Part

  1 Inl|           Petronius wachtte echter niet, totdat het bericht van
  2 Inl|         nagelaten, die ik de lezer niet mag onthouden:~ ,,C. Petronius
  3 Inl|        naam gemaakt; toch werd hij niet als een slemper of een verkwister
  4   I|         ons toe en zeide: ,,Weet u niet, bij wie er vandaag wat
  5   I|        beoefende. Het waren echter niet zozeer de knapen, hoewel
  6   I|          grond, dan raapte hij die niet meer op, maar een slaaf
  7   I|            andere telde de ballen, niet die, welke bij het kaatsen
  8   I|           zich reeds droogwrijven, niet met gewoon linnen, maar
  9   I|          want links van de ingang, niet ver van 't kamertje van
 10   I|       schrik bekomen was, hield ik niet op, vóór ik de hele muur
 11   I|           gestraft zou worden, was niet groot, zei hij; want in
 12   I|         trotse blik op en sprak: ,,Niet zozeer het verlies ergert
 13   I|        onaangename werk zwegen zij niet, maar zongen er voortdurend
 14   I|            een slaaf mij onder een niet minder snerpend gezang,
 15   I|         komen, vrienden, maar om u niet te lang te laten wachten,
 16   I|            kreeg nu een lepel, die niet minder dan een half pond
 17   I|            handen, want water werd niet aangeboden. Toen wij de
 18   I|           lang zulk een goede wijn niet, en toch had ik toen veel
 19  II|            volgde een gerecht, dat niet aan onze verwachting beantwoordde;
 20  II|   baarmoeder van een zeug, die nog niet geworpen heeft, op de weegschaal
 21  II|       silphiumverkoper''. Toen wij niet veel lust hadden om met
 22  II|        over deze goed gelukte grap niet minder in zijn schik dan
 23  II|      verband stond en schaamde mij niet, mijn buurman daar eens
 24  II|           t geloven. Hij zelf weet niet, hoeveel geld hij heeft:
 25  II|            is overal, waar je haar niet zou zoeken. Zij drinkt niet,
 26  II|        niet zou zoeken. Zij drinkt niet, is matig en niet dom, maar
 27  II|           drinkt niet, is matig en niet dom, maar ze heeft een kwade
 28  II|           t land heeft, die mag ze niet lijden. Haar man heeft landerijen,
 29  II|           te drijven. En denk maar niet, dat hij ooit ergens iets
 30  II|           hem verschaffen, was hem niet goed genoeg: welnu, hij
 31  II|           heeft er geen enkel, dat niet van een wilde ezel afstamt.
 32  II|       kussens; er is geen een, dat niet met purperen of scharlaken
 33  II|           begeert. Maar zie vooral niet neer op zijn medevrijgelatenen.
 34  II|      niemendal begonnen. 't Is nog niet lang geleden, dat hij met
 35  II|         mensen zeggen - ik weet 't niet, ik heb 't maar van horen
 36  II|        ligt, hoeveel heeft die wel niet gehad! Ik verwijt 't hem
 37  II|           gehad! Ik verwijt 't hem niet. Hij heeft eenmaal een millioen
 38  II|           hij zwak. Ik geloof, dat niet ieder haar van zijn hoofd
 39  II|       Hercules, dat is zijn schuld niet; hij is de beste kerel van
 40  II|           kelder heeft. Hij leefde niet als een mens, maar als een
 41  II|           niets laten zien, dat ik niet ken, zoals dat laatste gerecht
 42  II|            behoort. Wij wisten nog niet, wat dit te betekenen had,
 43  II|           t aansnijden van de ever niet Deelman, die de vogels had
 44  II|         geen enkele vraag meer, om niet de indruk te maken, dat
 45  II|            gehad! 't Bad heeft mij niet warm gemaakt. Maar een warme
 46  II|          in het gesprek: ,,Ik neem niet iedere dag een bad. Het
