IntraText Table of Contents | Words: Alphabetical - Frequency - Inverse - Length - Statistics | Help | IntraText Library | Search |
| Alphabetical [« »] ilias 1 imiteerde 1 imiteren 2 in 251 indertijd 2 indië 1 indruk 2 | Frequency [« »] 266 het 264 dat 262 die 251 in 240 zijn 235 te 220 met | Caius Petronius Het Gastmaal van Trimalchio Concordances in |
Part
1 Inl| Nero was. Daar Petronius in hoge mate de sympathie en 2 Inl| geschiedschrijver Tacitus heeft ons in het 18de hoofdstuk van het 3 Inl| schijn aannam, werd hij in de kleine kring van Nero' 4 Inl| plaisir'', daar de keizer in zijn geblaseerdheid van 5 Inl| die wij kennen, verscheen in 1482 te Milaan. Omstreeks 6 Inl| Omstreeks 1650 vond men te Trau in Dalmatië een manuscript, 7 Inl| slotte vrij algemeen erkend.~ In 1692 liet Nodot, een Frans 8 Inl| nu is Petronius slechts in fragmenten te lezen. Alleen 9 Inl| pochen. Trimalchio woont in een half-Griekse stad aan 10 Inl| van Napels, waarschijnlijk in Puteoli, het hedendaagse 11 Inl| Trimalchio is wel 't hoogste, dat in de wereldliteratuur op ' 12 Inl| geschiedenis, zoals die in de ons bewaarde delen der 13 Inl| zekere Agamemnon, een leraar in de welsprekendheid. Nadat 14 Inl| zover wij weten, nog nimmer in het Noord-Nederlands werd 15 I| aangebroken, en daarmee het in uitzicht gestelde galgemaal, 16 I| inzit; hij heeft een uurwerk in zijn eetzaal staan en een 17 I| plotseling een oude kaalkop in een rode tunica zagen, die 18 I| willen letten; wij gingen dus in het bad en na een paar minuten 19 I| Daarop wikkelde men hem in een scharlaken mantel en 20 I| scharlaken mantel en deed hem in een draagstoel plaats nemen, 21 I| nemen, terwijl vier knechts in livrei vooruitgingen en 22 I| alsof hij hem een geheim in 't oor fluisterde, floot 23 I| bij de ingang stond een in het groen geklede portier 24 I| middel, die erwten dopte in een zilveren schotel. Boven 25 I| Trimalchio zelf deed zijn intrede in Rome als een jonge slaaf 26 I| haren en een Mercuriusstaf in de hand, terwijl Minerva 27 I| spinnen. Ook viel mijn oog in de zuilengang op een aantal 28 I| oefenden. Bovendien merkte ik in een hoek een grote kast 29 I| wat dat voor schilderijen in het midden waren. ,,De Ilias 30 I| de rentmeester rekeningen in ontvangst nam. Wat mij ' 31 I| niet groot, zei hij; want in het bad waren hem de kleren 32 I| verzochten de rentmeester, die in het atrium goudstukken telde, 33 I| menslievendheid bedankte. ,,In één woord", zei hij, ,,u 34 I| vroeg dus wat te drinken. In een oogwenk bediende een 35 I| gemeend hebben, dat men in een theater was tijdens 36 I| pantomime met zang inplaats van in de eetkamer van een particulier.~ 37 I| vastgesoldeerde bordjes in de vorm van bruggetjes lagen 38 I| geheel van goud scheen, maar in werkelijkheid met vele daaraan 39 I| aangename bezigheden maar in de steek gelaten. Maar u 40 I| me een reeds jonge pauw in te zijn. Toen ik echter 41 I| zoals die, waarmee men in het amphitheater zand strooit, 42 I| benauwd maken, dan wanneer zij in grote menigte om ons heen 43 I| lezen, klapte Trimalchio in de handen en sprak: ,,Ach, 44 II| tekens van de dierenriem in een kring waren getekend; 45 II| weegschaal met een taart in de ene schaal en een koek 46 II| de ene schaal en een koek in de andere, op de schorpioen 47 II| de vissen