Part

 1 Inl|        Shakespeare en Cervantes op één lijn heeft gesteld.~ De
 2   I|     menslievendheid bedankte. ,,In één woord", zei hij, ,,u zult
 3  II|        veel, 't was geen man, maar één stuk onverdraagzaamheid.
 4  II|        spelen met de bakkers onder één hoedje. De ene hand wast
 5  II| doorgehakte kniepezen. Er was maar één kerel met wat pit, een Thraciër;
 6  II|          ik heb twee bibliotheken, één van Griekse boeken en één
 7  II|          één van Griekse boeken en één van Latijnse. Zeg me daarom,
 8  II|      gouden en zilveren beelden op één brandstapel brengen en in
 9  II|          verschillende metalen tot één metaal samen. Van dit mengsel
10  IV|      crediet dan schatten geld. In één woord, wie heeft mij ooit
11  IV|            believen, en voor ieder één appel. Ik heb er twee meegenomen;
12  IV|          mee mag eten."~ Om het in één woord te zeggen, wij werden
13  IV|          varkensvlees had gemaakt, één plaats hoger dan ik aanlag;
14  IV|           wil niets liever dan uit één dag twee maken"; daarop
15  IV|            zeggen, in mijn zak. In één woord gezegd, hij benoemde
16  IV|         maar de volle waarheid. Op één dag verslond Neptunus 30
17  IV|       willen, gebeurt spoedig. Met één reis won ik tien millioen.
18  IV|    speelden nu treurmarsen. Vooral één van hen, de slaaf van die
Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (VA2) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2010. Content in this page is licensed under a Creative Commons License