen, was 's nachts
676 71 | hoge golf het in zou laten storten.~
677 9 | Rochelle, met die verstrengelde straatjes, net een doolhof, waarvan
678 10 | poosje door die opmerkelijke straten had gezworven, scheepte
679 9 | maar opmerkelijk door haar streng, ook wat achterbaks uiterlijk,
680 68 | over haar heen. In de korte strijd trof ik haar hand, die mij
681 78(3)| keizer, voordat zij het strijdperk betraden.~
682 64 | eentonig kabbelen van de stroming tegen de boot.~
683 60 | door moest brengen op dat stuk hout, zo dicht bij dat mooie
684 78(3)| sterven groeten u!" Volgens Suetonius de groet van de gladiatoren
685 38 | Mogen wij bezoeken 't?"~
686 65 | begonnen zij te spreken in hun taal, die ik niet versta. Ik
687 12 | plafond van mist, was de taangele, ondiepe en zanderige zee
688 60 | Engelse meisje beven, wier tanden af en toe klapperden, maar
689 41 | frisheid denken aan die tedere kleuren van roze schelpen
690 41 | Engelse vrouwen lijken net teer zeefruit. Het was net alsof
691 42 | regenkleding, waarop ze tegelijkertijd begonnen aan vier potloodschetsen
692 11 | deprimerende dag, die je gedachten tegenwerkt, je hart bedrukt, die alle
693 8 | Maritieme Verzekeringen die ik tegenwoordig leid. Ik maakte mij op om
694 35 | opengedaan, dat was het enige teken waaruit zijn beroering bleek.~
695 46 | als diep water, van haar tekening te onderbreken om te gissen,
696 90 | was maf, ik had dat meisje ten huwelijk willen vragen.
697 91 | oud... ik zou haar niet terug kennen... Ach, die van vroeger...
698 40 | verstond, dat een paar keer terugkeerde.~
699 27 | Hoe verder de zee zich terugtrekt, des te rapper ze ook weeromkomt.
700 30 | en omdat de zee nu snel terugtrok, ging ik over het zand naar
701 50 | omzeilen, en waarin wij op de terugweg zouden wegzinken.~
702 76 | dochters en hij het "God Save the Queen" te zingen, dat opsteeg
703 91 | de hoogte. En sinds die tijd schrijven wij elk jaar,
704 14 | moeten halen. Ik moest dus de toestand van het wrak vaststellen,
705 42 | haar vader, en diende tot tolk. De schipbreuk moest tot
706 79 | sleepten zich voort, kwamen traag uit haar mond en fladderden
707 91 | niet meer... Wat is dat triest... dat allemaal...!~ ~
708 73 | meisje rilde, ik voelde haar trillen tegen mij aan, en ik kreeg
709 12 | zonder leven, een zee vol troebel water, vet water, stilstaand
710 68 | heen. In de korte strijd trof ik haar hand, die mij een
711 65 | Toen wilde haar vader haar troosten, en begonnen zij te spreken
712 9 | een doolhof, waarvan de trottoirs onder eindeloze gaanderijen
713 17 | verklaarde mij het ongeval, dat trouwens heel banaal was. De Marie-Joseph
714 7 | nieuwjaarsdag, dat jaar. Dat is twintig jaar geleden... want ik
715 17 | kapitein gezegd - en was op die uitgestrekte zandbanken gelopen die de
716 68 | ze. Ik had haar echter al uitgetrokken, dus ik gooide haar toch