twee barbelen. In het midden lag een graszode, 48 II| de dienbak. Nu zagen wij in de onderste afdeling vetgemest 49 II| een varkensuier en een in 't midden met veren versierde 50 II| vissen stroomde, die als in een vijver zwommen. Hierop 51 II| zwommen. Hierop klapten wij in de handen (waartoe de slaven ' 52 II| gelukte grap niet minder in zijn schik dan wij en riep: ,, 53 II| een of ander woordspeling in verband stond en schaamde 54 II| waarom weten de Goden - als in de hemel en Trimalchio's 55 II| kunnen, en geld als water. In 't kamertje van zijn portier 56 II| Om kort te gaan, hij is in staat ieder van die mooipraters 57 II| ieder van die mooipraters in een muizenhol te drijven. 58 II| Die zitten er ook warmpjes in. Zie je die man, die daar 59 II| tafel gemorst, dan menigeen in zijn hele kelder heeft. 60 II| weggedragen; de gasten, die in een vrolijke stemming waren 61 II| t (zijn gebeente ruste in vrede) die van mij een mens 62 II| voelt zich op 't droge en in 't water even goed thuis. 63 II| geboren en heerszuchtigen. In de Maagd vrouwen en weggelopen 64 II| Weegschaal slagers, handelaars in parfumerieën en allen, die 65 II| krijgen door 't harde werk; in de Waterman kroegbazen en 66 II| Vissen koks en professoren in de redenaarskunst. Zo draait 67 II| worden. Wat nu die graszode in het midden aangaat en die 68 II| de ever een flinke stoot in de zijde: en ziet, uit de 69 II| lijmroeden gereed en vingen ze in een ogenblik terwijl ze 70 II| had, zeide: ,,De dag is in een ogenblik voorbij. Nauwelijks 71 II| Toen mengde Seleucus zich in het gesprek: ,,Ik neem niet 72 II| Vandaag kon ik echter niet in het bad gaan, want ik was 73 II| Die hebben nog wat kracht in zich, wij zijn niets meer 74 II| heeft hij geen druppel water in de mond genomen, geen kruimeltje 75 II| hij had nog al wat slaven in vrijheid gesteld); alleen 76 II| zijn; je werpt je weldaden in het water. Maar een oude 77 II| 100.000 naliet, en alles in baar geld. Een ding wil 78 II| wat at je lekker bij hem! In het begin had hij ,,pech", 79 II| was een echt gelukskind; in zijn hand veranderde lood 80 II| zijn hand veranderde lood in goud. Maar 't is makkelijk, 81 II| Waarachtig, hij zou geen hond in huis met rust hebben gelaten; 82 II| tenminste plezier gehad in zijn leven."~ Dit zei Phileros. 83 II| met die man kon je gerust in 't donker ,,Bok, bok, hoeveel 84 II| hoeveel hoorns" spelen. En in 't raadhuis, wat zei hij 85 II| waarheid; hij sprak niet in bloemrijke stijl, maar voor ' 86 II| dan zou hij zoveel schik in zijn leven niet hebben, 87 II| En onze vriend Titus is in alles wat hij doet royaal; ' 88 II| is 't of dit of dat, maar in ieder geval iets buitengewoons. 89 II| zijn naam blijft eeuwig in ere. Hij heeft al een troepje 90 II| plaats innam van de man, die in het eerste tweegevecht gedood 91 II| mond open doet. U staat in stand boven ons, en daarom 92 II| slechte weer dit jaar alles in de war geschopt. Maar we 93 II| en hij krijgt al plezier in 't Latijn, hoewel zijn leermeester 94 II| hij ook wat thuis raakt in de wet: dat komt de familie 95 II| komt de familie te stade. In kennis van de wet zit een 96 II| genoeg. Heeft hij geen zin in de rechten , dan heb ik 97 II| dagen is mijn buik niet in orde. Ook de dokters weten 98 II| granaatappelschil en hars opgelost