Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library
Alphabetical    [«  »]
iets 3
ii 1
iii 1
ik 71
in 50
instinct 1
instinctmatige 1
Frequency    [«  »]
85 dat
79 van
77 zijn
71 ik
68 te
63 niet
57 op
Guy de Maupassant
Vader en zoon Hautot

IntraText - Concordances

ik

   Part
1 I | mompelde hij: 'Godverdikkeme, ik ga d'r aan!' ~De dokter 2 I | niks.'~Hautot antwoordde: 'Ik ga d'r aan! Mijn buik is 3 I | buik is naar de haaien! Ik voel het wel.'~En plotseling: ' 4 I | het wel.'~En plotseling: 'Ik wil met mijn zoon praten 5 I | met mijn zoon praten als ik nog tijd heb.'~Zoon Hautot 6 I | het is nu niet het moment. Ik moet je spreken. Ga daar 7 I | het is zo gebeurd, dan heb ik tenminste rust. En jullie 8 I | je bent vierentwintig, ik hoef er bij jou geen doekjes 9 I | gestorven nietwaar, en dat ik niet ouder ben dan vijfenveertig, 10 I | ouder ben dan vijfenveertig, ik, omdat ik op mijn negentiende 11 I | vijfenveertig, ik, omdat ik op mijn negentiende ben 12 I | dus al zeven jaar dood, en ik ben weduwnaar gebleven. 13 I | gebleven. Wel! Een man als ik kan natuurlijk op zijn zevenendertigste 14 I | om alleen te leven, maar ik wilde geen opvolgster van 15 I | moeder nemen, want dat had ik haar beloofd. Dus... je 16 I | Ja vader.'~'Dus, heb ik een vrouwtje in Rouaan genomen, 17 I | verdieping, de tweede deur - ik zeg je dat nu, vergeet het 18 I | Ja vader.'~'Wel, als ik kom te overlijden, ben ik 19 I | ik kom te overlijden, ben ik haar wat schuldig, maar 20 I | begrijpt het?' ~'Ja vader.'~'Ik zeg je dat het een brave 21 I | maar echt een brave, en dat ik haar, als jij er niet was 22 I | samen hebben gewoond, dat ik haar dan mee hier naartoe 23 I | luister... beste jongen... ik had een testament kunnen 24 I | kunnen maken... dat heb ik niet gedaan! Dat heb ik 25 I | ik niet gedaan! Dat heb ik niet gewild... want je moet 26 I | er nooit gebruik van. Als ik rijk ben, dan is dat omdat 27 I | rijk ben, dan is dat omdat ik het van mijn leven niet 28 I | Luister nog... Luister goed... Ik heb dus geen testament gemaakt... 29 I | testament gemaakt... dat wilde ik niet... en verder ken ik 30 I | ik niet... en verder ken ik je, jij hebt een goed hart, 31 I | hebzuchtig, niet vrekkig, kortom. Ik dacht bij mezelf dat ik 32 I | Ik dacht bij mezelf dat ik jou tegen het eind dit allemaal 33 I | luister. Ga er meteen heen als ik er niet meer ben - en zorg 34 I | middelen - je kunt het... ik laat je genoeg na... Luister... 35 I | kleintje, wat zal ze huilen!... Ik zeg je dat alles, omdat 36 I | zeg je dat alles, omdat ik jou goed ken, mijn zoon. 37 I | zweert het?'~'Ja vader.'~'Ik verzoek je dringend, ik 38 I | Ik verzoek je dringend, ik smeek je, zoon, vergeet 39 I | zoon, vergeet het niet. Ik sta erop.'~'Nee vader.'~' 40 I | Je gaat er zelf heen. Ik wil dat je voor alles zorgt.'~' 41 I | wat zij je zal uitleggen. Ik kan je niet meer vertellen. 42 I | zoon. Omhels me. Vaarwel. Ik ga de pijp aan Maarten geven, 43 I | Maarten geven, dat weet ik zeker. Zeg ze maar dat ze 44 II | blozen. ~Maar hij dacht: Ik heb het vader beloofd. Dit 45 II | vader beloofd. Dit moet ik nakomen. Daarop duwde hij 46 II | meneer?' ~Hij mompelde: 'Ik ben Hautot junior.'~Ze schrok, 47 II | En wat wilt u ?...'~'Ik moet met u spreken over 48 II | Neem me niet kwalijk, ik volgde u niet, maar ik zou 49 II | ik volgde u niet, maar ik zou graag willen weten... 50 II | overeenkomstig zijn wens. Luister, ik heb genoeg geld, hij heeft 51 II | hij heeft mij nagelaten. Ik wil niet dat u zich te beklagen 52 II | Nee, niet vandaag... Als ik het aanneem, luistert u 53 II | voor mij... nee, nee, nee, ik zweer het u. Dan is het 54 II | dan, mamzel Donet, dan ga ik maar weer. Wanneer wilt 55 II | nu niet alleen met Emile! Ik zou sterven van verdriet. 56 II | zou sterven van verdriet. Ik heb niemand meer, behalve 57 II | kind, nu is hij wees.'~'Ik ook,' zei Cesar.~En ze spraken 58 II | mee.'~'Dank u,' zei hij, 'ik heb geen honger, ik word 59 II | hij, 'ik heb geen honger, ik word te zeer gekweld.'~Zij 60 II | blijven. Als u weg bent, weet ik niet wat ik moet doen.' ~ 61 II | weg bent, weet ik niet wat ik moet doen.' ~Hij zwichtte, 62 II | hij: 'Wanneer wilt u dat ik terugkom om het te hebben 63 II | donderdag, meneer Cesar. Zo hoef ik dan geen tijd te verliezen. 64 II | geen tijd te verliezen. Ik heb altijd op donderdag 65 II | eten, hè?'~'Ach, dat kan ik helaas niet beloven.'~'Ik 66 II | ik helaas niet beloven.'~'Ik wil maar zeggen, je praat 67 III| vroeg ze: 'Rookt u?'~'Ja... ik heb mijn pijp bij me.'~Hij 68 III| Mamzel Donet,' zei hij, 'ik wens u nog een prettige 69 III| nog een prettige avond en ik ben blij dat ik u in goede 70 III| avond en ik ben blij dat ik u in goede gezondheid heb 71 III| als u dat wilt, dat sla ik niet af.'~'Dat is dan afgesproken,


Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (V89) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2007. Content in this page is licensed under a Creative Commons License