717 62 | doldrieste dingen willen uithalen. Wat gek! Hoe komt het toch
718 34 | alle oude balken, die hij uitholt en verorbert.~
719 63 | brengen, die haar macht uitprobeert zodra man en vrouw oog in
720 64 | angstaanjagend, de stilte van het uitspansel, want wij hoorden om ons
721 43 | elkaar gaan zitten op een uitstekende balk, en de vier schetsboeken
722 11 | smerig om in te ademen, als uitwaseming van een riool.~
723 60 | gevaar, blij met die lange uren duisternis en benauwdheid
724 64 | wij hoorden om ons heen vaag een licht, aanhoudend schuren,
725 34 | maken over de staat van het vaartuig. Ik ging op een leeg, kapot
726 78(3)| Keizer vaarwel, zij die gaan sterven groeten
727 34 | met schrijven om naar het vage en raadselachtige geluid
728 33 | het kadaver van dat schip vanaf de laagste kant, en toen
729 27 | op de Jean-Guiton, die u vanavond nog op de kade van La Rochelle
730 31 | zover het oog kon reiken vandoor, ik zag niet eens meer de
731 50 | die vlucht was onmogelijk vanwege de diepe poelen die we op
732 22 | Ja vanzelf."~
733 80 | schip nu vlakbij voorbij zou varen, wat zouden de matrozen
734 29 | eilandjes die langs het vasteland liggen. Het was een groot
735 80 | van de zee, die mij had vastgehouden op dit vermolmde schip en
736 14 | de toestand van het wrak vaststellen, inschatten wat de staat
737 34 | ging op een leeg, kapot vat zitten, en ik schreef in
738 58 | meisjes kreeg het koud, en we vatten het idee op om naar beneden
739 31 | snel over die gele vlakte, veerkrachtig als vlees, die leek onder
740 10(2)| De torens dateren uit de veertiende eeuw en bestaan nog.~
741 27 | is nu vloed, negen uur en veertig minuten. Als gij op uw gemak
742 83 | heb mij drie dochters nog veilig."~
743 35 | banger dan ik, toen ze die vent zo een-twee-drie op dat
744 17 | de kust van deze streek veranderen in een grenzeloze Sahara,
745 42 | slaakten ze kreten van verbazing en van bewondering, en opeens
746 42 | hand, die ze ongetwijfeld verborgen hadden gehouden onder hun
747 27 | zunne, dan zit ge vast. Hoe verder de zee zich terugtrekt,
748 79 | Ze zong ongetwijfeld iets verdrietigs, want de noten sleepten
749 72 | witte strepen verschijnen en verdwijnen, strepen schuim, terwijl
750 78 | ook iets hogers, iets te vergelijken met het fantastische Ave
751 79 | onze beklemming te doen vergeten. Ze stemde erin toe en meteen
752 79 | stemde erin toe en meteen verhief haar heldere, jonge stem
753 17 | Hij verklaarde mij het ongeval, dat trouwens
754 35 | zo een-twee-drie op dat verlaten fregat hadden zien opduiken.
755 62 | bevalligheid, die ons boeit? De verleiding van de schoonheid en de
756 42 | ze in die sombere, amper verlichte gaanderijen waren, slaakten
757 33 | scheuren in de scheepswand, en verlichtte op trieste wijze die als
758 80 | denken? Mijn gepijnigde geest verloor zich in de droom! Een zeemeermin!
