Part

  1 Inl|               Hij zond nl., alvorens te sterven, een verzegeld geschrift
  2 Inl| onverschilligheid zij verrieden, des te gretiger als een soort naïveteit
  3 Inl|            kennen, verscheen in 1482 te Milaan. Omstreeks 1650 vond
  4 Inl|              Omstreeks 1650 vond men te Trau in Dalmatië een manuscript,
  5 Inl|           Nodot, een Frans officier, te Rotterdam bij Leers een
  6 Inl|          1745), een beroemd advocaat te Riom, werd aangetoond en
  7 Inl|      Petronius slechts in fragmenten te lezen. Alleen de Cena Trimalchionis, ,,
  8 Inl|             zijn reusachtig vermogen te pochen. Trimalchio woont
  9 Inl|             uit, ergens gastvrijheid te genieten. Zoals uit de eerste
 10 Inl|             het feest van Trimalchio te gaan, waarvoor zij alle
 11   I|             we meer lust er van door te gaan dan te blijven, waar
 12   I|              er van door te gaan dan te blijven, waar wij waren.
 13   I|               bij wie er vandaag wat te doen is? Bij Trimalchio,
 14   I|              na afloop van ieder uur te blazen, opdat hij er telkens
 15   I|            ons naar de badinrichting te begeleiden.~ Nadat wij ons
 16   I|             wij ondertussen wat rond te slenteren of laat ik liever
 17   I|             liever zeggen wat moppen te tappen, en ons bij groepjes
 18   I|      groepjes van andere slenteraars te voegen, toen wij plotseling
 19   I|           een rode tunica zagen, die te midden van jonge langharige
 20   I|         vroeg hij water om zijn hand te wassen, en droogde zijn
 21   I|             bediende af. Het zou mij te lang geduurd hebben, als
 22   I|         minuten flink getranspireerd te hebben, namen wij een koude
 23   I|            bezig waren gouden draden te spinnen. Ook viel mijn oog
 24   I|         gelegenheid alles nauwkeurig te bekijken.~ Wij waren reeds
 25   I|         rechtervoet". Om de waarheid te zeggen, waren wij een ogenblik
 26   I|            een geheel ontklede slaaf te voet, die ons smeekte hem
 27   I|           smeekte hem van zijn straf te bevrijden. Zijn misdrijf,
 28   I|            de slaaf zijn straf kwijt te schelden. Eerstgenoemde
 29   I|              anderen, om onze voeten te behandelen, en verwijderden
 30   I|              zongen en vroeg dus wat te drinken. In een oogwenk
 31   I|           uit zijn scharlaken mantel te voorschijn en om zijn hals,
 32   I|            om nog meer kostbaarheden te laten zien, ontblootte hij
 33   I|              nog geen lust aan tafel te komen, vrienden, maar om
 34   I|             vrienden, maar om u niet te lang te laten wachten, heb
 35   I|               maar om u niet te lang te laten wachten, heb ik mijn
 36   I|      muzikale begeleiding, haar nest te doorzoeken, haalden pauweneieren
 37   I|     doorzoeken, haalden pauweneieren te voorschijn en verdeelden
 38   I|              eens proberen of ze nog te eten zijn."~ Ieder van ons
 39   I|              een reeds jonge pauw in te zijn. Toen ik echter van
 40   I|              nog lust had honingwijn te drinken, een tweede glas
 41   I|           beval het weer op de grond te werpen. Dadelijk daarna
 42   I|           deze fijne attentie hadden te kennen gegeven, zeide hij: ,,
 43   I|           bezig waren de opschriften te lezen, klapte Trimalchio
 44  II|          deze minderwaardige spijzen te beginnen, zie Trimalchio: ,,
 45  II|           Trimalchio: ,,Ik stel voor te gaan eten, Heren, dat is
 46  II|          mijn buurman daar eens naar te vragen. Deze had meermalen
 47  II|         buurman, om zo veel mogelijk te weten te komen; ik begon
