Part

1   I|  was.~ Toen hij daarop zijn tanden met een zilveren tandenstoker
2  II|     een wolkammer, 't heeft tanden, die aan ons lichaam knagen.
3  II|     een halve cent met zijn tanden uit een mesthoop te halen.
4  II|     een aarden pot met zijn tanden vast te houden. Trimalchio
5  IV| weer, staat met je mond vol tanden en tobt je af als een muis
6  IV|    met zere ogen , en vuile tanden, die een zwart, ongemanierd
7  IV| handen, door middel van hun tanden ringen van de grond te rapen
8  IV|  niet te maken, dat ik mijn tanden moet laten zien, dotje;
Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (VA2) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2010. Content in this page is licensed under a Creative Commons License