 47  II|           heb, dan kan de koude me niet bommen. Vandaag kon ik echter
 48  II|      bommen. Vandaag kon ik echter niet in het bad gaan, want ik
 49  II|      alleen zijn vrouw die treurde niet erg om hem. Wat zou ze wel
 50  II|        gedaan hebben, als hij haar niet zo goed behandeld had. Maar
 51  II|          nooit ver brengen, vooral niet als hij een handelsman is.
 52  II|          krijgt die geniet er van, niet degeen voor wie 't bestemd
 53  II|          thuis. En ik neem het hem niet kwalijk; hij heeft tenminste
 54  II|            leven; wanneer 't brood niet van prima kwaliteit was,
 55  II|        stuk de waarheid; hij sprak niet in bloemrijke stijl, maar
 56  II| trompetgeluid. En hij kreeg het er niet warm van, en hij spuwde
 57  II|            warm van, en hij spuwde niet onder 't spreken, net zo
 58  II|           dat kon je met je tweeën niet opkrijgen. Maar nu zijn
 59  II|         zoveel schik in zijn leven niet hebben, maar thuis zijn
 60  II|            hemel, (want als 't dan niet regende, dan regende het
 61  II|         zeg 't je: de goden willen niet naar ons luisteren, omdat
 62  II|           ons luisteren, omdat wij niet vroom meer zijn. De velden
 63  II|         Spreek, als 't je belieft, niet zo somber," zei Echion,
 64  II|          verloren had. Wat vandaag niet gebeurt, lukt morgen: zo
 65  II|          er slecht mee, maar 't is niet de enige stad, die 't moeilijk
 66  II|       moeilijk heeft. We moeten 't niet te nauw nemen, het is overal
 67  II|           hem heel goed; hij houdt niet van halve maatregelen. Hij
 68  II|             daar zal zijn vermogen niet minder van worden, en zijn
 69  II|         genomen. Maar die z'n ezel niet kan slaan, slaat 't zadel.
 70  II|         Norbanus liet doden, waren niet veel groter, dan de figuurtjes,
 71  II|       tweegevecht gedood werd, was niet veel meer dan een lijk,
 72  II|         jongen te werken heeft hij niet. Ik heb nog een onderwijzer
 73  II|            heb nog een onderwijzer niet bijzonder knap, maar iemand,
 74  II|         poos sprak hij: ,,Neemt me niet kwalijk vrienden; al verscheidene
 75  II|    verscheidene dagen is mijn buik niet in orde. Ook de dokters
 76  II|         orde. Ook de dokters weten niet, wat ze er aan moeten doen.
 77  II|          wilt gaan, hoeft hij zich niet te schamen. Niemand onder
 78  II|         ons is van hout. Ik geloof niet, dat er een groter kwelling
 79  II|            enige dat zelfs Jupiter niet kan verbieden. Jij lacht
 80  II|        niemand om te doen, wat hij niet laten kan, en dokters keuren
 81  II|           gestorven zijn, omdat ze niet ronduit voor de waarheid
 82  II|            wijn. Wij wisten echter niet, dat wij nog lang niet,
 83  II|      echter niet, dat wij nog lang niet, zoals men zegt, de hoogste
 84  II|          zei: ,,Als de wijn jullie niet bevalt, dan zal ik andere
 85  II|           landgoederen, dat ik nog niet ken. Het moet aan mijn bezittingen
 86  II|           mee te doen. Denk vooral niet, dat ik voor de studie mijn
 87  II|          te debatteren, en als het niet gebeurd is, dan is het helemaal
 88  II|         wil sterven."~ Hij had nog niet al zijn geleerdheid uitgekraamd,
 89  II|        zwoeren, dat zelfs een haan niet zo snel had kunnen gebraden
 90  II|         Wat! Zijn de ingewanden er niet uitgenomen? Warempel niet,
 91  II|          niet uitgenomen? Warempel niet, bij Hercules! Roep gauw
 92  II|            onbarmhartig en kon mij niet inhouden maar fluisterde