 48  II|            zo veel mogelijk te weten te komen; ik begon van 't begin
 49  II|    Trimalchio's rechterhand. Om kort te gaan, als zij hem op klaarlichten
 50  II|          eigen meester kent. Om kort te gaan, hij is in staat ieder
 51  II|         mooipraters in een muizenhol te drijven. En denk maar niet,
 52  II|           kunt 't er vinden. Om kort te gaan, de wol, die zijn schapen
 53  II|            honig op zijn eigen grond te produceren, liet hij bijen
 54  II|             Juli zijn zolderkamertje te huur aan, want hij heeft
 55  II|             en begint de zaak scheef te gaan, dan zijn de vrienden
 56  II|           het gesprek begon algemeen te worden. Onze gastheer leunde
 57  II|              heb ik veel eigendommen te land en ter zee; want de
 58  II|             wisten nog niet, wat dit te betekenen had, toen er buiten
 59  II|             rondom de tafel begonnen te lopen. Zij werden gevolgd
 60  II|             de wonde vlogen lijsters te voorschijn. Vogelvangers
 61  II|              had ingelicht, de vraag te stellen, die mij geen rust
 62  II|              meer, om niet de indruk te maken, dat ik nog nooit
 63  II|             de gasten aan het praten te brengen. Dama was de eerste,
 64  II|              zo van je bed aan tafel te gaan. Wat hebben we een
 65  II|              spreker begon vervelend te worden en Phileros riep: ,,
 66  II|              Waarover heeft hij zich te beklagen? Hij begon met
 67  II|              tanden uit een mesthoop te halen. Zo is hij langzamerhand
 68  II|            brutale mond, hij praatte te veel, 't was geen man, maar
 69  II|            gegeven. Maar iemand, die te snel vertrouwt, zal 't nooit
 70  II|             slechter. De stad gaat ,,te gronde" alsof ze een kalfsstaart
 71  II|          harten om Juppiter om regen te bidden; en dan viel de regen
 72  II|             heeft. We moeten 't niet te nauw nemen, het is overal
 73  II|          heeft 't ongeluk gehad dood te gaan. Al geeft hij er ook
 74  II|            is net zo goed als jezelf te grabbel gooien. Wat heeft
 75  II|           door de stier op de hoorns te worden genomen. Maar die
 76  II|      overhalen, om op mijn boerderij te komen en mijn huisjes te
 77  II|             te komen en mijn huisjes te bekijken. Wij zullen wel
 78  II|         bekijken. Wij zullen wel wat te bikken krijgen b.v. een
 79  II|             vinden, om onze buik mee te vullen. En mijn zoontje
 80  II|               als hij 't geluk heeft te blijven leven, dan zult
 81  II|             zit hij maar op zijn lei te kijken. 't Is een vlugge
 82  II|             plezier om met de jongen te werken heeft hij niet. Ik
 83  II|             wet: dat komt de familie te stade. In kennis van de
 84  II|             besloten hem een ambacht te laten leren; hij kan kapper
 85  II|       geleerd had, dan had hij niets te eten. Kort geleden sjouwde
 86  II|            gaan, hoeft hij zich niet te schamen. Niemand onder ons
 87  II|          tafel verbied ik niemand om te doen, wat hij niet laten
 88  II|            hem, zonder onze keuze af te wachten, het oudste varken
 89  II|           wachten, het oudste varken te slachten. Daarop vroeg hij
 90  II|             Goden hoef ik nooit wijn te kopen, maar ieder merk,
 91  II|           door aankoop in Sicilië af te ronden, om, als ik eens
 92  II|               door eigen grondgebied te kunnen varen.~ Maar vertel
 93  II|             eigen kring mijn nut mee te doen. Denk vooral niet,
 94  II|            is het geen stof, om over te debatteren, en als het niet
 95  II|            varken veel groter scheen te zijn dan het wilde, dat