759 80 | had vastgehouden op dit vermolmde schip en die zo meteen met
760 91 | zonder dat ik iets van hen vernam, en toen kreeg ik een brief
761 78 | lied van drenkelingen, van veroordeelden, iets als een gebed, en
762 34 | balken, die hij uitholt en verorbert.~
763 62 | ik voelde me vertederd, veroverd! Ik had haar willen redden,
764 52 | vreselijke, smerige vrees, verraderlijk als dat water. Alle gevaren
765 32 | voorsteven was diep in dat weke, verraderlijke strand gedrongen, terwijl
766 32 | en gele uitgestrektheid verrassende proporties aan. Eindelijk,
767 60 | die warmte was mij even verrukkelijk als een omhelzing. We spraken
768 72 | duisternis witte strepen verschijnen en verdwijnen, strepen schuim,
769 35 | Ik sprong op alsof ik een verschijning zag. Ik geloofde echt heel
770 51 | ons hart een minuut van verschrikkelijke beklemming. Toen zei de
771 65 | in hun taal, die ik niet versta. Ik begreep dat hij haar
772 40 | alleen het woord gracious verstond, dat een paar keer terugkeerde.~
773 91 | Twee jaar verstreken zonder dat ik iets van hen
774 9 | stad, La Rochelle, met die verstrengelde straatjes, net een doolhof,
775 62 | haar niet, en ik voelde me vertederd, veroverd! Ik had haar willen
776 91 | jaar, met nieuwjaar. Zij vertelt me haar leven, heeft het
777 10 | de Ré moest brengen. Het vertrok puffend, alsof het boos
778 89 | beloften om te schrijven. Zij vertrokken naar Biarritz. Het had niet
779 76 | donkere, zwijgende nacht en vervloog in de ruimte.~
780 14 | van de maatschappij, om vervolgens als dat nodig mocht zijn
781 11 | een grijze, ijskoude dag, vervuild door dichte mist, vochtig
782 45 | hadden niets van de Engelse verwaandheid, die lui, het waren eenvoudige
783 63 | overspoelt met ontroering, met verwarde, heimelijke, diepe ontroering,
784 8 | gaan, waar een door ons verzekerd fregat uit Saint-Nazaire
785 8 | Maatschappij voor Maritieme Verzekeringen die ik tegenwoordig leid.
786 34 | die zich al op deze dode vestigden, en ook het zachte en regelmatige
787 12 | een zee vol troebel water, vet water, stilstaand water.
788 54 | De nacht viel, even snel als de oceaan
789 8 | nieuwjaarsdag in Parijs te gaan vieren, want je hoort nu eenmaal
790 7 | toen dertig en nu ben ik vijftig!~
791 29 | op de grond, levend van vis en gevogelte, van groente
792 29 | liggen. Het was een groot vissersdorp, met een voet in het water
793 80 | zeemeerminnen. Als een schip nu vlakbij voorbij zou varen, wat zouden
794 32 | nam in die onafzienbare, vlakke en gele uitgestrektheid
795 5 | handschrift, dat kriskras de vlakken vulde. Hij las ze langzaam,
796 31 | vlakte, veerkrachtig als vlees, die leek onder mijn voet
797 49 | uit als een monsterlijke vlek. Amper enkele centimeters
798 27 | Hij vervolgde: "Het is nu vloed, negen uur en veertig minuten.
799 33 | bekennen dan zand, dat tot vloer diende aan deze planken
800 50 | ik hield hem tegen, die vlucht was onmogelijk vanwege de
801 11 | vervuild door dichte mist, vochtig als regen, koud als ijzel,
802 54 | opzetten, een bedrukkende, vochtige, ijskoude nacht.~
803 47 | Plotseling mompelde zij: "Ik voel een kleine beweging in deze
804 60 | gevaar, begon ik mij blij te voelen dat ik daar was, blij met
805 79 | en fladderden als gewonde vogels over de baren rond.~
806 18 | de verte kon werpen. Wij volgden een kust. Ik vroeg: "Is
807 78(3)| gaan sterven groeten u!" Volgens Suetonius de groet van de
808 27 | gij op uw gemak het strand volgt, na in hotel Dauphin te
809 20 | voor ons en toonde mij in volle zee een bijna niet waar
810 13 | gaan opnemen. Een groot volschip uit Saint-Nazaire, de Marie-Joseph,
811 75 | van zijn dochters heen in volslagen ernst tot mij: "Meneer,
812 14 | inschatten wat de staat ervan was vóór schipbreuk, en beoordelen
813 78(3)| gladiatoren aan de keizer, voordat zij het strijdperk betraden.~
814 30 | gegeten beklom ik een klein voorgebergte, en omdat de zee nu snel
815 14 | contra-expertise te kunnen voorleggen.~
816 43 | de Marie-Joseph moesten voorstellen.~
817 79 | want de noten sleepten zich voort, kwamen traag uit haar mond
818 20 | bijna niet waar te nemen voorwerp, om daarop te zeggen: "Kijk,
819 85 | onze onvoorzichtigheid had voorzien.~
820 45 | sandwich, een plak ham in de vorm van een mensenhoofd tussen
821 90 | meisje ten huwelijk willen vragen. Natuurlijk, zeker, als
822 48 | meteen hoorde ik een licht, vreemd aanhoudend geluid. Wat was
823 61 | vreemde gevoel van welzijn en vreugde mij doortrok.~
824 18 | hemel bleef nog een ruimte vrij waar je een blik in de verte
825 26 | Honderd vadem, beste vrind!... Nog geen twee, dat zeg
826 91 | terug kennen... Ach, die van vroeger... die van het wrak... wat
827 9 | en aangrijpende decor van vroegere oorlogen, heldhaftige en
828 88 | soupeerden wij. Ik was daar niet vrolijk om, ik miste de Marie-Joseph.~
829 41 | Echt waar, knappe Engelse vrouwen lijken net teer zeefruit.
