Part

 1 Inl|     werden zijn woorden en daden, hoe ongegeneerder zij waren,
 2 Inl|          ongegeneerder zij waren, hoe meer onverschilligheid zij
 3   I|           gestemd beraadslaagden, hoe wij de dreigende storm zouden
 4   I|       bovenschriften weergegeven, hoe hij had leren rekenen, en
 5   I|      aannemen, zong hij:~ ~,,Ach, hoe kort is 't leven van ons
 6  II|      willen aannemen. Nu is zij - hoe en waarom weten de Goden -
 7  II|      waard dan luchtbelletjes. En hoe zou 't wel met hem gegaan
 8  II|        kan slaan, slaat 't zadel. Hoe kon nu Glycon geloven, dat
 9  II|         geschiedenis van Ulysses, hoe de Cycloop hem met een nijptang
10  II|       hadden. Toen Trimalchio het hoe langer hoe nauwkeuriger
11  II|         Trimalchio het hoe langer hoe nauwkeuriger bekeek, zei
12  II|        houden, ik weet heel goed, hoe 't Corinthische metaal ontstaan
13  II|           daarvan is voorgesteld, hoe Cassandra haar zonen vermoordt.
14  II|   nagelaten. Hierop is afgebeeld, hoe Daedalus Niobe in het Trojaanse
15  II|          Agamemnon, die wel wist, hoe men weer een uitnodiging
16  IV|          aan. Homerus vertelt nu, hoe de Trojanen en Parentijnen
17  IV|          zichzelf komen en vroeg, hoe hij ontvangen was. ,,Het
18  IV|          onze wangen te proberen, hoe scherp ze waren.~ Plotseling
19  IV|       dienstpersoneel en zeide: ,,Hoe staat het met jullie? Hebt
20  IV|          zul je eens ondervinden, hoe driftig ik kan worden. Je
21  IV| ondernemend man noemde. Gij weet, hoe groter de schepen zijn,
22  IV|           groter de schepen zijn, hoe sterker. Ik laadde er wijn,
Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (VA2) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2010. Content in this page is licensed under a Creative Commons License