 96  II|             had de ingewanden er uit te nemen, bulderde Trimalchio: ,,
 97  II|              wat peper en komijn bij te doen. Trek hem zijn kleren
 98  II|            begonnen allen Trimalchio te smeken: ,,Zoiets komt wel
 99  II|             ingewanden uit een zwijn te halen? Ik zou het hem nog
100  II|              dit wonder in de handen te klappen en wensten Gaius
101  II|                 Misschien verlang je te weten, waarom ik alleen
102  II|           raad je aan, om aan jezelf te vragen, niet meer zo lomp
103  II|            vragen, niet meer zo lomp te zijn." Eindelijk schonk
104  II|      beginnen.~ Trimalchio's lust om te dansen werd plotseling geremd
105  II|             pot met zijn tanden vast te houden. Trimalchio was de
106  II|        gekocht om een Grieks stuk op te voeren, maar ik heb ze liever
107  II|           zouden zijn een sterfgeval te betreuren, dat hun zo koud
108  II|              ingewanden uit 't zwijn te halen. Daarom keek ik de
109  II|             een of andere verrassing te brengen, vooral toen men
110  II|              toen men de slaaf begon te geselen, die de gekneusde
111  II|              plaats van purperen wol te gebruiken. Mijn vermoeden
112  II|         Trimalchio, om de knaap vrij te laten, opdat niemand zou
113  II|              zich lang met denken af te tobben, las hij de volgende
114 III|            gaat aan haar weeldezucht te loor.~ Voor úwe tongen mest
115 III| doorschijnend kleed,~ Moet zij naakt te zien zijn door een wolk
116  IV|            wijsgeren onder de duiven te schieten, toen loten in
117  IV|       Ascyltos, zonder zich aan iets te storen, met omhoog geheven
118  IV|         appel, die anderen durft uit te lachen! Zo'n dakloze, zo'
119  IV|              heeft hij voor reden om te lachen? Is hij uit kostbaarder
120  IV|           wat geld; ik geef 20 magen te eten, zonder nog van mijn
121  IV|             zonder nog van mijn hond te spreken; mijn medeslavin
122  IV|              in zulke omstandigheden te sterven, dat ik mij na mijn
123  IV|             na mijn dood niet behoef te schamen. Maar heb jij het
124  IV|              hebt, om eens achter je te kijken? Je ziet wel een
125  IV|            wie heeft mij ooit hoeven te manen? Veertig jaar heb
126  IV|            het mijn heer naar de zin te maken, een hooggeëerd en
127  IV|              wist ik mij boven water te houden. Dat is pas ware
128  IV|            als vrij man op de wereld te komen is net zo makkelijk
129  IV|              is net zo makkelijk als te zeggen: 'Kom eens hier.'
130  IV|              lange tijd had trachten te onderdrukken. Toen Ascyltos'
131  IV|            zeide: ,,Begin jij ook al te lachen, jij gekrulde ui?
132  IV|             steeds genoeg brood hoop te hebben, laat ik je uit vriendelijkheid
133  IV|              of houd op, je meerdere te hinderen, je meerdere zeg
134  IV|             met veel bombarie plegen te doen, las hij met zingende
135  IV|              smaakvolle verrassingen te bewonderen; want plotseling
136  IV|        plotseling begon de zoldering te kraken en de hele zaal dreunde.
137  IV|              geschenken in ontvangst te nemen, keek ik weer naar
138  IV|            niet, ons aan deze plicht te onttrekken.~ Toen daarop
139  IV|            een grappige geschiedenis te vertellen, dan dat men er
140  IV|             hij het volgende verhaal te vertellen: ,,Toen ik nog
141  IV|             heeft ze mij een stuiver te kort gedaan. De man van
142  IV|           vrouw nu, kwam op een keer te overlijden, ergens buiten