830 5 | dat kriskras de vlakken vulde. Hij las ze langzaam, met
831 74 | gesloten werd over zijn vurige blik.~
832 74 | rechts, achter ons, brandden vuurtorens op de kust, witte, gele,
833 45 | hoog op de benen, kleine waadvogels in de groei, ook mager,
834 73 | mij aan, en ik kreeg een waanzinnige behoefte haar in mijn armen
835 34 | licht van een grote scheur waardoorheen ik de eindeloze uitgestrektheid
836 50 | hadden moeten omzeilen, en waarin wij op de terugweg zouden
837 34 | uitgestrektheid van het wad kon waarnemen. Een vreemde rilling van
838 42 | hun wijde regenkleding, waarop ze tegelijkertijd begonnen
839 35 | dat was het enige teken waaruit zijn beroering bleek.~
840 74 | bekeken, ons zochten, gretig wachtten tot wij verdwenen zouden
841 10 | torens door die over de haven waken2, stak de rede over, liet
842 31 | een enorme aangespoelde walvis leek.~
843 9 | Jean-Guiton. Ik maakte een wandeling door de stad. Het is echt
844 81 | ik een dikke zoen op haar wang, haar slapen en haar haar.
845 32 | gekomen en als het ware een wanhoopskreet tot de hemel leek te richten,
846 10 | zich, waarvan je aan het wateroppervlak de enorme stenen ziet, die
847 49 | Amper enkele centimeters waters bedekten het zand, maar
848 27 | terugtrekt, des te rapper ze ook weeromkomt. Deze kust is zo plat als
849 20 | kapitein zijn rechterhand uit, wees voor ons en toonde mij in
850 12 | deining die al snel weer wegebde.~
851 60 | roerloos zwijgend zitten, weggedoken als dieren in een greppel,
852 59 | stond vol water. Wij moesten wegkruipen tegen de romp aan de achterplecht,
853 49 | maar je zag al niet meer de wegtrekkende vloedlijn van het onmerkbare
854 50 | wij op de terugweg zouden wegzinken.~
855 68 | mijn jas geven, maar die weigerde ze. Ik had haar echter al
856 29 | Het eiland is heel laag, weinig in cultuur, en lijkt toch
857 32 | voorsteven was diep in dat weke, verraderlijke strand gedrongen,
858 61 | waarom dat vreemde gevoel van welzijn en vreugde mij doortrok.~
859 75 | ernst tot mij: "Meneer, ik wens jou een gelukkig nieuwjaar."~
860 45 | zoekenden met wie Engeland de wereld overspoelt. De lange, magere
861 46 | gissen, om weer aan het werk te slaan en yes of no te
862 44 | Al werkend kletste de oudste dochter
863 42 | hadden gehouden onder hun wijde regenkleding, waarop ze
864 5 | aandacht die je aan dingen wijdt die je na aan het hart liggen.~
865 62 | die ons bedwelmt, zoals wijn dat zou doen?~
866 33 | en verlichtte op trieste wijze die als het ware lange,
867 69 | streek over mijn gezicht. De wind was opgestoken!~
868 72 | seconde, bij steeds krachtiger windstoten. Nu brak de zee een beetje
869 69 | duidelijker. Ik kwam overeind, een windvlaag streek over mijn gezicht.