 93  II|          halen? Ik zou het hem nog niet vergeven, als hij er bij
 94  II|             als hij er bij een vis niet om gedacht had." Maar Trimalchio
 95  II|           Maar Trimalchio deed dit niet, en zeide, toen zijn gelaat
 96  II|          open; en ziet, het duurde niet lang, of uit de openingen,
 97  II|           Gaius geluk. De kok werd niet alleen met een dronk geëerd,
 98  II|          komt? Maar jullie moet me niet voor zo onnozel houden,
 99  II|           vis. Jullie zult het mij niet kwalijk nemen, als ik 't
100  II|            in ieder geval riekt 't niet zo lelijk. Ja, als het niet
101  II|        niet zo lelijk. Ja, als het niet zo breekbaar was, dan had
102  II|           om aan jezelf te vragen, niet meer zo lomp te zijn." Eindelijk
103  II|            zijn, als Fortumata hem niet iets in 't oor gefluisterd
104  II|          dat dergelijke dwaasheden niet met zijn waardigheid overeenkwamen.
105  II|    secretaris; ,,daarom is het nog niet geboekt." Nu werd Trimalchio
106  II|            waar ook, en ik heb dat niet binnen een half jaar vernomen,
107  II|          jaar vernomen, dan wil ik niet, dat het mij in rekening
108  II|            van angst, en de gasten niet minder, niet om die pummel
109  II|          en de gasten niet minder, niet om die pummel van een gastheer,
110  II|          gevalletje met de kok nog niet vergeten, die verzuimd had
111  II|          rond, of de wand zich nog niet opende, om een of andere
112  II|      gebruiken. Mijn vermoeden was niet zo ver mis: want in plaats
113  II|         wij mogen deze gebeurtenis niet zonder een toepasselijk
114 III|                            Wat men niet heeft verwacht ziet men
115  IV|           hoewel ik de geneesheren niet kan uitstaan, omdat ze mij
116  IV|          kunnen pronken. En is dat niet schandelijk? Een mens eet
117  IV|    verfijnde luxe van mijn meester niet in je smaak? Je bent natuurlijk
118  IV|           zo'n nachtwandelaar, nog niet zoveel waard als zijn eigen
119  IV|         kringetje waterde, zou hij niet weten waarheen hij moest
120  IV|            moest vluchten. Ik word niet gauw kwaad, maar als het
121  IV|            geeft tot spot.~ Ik ben niet minder waard dan andere
122  IV|            dat ik mij na mijn dood niet behoef te schamen. Maar
123  IV|          luisje bij een ander maar niet de schapenluis bij jezelf.
124  IV|          je bent nog slapper, maar niet beter . Ben je rijker dan
125  IV|          kwam; de basilica was nog niet gebouwd. Ik heb gedaan,
126  IV|             jij en die man, die je niet onder de duim houdt.~ Zo
127  IV|      plezier, maar die lui, die je niet onder de duim houden, zijn
128  IV|            knecht. Ik kan me haast niet inhouden, en toch ben ik
129  IV|       stilstaan, als ik je meester niet klein krijg, en jou zal
130  IV|           krijg, en jou zal ik ook niet sparen, al schreeuw je zo
131  IV|            nemen; òf ik ken mezelf niet òf je zult me voortaan niet
132  IV|        niet òf je zult me voortaan niet meer uitlachen, al had je
133  IV|          beweegt zich en komt toch niet van zijn plaats, welk deel
134  IV|          van je aantrekt, alsof je niet geboren was. Denk je misschien,
135  IV|          Dan regelrecht naar huis; niet overal rondgluren, past
136  IV|          op,dat je de grote mensen niet bespot." Maar nu zijn 't
137  IV|       kukeleku, en verstand had je niet. Laat ons daarom, wat veel
