Part

1  II|    weten de Goden - als in de hemel en Trimalchio's rechterhand.
2  II|     Ik misgun niemand, wat de hemel hem gegeven heeft. Maar
3  II|       wel bewezen heeft. Deze hemel, waarin de twaalf Goden
4  II|  voort: ,,Daarna komt de hele hemel onder de stier; daar worden
5  II|     mens gelooft meer, dat de hemel de hemel is. Niemand houdt
6  II| gelooft meer, dat de hemel de hemel is. Niemand houdt meer zijn
7  II|    dadelijk met bakken uit de hemel, (want als 't dan niet regende,
8  IV|       naar het nieuws, dat de hemel hun zou verkondigen. En
9  IV|    sterfgeval in de buurt. De hemel beware ons ervoor. Maar
Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (VA2) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2010. Content in this page is licensed under a Creative Commons License