in azijn me wat geholpen. Maar 99 II| veroorzaken een zinking in het hele lichaam. Ik ken 100 II| muilbanden en belletjes voorzien, in de zaal binnengebracht. ,, 101 II| maken. Maar mijn koks braden in een ogenblik hele kalveren 102 II| een ogenblik hele kalveren in hun braadpannen." Toen liet 103 II| landerijen door aankoop in Sicilië af te ronden, om, 104 II| letterkunde gedaan, om er in eigen kring mijn nut mee 105 II| jong was, las ik die dingen in Homerus. En ik zag met eigen 106 II| met eigen ogen de Sibylle in een flesje hangen, en telkens 107 II| grote zwijn nam de tafel in beslag. Wij spraken natuurlijk 108 II| Trek hem zijn kleren uit." In een ogenblik was dit geschied. 109 II| maar fluisterde Agamemnon in het oor: ,,Drommels, dit 110 II| bij 't zien van dit wonder in de handen te klappen en 111 II| één brandstapel brengen en in brand steken. Toen smolten 112 II| houd meer van glas, want in ieder geval riekt 't niet 113 II| hij de beker aan de keizer in handen gaf en liet hem op 114 II| afgebeeld, hoe Daedalus Niobe in het Trojaanse paard opsloot. 115 II| na, terwijl alle slaven in koor een Grieks liedje zongen. 116 II| Fortumata hem niet iets in 't oor gefluisterd had; 117 II| uit eerbied voor Fortunata in, dan weer wilde hij zijn 118 II| belasterd. Diezelfde dag, in de geldkist gelegd 10.000.000 119 II| voor had. Diezelfde dag: in het Pompejaanse park brand 120 II| uitgebroken, die ontstond in de woning van de opzichter 121 II| wil ik niet, dat het mij in rekening wordt gebracht." 122 II| was, omdat zij betrapt was in de kamer van een badmeester, 123 II| vermeld, dat een rentmeester in staat van beschuldiging 124 II| haar, en een drinkbeker in de hand, terwijl zij uitriep:,, 125 II| witte wol had omwikkeld , in plaats van purperen wol 126 II| was niet zo ver mis: want in plaats van straf volgde 127 III| zijn laatste rustplaats in een ijz'ren pot.~ Wat hebt 128 III| zeegeschenken aan haar hals~ In hartstocht schaamt'loos 129 III| hartstocht schaamt'loos liggen in haar minnaars bed?~ Wat 130 III| getrouwde vrouw zich hullen in doorschijnend kleed,~ Moet 131 IV| te schieten, toen loten in een beker rondgegeven werden, 132 IV| en lachte, tot hij tranen in de ogen kreeg, werd een 133 IV| luxe van mijn meester niet in je smaak? Je bent natuurlijk 134 IV| Doordat ik mij zelf vrijwillig in slavernij begeven heb en 135 IV| gekost. Ik hoop dan ook in zulke omstandigheden te 136 IV| crediet dan schatten geld. In één woord, wie heeft mij 137 IV| lang haar, toen ik hier in de stad kwam; de basilica 138 IV| voeten. Er waren mensen in huis, die mij nu en dan 139 IV| je me nu aan, als een bok in een veld met paardebonen?"~ 140 IV| ons stond, zeer ongepast in een schaterend gelach uit, 141 IV| lichaamsdeel ben ik, ik ga in de lengte, ik ga in de breedte"; 142 IV| ik ga in de lengte, ik ga in de breedte"; los dit raadsel 143 IV| tobt je af als een muis die in een pot gevallen is. Houd 144 IV| geeft; 't is een idioot in plaats van een opvoeder. 145 IV| onderwijzer zei altijd:,,Alles in orde, jongens? Dan regelrecht 146 IV| goden voor alles wat ik in mijn tijd heb geleerd." 