143  IV|             alle zeilen bij, om haar te bezoeken, want in 't ongeluk (
144  IV|           was gegaan, om oude lorren te verkopen. Ik maakte van
145  IV|              mij tot de 5de mijlpaal te vergezellen. Het was een
146  IV|          tijd, dat de hanen beginnen te kraaien, gingen we op weg;
147  IV|           zerken; ik zat een deuntje te neuriën en telde de grafstenen.
148  IV|       dichter bij, om zijn kleren op te rapen, maar ziet, die waren
149  IV|          plotseling vampiers voorbij te snorren; je zoudt gedacht
150  IV|           wij tot de vampiers, thuis te blijven gedurende de tijd,
151  IV|           herinnerd, en beval Scylax te halen ,,de beschermer van
152  IV|             het op, om Scylax nijdig te maken. Deze laatste vulde
153  IV|          bespatte. Om niet de indruk te maken, dat hij boos was
154  IV|             in een grote schaal wijn te mengen, en aan ieder der
155  IV|          gasten zaten, een dronk aan te bieden met de bepaling: ,,
156  IV|              daarom aanstalten om op te staan en mijn blote voeten
157  IV|             blote voeten op de grond te zetten. Maar Agamemnon lachte
158  IV|       dronken over zijn gebeente uit te gieten." ,,Maar, wat kregen
159  IV|              Maar, wat kregen jullie te eten?" vroeg Trimalchio. ,,
160  IV|            honing deed ik me duchtig te goed. Rondom lagen erwten
161  IV|    onvoorzichtig was geweest daarvan te proeven, moest zij zo hevig
162  IV|           was reeds op 't punt om op te staan en zou dit ook werkelijk
163  IV|            ik je eindelijk weer eens te zien?"~ Op een gegeven ogenblik
164  IV|             van het genoemde gewicht te bewijzen. Scintilla was
165  IV|            beurt aan Fortunata om ze te bekijken, en zeide: ,,Dank
166  IV|             die glazen bonen voor je te kunnen kopen. Werkelijk,
167  IV|           door hem met straatventers te laten omgaan. Daarom heeft
168  IV|              van mijn meester wat op te vrijen, zodat de baas er
169  IV|             aardewerk uit zijn kleed te voorschijn en bootste meer
170  IV|              zich riep, hem kuste en te drinken gaf met de woorden: ,,
171  IV|        doornen doorprikt om op egels te gelijken. Deze gerechten
172  IV|          willen sterven, dan daarvan te proeven. Toen namelijk,
173  IV|              met het Saturnaliafeest te Rome dergelijke pseudo-diners
174  IV|              in corpulentie hoop toe te nemen, heeft mijn kok al
175  IV|              wereld. Je behoeft maar te kikken, en hij maakt een
176  IV|              om eens aan onze wangen te proberen, hoe scherp ze
177  IV|           stem.~ Ik schaam mij haast te vertellen, wat er nu gebeurde:
178  IV|             Reeds begon Fortuna lust te krijgen om te dansen, reeds
179  IV|           Fortuna lust te krijgen om te dansen, reeds deed Scintilla,
180  IV|     Scintilla, niet meer in staat om te praten, niets dan in haar
181  IV|        Groenen", om aan tafel plaats te nemen; zeg aan je vriendin
182  IV|          eten."~ Om het in één woord te zeggen, wij werden bijna
183  IV|              toneelspeler Ephesus na te bootsen, en wilde telkens
184  IV|               aan Cario een huis, om te verhuren, de 5 procent en
185  IV|           meester voor zijn goedheid te bedanken, toen hij alle
186  IV|              aanstellen om mijn graf te bewaken, dat 't volk 't
187  IV|             volk zich aan de spijzen te goed doet. Aan mijn rechterzijde
188  IV|           zesman gekozen. Hoewel hij te Rome tot alle decuriën toegang
189  IV|           mijn tranen begonnen reeds te vloeien, maar opeens riep
190  IV|             jullie allemaal gelukkig te zien, stel ik je voor een