870 45 | Ik hoorde dat zij de winter in Biarritz doorbrachten
871 71 | goed, het betekende een wisse dood als golven, zelfs zwakke,
872 31 | ik liep nu midden in de woestenij. Alleen het gevoel, de lucht
873 49 | omgaf ons en stroomde met wonderlijke snelheid naar de kust. Nee,
874 32 | te richten, met die twee woorden die op de zwarte romp geschilderd
875 32 | meer loslaten. Het leek er wortel in te hebben geschoten.
876 87 | De Engelsman wreef zich nu in de handen en
877 91 | kreeg ik een brief uit New York. Ze was getrouwd, en daarvan
878 75 | zijn horloge weer in zijn zak. Plotseling sprak hij over
879 41 | behouden. Ze doen met hun zalige frisheid denken aan die
880 12 | de taangele, ondiepe en zanderige zee van die eindeloze kusten
881 31 | was hij verdwenen in de zandplaat, zoals decors dat doen in
882 34 | romp met hun kromme klauwen zaten te bekrabben, het geluid
883 34 | geluid van duizend piepkleine zeedieren, die zich al op deze dode
884 41 | vrouwen lijken net teer zeefruit. Het was net alsof ze uit
885 80 | stem. En ik dacht ook aan zeemeerminnen. Als een schip nu vlakbij
886 26 | vrind!... Nog geen twee, dat zeg ik u!..."~
887 2 | vol stempels en vreemde zegels.~
888 41 | schelpen en iriserende parels, zeldzaam, raadselachtig, ontsproten
889 71 | een wisse dood als golven, zelfs zwakke, het wrak te lijf
890 64 | geluid van de zee die op kwam zetten, en het eentonig kabbelen
891 10 | wateroppervlak de enorme stenen ziet, die de stad omgeeft als
892 27 | uur uiterlijk bij het wrak zijt, met droge voeten, beste
893 74 | reuzenogen die ons bekeken, ons zochten, gretig wachtten tot wij
894 45 | gestoorden, van die eeuwig zoekenden met wie Engeland de wereld
895 81 | aangebroken, drukte ik een dikke zoen op haar wang, haar slapen
896 68 | rilling over het hele lijf zond.~
897 79 | stem zich in de nacht. Ze zong ongetwijfeld iets verdrietigs,
898 31 | het gevoel, de lucht van zout water bleven mij nog. Ik
899 31 | in de verte, zij ging er zover het oog kon reiken vandoor,
900 9 | eindeloze gaanderijen lopen, zuilengangen zoals die in de Rue de Rivoli,
901 27 | erop te blijven, niet meer zunne, dan zit ge vast. Hoe verder
902 91 | over haar kinderen, haar zusjes, maar nooit over haar man!
903 90 | getrouwd! Wat is de mens soms zwak en onvoorspelbaar!~
904 71 | wisse dood als golven, zelfs zwakke, het wrak te lijf zouden
905 18 | Tussen de oceaan en de zware hemel bleef nog een ruimte
906 10 | scheepte ik mij in op een zwart, dikbuikig stoombootje,
907 31 | leek onder mijn voet te zweten. Daarnet was het daar nog
908 60 | niet, we bleven roerloos zwijgend zitten, weggedoken als dieren
909 76 | dat opsteeg in de donkere, zwijgende nacht en vervloog in de
910 80 | De zee zwol aan, sloeg nu tegen het
|