147 IV| wees jij nu wijzer dan hij. In deze soort dingen is de 148 IV| Agamemnon roofde haar en bood in haar plaats aan Diana een 149 IV| aan deze hoepel hingen in het rond gouden kransen 150 IV| verzocht deze als geschenken in ontvangst te nemen, keek 151 IV| met koeken geplaatst, en in het midden stond een door 152 IV| gewoonlijk het geval is, in zijn tamelijk wijde schort 153 IV| vloeistof kwam ons zelfs in de mond. In de mening, dat 154 IV| kwam ons zelfs in de mond. In de mening, dat dit gerecht, 155 IV| traden drie knapen binnen in korte witte tunica's gekleed; 156 IV| een slaaf was, woonden wij in een nauw straatje; nu behoort 157 IV| van; wat ik spaarde, ging in haar beurs, en nooit heeft 158 IV| om haar te bezoeken, want in 't ongeluk (zegt het spreekwoord) 159 IV| metgezel verwijderde zich in de richting van de zerken; 160 IV| legde. Het hart klopte me in de keel; ik stond er als 161 IV| en veranderde plotseling in een wolf. Je moet niet denken, 162 IV| horen en vluchtte het bos in. Eerst wist ik niet, waar 163 IV| thuiskomst lag de soldaat in zijn bed als een os, en 164 IV| jongen, die volmaakt was in alle mogelijke opzichten. 165 IV| nagejaagd. Nu hadden wij in die dagen een Cappadociër, 166 IV| er een strooien pop voor in de plaats gelegd. Jullie 167 IV| imiteren van de gesprekken in een kapperszaak! Wie was 168 IV| ongemanierd dik hondje in een groen windsel wikkelde; 169 IV| wittebrood toe, en zei: ,,Niemand in 't hele huis houdt meer 170 IV| scheurde Croesus' "Parel" bijna in stukken. En de storing bleef 171 IV| bedaard was, gaf hij bevel, om in een grote schaal wijn te 172 IV| deur van de zaal, en een in 't wit geklede man, die 173 IV| hem van zijn voorhoofd tot in de ogen. Habinnas ging op 174 IV| Trimalchio, die pleizier had in zijn vrolijkheid, liet een 175 IV| alleen miste ik jou, maar in gedachten was ik hier. Het 176 IV| hier. Het was er keurig in orde, dat kan ik je verzekeren. 177 IV| want er zit meer voedsel in en het is gezonder voor 178 IV| meegenomen; ziet, ik heb ze in mijn servet gerold, want 179 IV| wil zij geen druppel water in de mond nemen." ,,Maar", 180 IV| zij deze, die van plezier in de handen klapte, een kus 181 IV| elkaar, kusten elkander in hun dronkenheid, terwijl 182 IV| verborg haar blozend gezicht in haar zakdoek.~ Enige ogenblikken 183 IV| ophield, klapte Habinnas in de handen, en zei: ,,Hij 184 IV| heeft hij zijns gelijke niet in het imiteren van muilezeldrijvers 185 IV| viel Scintilla de spreker in de rede met de woorden: ,, 186 IV| dan weer vertoonde hij in een koetsiersmantel, met 187 IV| koetsiersmantel, met de zweep in de hand, taferelen uit het 188 IV| zeide: ,,Zo waar als ik in kapitaal, maar niet in corpulentie 189 IV| ik in kapitaal, maar niet in corpulentie hoop toe te 190 IV| heupbeen. Daarom heb ik hem in een geestig ogenblik een 191 IV| stok de kruik van de ander in stukken. Door de brutaliteit 192 IV| gebeurde: want volgens een in ons land ongebruikelijke 193 IV| met lange haren zalfolie in een zilveren wasbekken binnen, 194 IV| scheutje van diezelfde olie in het wijnvat en in de lampen.~ 195 IV| diezelfde olie in het wijnvat en in de lampen.~ Reeds begon 196 IV| deed Scintilla, niet meer in staat om te praten, niets 197 IV| om te praten, niets dan in haar handen klappen, toen 198 IV| ook mee mag eten."