Part
1 I | eetzaal annex keuken aten vader Hautot, zoon Hautot, de
2 I | de dag van de opening. ~Vader Hautot, trots op alles wat
3 I | bijna net zo lang als zijn vader, maar magerder, was een
4 I | de wil en de mening van vader Hautot. ~Bermont, de belastingontvanger,
5 I | is er ook haas?...' ~Vader Hautot antwoordde: 'Zoveel
6 I | sporen we ze dan wel op.'~Vader Hautot stond op. Allen deden
7 I | afstand van elkaar lopen, vader Hautot aan de rechterkant,
8 I | Plotseling klonk het, dat schot! Vader Hautot had geschoten. Allen
9 I | mond en riep: 'Heb je d'r?' Vader Hautot antwoordde niet.
10 I | doken tussen de bramen. Vader Hautot was op zijn zij gevallen
11 I | papa, arme papa!'~Maar de vader sprak met vastberaden stem: '
12 I | lieten de zoon alleen met de vader.~Zodra ze alleen waren: '
13 I | antwoordde: 'Nee, dat klopt.'~De vader begon te rochelen. Doodsbleek
14 I | je begrijpt het?' ~'Ja vader.'~'Dus, heb ik een vrouwtje
15 I | volgen, beste jongen?' ~'Ja vader.'~'Wel, als ik kom te overlijden,
16 I | Je begrijpt het?' ~'Ja vader.'~'Ik zeg je dat het een
17 I | je het, mijn zoon?' ~'Ja vader.'~'Luister nog... Luister
18 I | ŽŽn. Dat begrijp je?' ~'Ja vader.'~'Je belooft het?'~'Ja
19 I | Je belooft het?'~'Ja vader.'~'Je zweert het?'~'Ja vader.'~'
20 I | vader.'~'Je zweert het?'~'Ja vader.'~'Ik verzoek je dringend,
21 I | niet. Ik sta erop.'~'Nee vader.'~'Je gaat er zelf heen.
22 I | je voor alles zorgt.'~'Ja vader.'~'En verder zul je wel
23 I | vertellen. Is dat gezworen?'~'Ja vader.'~'Dat is goed, mijn zoon.
24 I | Zoon Hautot omhelsde zijn vader kreunend, maar vervolgens,
25 II | zondag geopend. Na zijn vader naar het kerkhof te hebben
26 II | de laatste wil van zijn vader, de dag daarop naar Rouaan
27 II | die de maîtresse van zijn vader was geweest. Alle moraal
28 II | Maar hij dacht: Ik heb het vader beloofd. Dit moet ik nakomen.
29 II | met u spreken over mijn vader.'~Ze zei: 'O mijn God!'
30 II | Dat was de plek van zijn vader, met de rug naar het vuur!
31 II | tussen die vrouw die zijn vader beweende en dat kind dat
32 II | het ogenblik kwam waarop vader Hautot van haar had gesproken,
33 II | duizend dingen over zijn vader, intieme dingen waaraan
34 III| dan toe had hij naast zijn vader geleefd, als diens schaduw,
35 III| gebarende gestalte van zijn vader te zullen zien. Om de tijd
36 III| brave meid, zoals zijn vader gezegd had. Ja, als je het
37 III| vijf, die de zoon van zijn vader was, hem een beetje, maar
38 III| niet, maar dat hem aan zijn vader deed denken. ~Toen hij donderdagochtend
39 III| ze hem een pijp van zijn vader aanbood, die in de kast
|