Part
1 I | moeder nemen, want dat had ik haar beloofd. Dus... je begrijpt
2 I | kom te overlijden, ben ik haar wat schuldig, maar iets
3 I | aan de dijk zet, zodat ze haar schaapjes op het droge heeft.
4 I | echt een brave, en dat ik haar, als jij er niet was geweest,
5 I | samen hebben gewoond, dat ik haar dan mee hier naartoe had
6 I | naartoe had genomen, en met haar was getrouwd, beslist...
7 II | Hij wist niet wat hij haar moest zeggen, en zij, niets
8 II | sloot de deur en volgde haar.~Toen zag hij een jochie
9 II | meneer Cesar?'~Hij keek haar aan. Bezorgdheid had haar
10 II | haar aan. Bezorgdheid had haar doen verbleken, en zij wachtte,
11 II | verbleken, en zij wachtte, haar handen trillend van angst.~
12 II | verschenen er tranen in haar ogen, hief zij haar handen
13 II | tranen in haar ogen, hief zij haar handen op en bedekte haar
14 II | haar handen op en bedekte haar gezicht terwijl ze begon
15 II | waarop vader Hautot van haar had gesproken, hoorde zij
16 II | had gesproken, hoorde zij haar naam, keek op en vroeg: '
17 II | luisterde gretig, nam met haar vrouwelijke fijngevoeligheid
18 II | te sudderen, nam Emile op haar knie'n, en vroeg Cesar duizend
19 II | nadenken merkte dat zij met haar hele arme vrouwenhart van
20 II | tranen sprongen weer in haar ogen. Daarop, vanwege de
21 II | het vuur zitten, tegenover haar, at een schotel pens die
22 III| was hem bevallen. Hij had haar netjes gevonden, een lieve,
23 III| ruimharig aan te pakken en haar tweeduizend frank rente
24 III| bij de gedachte dat hij haar de volgende donderdag zou
25 III| terugzien, om dat alles met haar te regelen. En verder hinderde
26 III| de gunsten die hij voor haar in petto had wilde terugbetalen.
27 III| cadeau van duizend frank voor haar toe, voor haar rouw. ~Toen
28 III| frank voor haar toe, voor haar rouw. ~Toen hij zijn koffie
29 III| zijn zak. Verdorie, hij had haar vergeten! Hij wilde zich
30 III| in de kast lag. Hij pakte haar aan, herkende haar, rook
31 III| pakte haar aan, herkende haar, rook eraan, verkondigde
32 III| kwaliteit het was, vulde haar met tabak en stak haar aan.
33 III| vulde haar met tabak en stak haar aan. Toen zette hij Emile
|