Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
dan 29
dank 1
darmen 2
dat 85
de 190
deden 1
deed 8
Frequency    [«  »]
132 en
116 het
97 een
85 dat
79 van
77 zijn
71 ik
Guy de Maupassant
Vader en zoon Hautot

IntraText - Concordances

dat

   Part
1 I | voorhand op over het wild dat zijn genodigden op zijn 2 I | studies gezet, uit angst dat zijn zoon een heer zou worden 3 I | schoeisel goed aan te krijgen dat nogal hard was, nog niet 4 I | weizakken volgden. Het was dat plechtige ogenblik waarop 5 I | Plotseling klonk het, dat schot! Vader Hautot had 6 I | maken. Jij weet ook wel dat je moeder zeven jaar geleden 7 I | is gestorven nietwaar, en dat ik niet ouder ben dan vijfenveertig, 8 I | negentiende ben getrouwd. Dat klopt toch?' ~De zoon stamelde: ' 9 I | De zoon stamelde: 'Ja, dat klopt.'~'Jouw moeder is 10 I | De zoon antwoordde: 'Nee, dat klopt.'~De vader begon te 11 I | vervolgde hij: 'God, wat doet dat zeer! Wel, je moet het begrijpen. 12 I | van je moeder nemen, want dat had ik haar beloofd. Dus... 13 I | tweede deur - ik zeg je dat nu, vergeet het niet - maar 14 I | niet - maar een vrouwtje dat heel aardig voor mij is 15 I | Ja vader.'~'Ik zeg je dat het een brave meid is, maar 16 I | maar echt een brave, en dat ik haar, als jij er niet 17 I | drie samen hebben gewoond, dat ik haar dan mee hier naartoe 18 I | testament kunnen maken... dat heb ik niet gedaan! Dat 19 I | dat heb ik niet gedaan! Dat heb ik niet gewild... want 20 I | dingen niet vastleggen... dat soort dingen niet... dat 21 I | dat soort dingen niet... dat is veel te lastig voor de 22 I | alles in het honderd... dat richt iedereen te gronde! 23 I | Als ik rijk ben, dan is dat omdat ik het van mijn leven 24 I | geen testament gemaakt... dat wilde ik niet... en verder 25 I | kortom. Ik dacht bij mezelf dat ik jou tegen het eind dit 26 I | en je dan zou vragen om dat vrouwtje niet te vergeten: 27 I | ben - en zorg er dan voor dat zij zich over mijn nagedachtenis 28 I | Die dag verwacht ze me. Dat is mijn dag, al zes jaar. 29 I | ze huilen!... Ik zeg je dat alles, omdat ik jou goed 30 I | pastoor evenmin. Het gebeurt, dat weet iedereen, maar je praat 31 I | familie is, want familie, dat is allen voor ŽŽn. Dat begrijp 32 I | dat is allen voor ŽŽn. Dat begrijp je?' ~'Ja vader.'~' 33 I | gaat er zelf heen. Ik wil dat je voor alles zorgt.'~'Ja 34 I | niet meer vertellen. Is dat gezworen?'~'Ja vader.'~' 35 I | gezworen?'~'Ja vader.'~'Dat is goed, mijn zoon. Omhels 36 I | pijp aan Maarten geven, dat weet ik zeker. Zeg ze maar 37 I | weet ik zeker. Zeg ze maar dat ze binnen kunnen komen.' ~ 38 I | door een teken aan te geven dat hij nog bij zinnen was. ~ 39 I | knielende personeel, zonder dat een enkele beweging van 40 I | van zijn gezicht verried dat hij nog leefde. ~Hij stierf 41 II | verdrietig toen hij wakker werd dat hij zich afvroeg hoe hij 42 II | hij erover na te denken dat hij, om te gehoorzamen aan 43 II | naar Rouaan zou moeten, om dat meisje Caroline Donet te 44 II | deur. Hij had die naam en dat adres een ontelbaar aantal 45 II | omstandigheden had hij over dat goede pak niet de blauwe 46 II | dringen omdat ze wisten dat hij rijk was, en weigerde 47 II | Daarop aarzelde hij. Tot op dat moment had hij als een automaat 48 II | vernederd bij het denkbeeld dat hij als zoon tegenover die 49 II | beperkte eerlijkheid van boer, dat alles roerde zich in hem, 50 II | trok eraan. ~Het geklingel dat uit het belendende vertrek 51 II | wijn nog onaangebroken. Dat was de plek van zijn vader, 52 II | verwacht. Het was zijn brood dat hij zag, dat hij daar herkende 53 II | zijn brood dat hij zag, dat hij daar herkende vlak naast 54 II | jacht.'~Ze was zo getroffen dat ze roerloos bleef zitten. 55 II | onhoorbare stem: 'O nee, dat kan toch niet!' ~En toen, 56 II | Vervolgens begreep hij dat het plotseling verdriet 57 II | die zijn vader beweende en dat kind dat zijn moeder verdedigde. 58 II | vader beweende en dat kind dat zijn moeder verdedigde. 59 II | De kleine, die meende dat zij was gekalmeerd, was 60 II | mij nagelaten. Ik wil niet dat u zich te beklagen zult 61 II | luistert u goed... dan is dat niet voor mij... nee, nee, 62 II | Dan is het voor de kleine. Dat goed moet ook op zijn naam 63 II | maar weer. Wanneer wilt u dat wij het hierover hebben?' ~ 64 II | te hoeven nadenken merkte dat zij met haar hele arme vrouwenhart 65 II | weer terug bij het ongeluk, dat hij met al diezelfde details 66 II | Maar hij vond het niet goed dat de witte werd opengetrokken. ~ 67 II | vroeg hij: 'Wanneer wilt u dat ik terugkom om het te hebben 68 II | komt weer eten, hè?'~'Ach, dat kan ik helaas niet beloven.'~' 69 III| zitten en vroeg zich af of dat leven nog lang zo zou voortgaan. ~ 70 III| een brave meid, dan was dat zeker een brave meid. Hij 71 III| genoegen bij de gedachte dat hij haar de volgende donderdag 72 III| donderdag zou terugzien, om dat alles met haar te regelen. 73 III| denkbeeld aan die broer, dat mannetje van vijf, die de 74 III| Het was een soort gezin dat hij daar had, in die onwettige 75 III| Hautot zou noemen, een gezin dat hij naar eigen inzicht kon 76 III| kon aannemen of niet, maar dat hem aan zijn vader deed 77 III| met het enige verschil dat de korst van het brood niet 78 III| Zoveel geld wilde zij niet. Dat was te veel, veel te veel. 79 III| te leven, ze wilde alleen dat Emile wat geld zou hebben 80 III| prettige avond en ik ben blij dat ik u in goede gezondheid 81 III| natuurlijk wel, mamzel, als dat u genoegen doet.'~'Nou en 82 III| volgende week donderdag, past u dat?'~'Ja, mamzel Donet.'~'U 83 III| weer eten?'~'Maar... als u dat wilt, dat sla ik niet af.'~' 84 III| Maar... als u dat wilt, dat sla ik niet af.'~'Dat is 85 III| wilt, dat sla ik niet af.'~'Dat is dan afgesproken, meneer


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License