~ Om het in één woord te zeggen, wij 199 IV| werd de zaal door de slaven in beslag genomen. Ik herinner 200 IV| Kort en goed, ik maak ze in mijn testament allen vrij. 201 IV| je verzocht heb? Ik wil in ieder geval, dat je aan 202 IV| worden." Verder zal ik er in mijn testament voor zorgen, 203 IV| zeilen varen, en mijzelf in een rechterstoel in een 204 IV| mijzelf in een rechterstoel in een gewaad met purperen 205 IV| Fortunata plaatsen met een duif in de hand; zij moet ook een 206 IV| een snikkende knaap; en in het midden een zonneuurwerk, 207 IV| Trimalchio Maecenatianus. In zijn afwezigheid werd hij 208 IV| Trimalchio, die van plezier in zijn handen klapte.~ Ik 209 IV| anderen naar het bad gaan, er in de drukte tussenuit knijpen."~ 210 IV| dat Ascyltos van schrik in het waterbassin viel. En 211 IV| de loop was gegaan, werd in mijn dronkenheid, doordat 212 IV| hulp wilde komen, eveneens in het water getrokken. Maar 213 IV| ongelukkige stakkers doen, die in een nieuw soort doolhof 214 IV| te rapen of spanden zich in, om op hun knieën liggend, 215 IV| op deze wijze amuseerden, in de badkamer af, die men 216 IV| voorbij was, werden wij in een andere eetzaal gebracht, 217 IV| brand zijn of een sterfgeval in de buurt. De hemel beware 218 IV| liet hem slachten, om hem in een ketel te laten koken. 219 IV| vissen had gemaakt, sneed hem in stukken en wierp hem in 220 IV| in stukken en wierp hem in de ketel; en terwijl Daedalus 221 IV| Daedalus de kokende bouillon in een pan schepte, wreef Fortunata 222 IV| schepte, wreef Fortunata in een bukshouten molen peper 223 IV| beledigd, wierp haar een beker in het gezicht. Zij schreeuwde, 224 IV| zich op, als de kikvors in de fabel, en vreest geen 225 IV| hout, geen vrouw. Maar wie in een bordeel geboren is, 226 IV| en dreef me zelf de bijl in mijn been. Maar enfin, ik 227 IV| Scintilla zei met tranen in de ogen hetzelfde, terwijl 228 IV| onrecht gedaan heb, mij in het gezicht te spuwen. Ik 229 IV| mijn lippen met lampenolie in. Veertien jaar lang was 230 IV| wil der goden, zelf baas in huis; ik had mijn meester, 231 IV| meester, om zo te zeggen, in mijn zak. In één woord gezegd, 232 IV| te zeggen, in mijn zak. In één woord gezegd, hij benoemde 233 IV| uit, nam een lading wijn in (die was toen goud waard) 234 IV| parfumerieën en slaven in. Bij deze gelegenheid deed 235 IV| maar ter hand nam, ging in de hoogte alsof er gist 236 IV| de hoogte alsof er gist in zat. Toen ik meer bezat 237 IV| sterrenwichelaar, die juist in ons stadje was gekomen, 238 IV| zijn naam) knap genoeg om in de raad der Goden te zitten, 239 IV| te zitten, mij over, om in de handel te blijven. Die 240 IV| opgehaald, je bent niet gelukkig in de keuze van je vrienden. 241 IV| verbinden, dan heb ik het in mijn leven ver genoeg gebracht. 242 IV| een toga met purperen zoom in de eetzaal. Wij moesten 243 IV| Vervolgens liet hij wijn in het mengsel gieten en sprak: ,, 244 IV| geschiedenis werd intussen in de hoogste graad onuitstaanbaar, 245 IV| oren - dat de horenblazers in de eetzaal moesten komen. 246 IV| boven op een stapel kussens in zijn volle lengte tot over 247 IV| begrafenis-ondernemer, die in dit gezelschap tot de deftigste 248 IV| de brandweermannen, die in de omtrek de wacht hielden, 249 IV| hielden, dat Trimalchio's huis in brand stond, braken snel 250 IV| gebruik, lieten Agamemnon in de steek en gingen aan de 251 IV| alsof het huis werkelijk in brand stond.~ ~Hier eindigt