191  IV|              stel ik je voor een bad te gaan nemen; ik durf te wedden,
192  IV|           bad te gaan nemen; ik durf te wedden, dat 't jullie niet
193  IV|   dronkenheid, doordat ik de zwemmer te hulp wilde komen, eveneens
194  IV|             door de deur naar buiten te laten gaan, zeide deze: ,,
195  IV|            bad al een uitkomst begon te worden? Wij verzochten dus
196  IV|         portier, om ons naar het bad te brengen, en nadat wij onze
197  IV|            Giton bij de ingang begon te drogen, traden wij de badkamer
198  IV|        onuitstaanbare kletspraat aan te horen; want hij zeide, dat
199  IV|          aantal mensen om zich heen, te baden, en dat hier vroeger
200  IV|            de liedjes van Menecrates te mishandelen, zoals de mensen
201  IV|           tanden ringen van de grond te rapen of spanden zich in,
202  IV|           het hoofd zóver achterover te buigen, dat zij 't uiterste
203  IV|               t is, ik zeg 't zonder te bluffen, een degelijke jongen,
204  IV|        slachten, om hem in een ketel te laten koken. De knappe kok,
205  IV|              De knappe kok, die kort te voren uit varkensvlees vogels
206  IV|            maal verstoord; toen n.l. te midden der nieuwe slaven
207  IV|          spreekwoord ,,leer om leer" te bewijzen, Trimalchio te
208  IV|              te bewijzen, Trimalchio te beschimpen, noemde hem een
209  IV|            ogenblik, haar geluk weer te verliezen. 't Is een stuk
210  IV|            de raad, je geslacht niet te laten uitsterven." Maar
211  IV|           graven, om mij vergiffenis te vragen. En om je van nu
212  IV|               En om je van nu af aan te laten voelen, wat je jezelf
213  IV|          dood nog haar gekrakeel heb te verdragen. En verder om
214  IV|         verdragen. En verder om haar te laten zien, dat ik 't haar
215  IV|            onweer begon Habinnas hem te smeken, om niet langer boos
216  IV|          smeken, om niet langer boos te zijn. ,,Niemand van ons,"
217  IV|  beschermgeest bezwoer, om toegevend te zijn. Nu kon Trimalchio
218  IV|             je hoopt van je kapitaal te genieten, verzoek ik je,
219  IV|              heb, mij in het gezicht te spuwen. Ik heb 't knaapje
220  IV|            nu niet een jongen om mee te dwepen? Maar Fortunata verbiedt
221  IV|           eens goed over je geluk na te denken, en niet te maken,
222  IV|          geluk na te denken, en niet te maken, dat ik mijn tanden
223  IV|               mij iedere dag aan hem te meten, en, om spoedig een
224  IV|             en, om spoedig een baard te krijgen, smeerde ik mijn
225  IV|               t Is toch geen schande te doen, wat de patroon beveelt.
226  IV|              had mijn meester, om zo te zeggen, in mijn zak. In
227  IV|              en ik had zin om handel te drijven. Om kort te gaan,
228  IV|           handel te drijven. Om kort te gaan, ik rustte vijf schepen
229  IV|     lastdieren, om ze weer met winst te verkopen: alles wat ik maar
230  IV|              om in de raad der Goden te zitten, mij over, om in
231  IV|            mij over, om in de handel te blijven. Die man vertelde
232  IV|              uiteen; hij keek, om zo te zeggen, door mij heen; het
233  IV|           jaar, 4 maanden en 2 dagen te leven had. Bovendien zou
234  IV|          mijn bezittingen met Apulië te verbinden, dan heb ik het
235  IV|         bijlen een ontzettend lawaai te maken, zoals dat bij hun
Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (VA2) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2010. Content in this page is licensed under a Creative Commons License