Part
1 I | Hautot antwoordde: 'Zoveel je maar wilt, vooral op de
2 I | plechtige ogenblik waarop je het eerste schot verwacht,
3 I | zijn mond en riep: 'Heb je d'r?' Vader Hautot antwoordde
4 I | niet het moment. Ik moet je spreken. Ga daar zitten,
5 I | alleen waren: 'Luister zoon, je bent vierentwintig, ik hoef
6 I | maken. Jij weet ook wel dat je moeder zeven jaar geleden
7 I | wat doet dat zeer! Wel, je moet het begrijpen. Een
8 I | wilde geen opvolgster van je moeder nemen, want dat had
9 I | ik haar beloofd. Dus... je begrijpt het?' ~'Ja vader.'~'
10 I | de tweede deur - ik zeg je dat nu, vergeet het niet -
11 I | echte vrouw, kortom. Kun je het volgen, beste jongen?' ~'
12 I | schaapjes op het droge heeft. Je begrijpt het?' ~'Ja vader.'~'
13 I | het?' ~'Ja vader.'~'Ik zeg je dat het een brave meid is,
14 I | als de nagedachtenis van je moeder er niet was geweest,
15 I | heb ik niet gewild... want je moet de dingen niet vastleggen...
16 I | iedereen te gronde! Zie je, verzegeld papier, laat
17 I | verzegeld papier, laat je er niet toe verleiden, maak
18 I | niet gebruikt heb. Begrijp je het, mijn zoon?' ~'Ja vader.'~'
19 I | niet... en verder ken ik je, jij hebt een goed hart,
20 I | jij hebt een goed hart, je bent niet hebzuchtig, niet
21 I | allemaal zou vertellen en je dan zou vragen om dat vrouwtje
22 I | jij hebt de middelen - je kunt het... ik laat je genoeg
23 I | je kunt het... ik laat je genoeg na... Luister...
24 I | zal ze huilen!... Ik zeg je dat alles, omdat ik jou
25 I | zoon. Die dingen vertel je niet in het openbaar, tegen
26 I | dat weet iedereen, maar je praat er niet over, behalve
27 I | allen voor ŽŽn. Dat begrijp je?' ~'Ja vader.'~'Je belooft
28 I | begrijp je?' ~'Ja vader.'~'Je belooft het?'~'Ja vader.'~'
29 I | belooft het?'~'Ja vader.'~'Je zweert het?'~'Ja vader.'~'
30 I | Ja vader.'~'Ik verzoek je dringend, ik smeek je, zoon,
31 I | verzoek je dringend, ik smeek je, zoon, vergeet het niet.
32 I | sta erop.'~'Nee vader.'~'Je gaat er zelf heen. Ik wil
33 I | er zelf heen. Ik wil dat je voor alles zorgt.'~'Ja vader.'~'
34 I | Ja vader.'~'En verder zul je wel zien.... je zult wel
35 I | verder zul je wel zien.... je zult wel zien wat zij je
36 I | je zult wel zien wat zij je zal uitleggen. Ik kan je
37 I | je zal uitleggen. Ik kan je niet meer vertellen. Is
38 II | zachtjes herhaald, zoals je een gebed mompelt, om ze
39 II | weg en de vlekken, en die je meteen uittrekt zodra je
40 II | je meteen uittrekt zodra je aankomt, zodra je van de
41 II | zodra je aankomt, zodra je van de wagen bent gesprongen. ~
42 II | intieme dingen waaraan je kon zien, waaraan hij zonder
43 II | had een gat in zijn buik, je kon er wel twee vuisten
44 II | beloven.'~'Ik wil maar zeggen, je praat beter als je eet.
45 II | zeggen, je praat beter als je eet. Dan hebt u ook meer
46 III| vader gezegd had. Ja, als je het hebt over een brave
|