138  IV|      verbaasde gasten.~ Wij hadden niet lang de tijd om deze smaakvolle
139  IV|         Ook de overige gasten, die niet minder verwonderd waren
140  IV|          dat ik Giton's kleedplooi niet genoeg met geschenken kon
141  IV|    eerbiedig kuste, waagden wij 't niet, ons aan deze plicht te
142  IV|           maaltijd dan nu; ik weet niet waarom je zo stil bent en
143  IV|           neus voorbijgaan, als ik niet reeds lang van vreugde zwel,
144  IV|             Maar ik hield van haar niet om haar schoonheid, of uit
145  IV|    plotseling in een wolf. Je moet niet denken, dat ik gekheid verkoop;
146  IV|            gekheid verkoop; ik zou niet liegen, al kon ik er een
147  IV|          het bos in. Eerst wist ik niet, waar ik was; toen kwam
148  IV|          van een dode, ik kon maar niet tot mijzelf komen. Melissa
149  IV|          een gezucht, maar (ik wil niet liegen) de vampiers zelf
150  IV|            vampiers zelf zagen wij niet. Toen de stumper terug was,
151  IV|         eens, Plocamus, vertel jij niet eens wat?Amuseer jij ons
152  IV|           eens wat?Amuseer jij ons niet eens? Anders was je altijd
153  IV|       stukken. En de storing bleef niet bij deze vechtpartij, maar
154  IV|          kokende olie bespatte. Om niet de indruk te maken, dat
155  IV|    bepaling: ,,Wanneer een van hen niet wil drinken, giet hem dan
156  IV|            lekkernijen, waaraan ik niet dan met walging terugdenk,
157  IV|          eens, waarom is Fortunata niet aan tafel?" ,,Ken je haar
158  IV|            Als zij het tafelzilver niet opgeborgen heeft, en de
159  IV|   opgeborgen heeft, en de kliekjes niet onder de slaven heeft verdeeld,
160  IV|            zei Habinnas, ,,als zij niet aan tafel komt, ga ik er
161  IV|       gedaan hebben, als Fortunata niet op een gegeven teken, door
162  IV|            liet hij, opdat men hem niet voor een opsnijder zou houden,
163  IV|            heeft hij zijns gelijke niet in het imiteren van muilezeldrijvers
164  IV|           twee fouten; had hij die niet, dan was hij volmaakt: hij
165  IV|       scheel kijkt, vind ik zo erg niet; Venus kijkt net zo. Daarom
166  IV|        woorden: ,,Je hebt nog lang niet al de kunsten van die deugniet
167  IV|            bezorgen. Maar jij moet niet jaloers zijn, Scintilla.
168  IV|        einde zijn gekomen, als men niet het laatste gerecht had
169  IV|           nog mee door gekund, als niet een veel wonderlijker schotel
170  IV|       wendde, zei ik: ,,Ik zou mij niet verwonderen, als dat alles
171  IV|           als ik in kapitaal, maar niet in corpulentie hoop toe
172  IV|        wilde bij deze verrassingen niet achterblijven; daarom bood
173  IV|      dansen, reeds deed Scintilla, niet meer in staat om te praten,
174  IV|          saus, die hij uitwasemde. Niet tevreden dat hij aan tafel
175  IV|            huis mooi inricht, maar niet zorgt voor de woning, waarin
176  IV|         hebben: ,,Dit monument kan niet 't eigendom van mijn erfgenamen
177  IV|        zorgen, dat ik na mijn dood niet beledigd word. Ik zal n.l.
178  IV|            bewaken, dat 't volk 't niet komt bevuilen. Ook wil ik,
179  IV|         gesloten, opdat de wijn er niet uit kan vloeien. Ook mag
180  IV|          naam leest, of hij wil of niet. Wat het grafgeschrift betreft,
181  IV|       kunnen hebben, heeft hij dit niet gewild. Hij was vroom, dapper
182  IV|      moeten, waarom zullen wij dan niet van het leven genieten?
183  IV|           te wedden, dat 't jullie niet zal spijten. Het is zo warm
184  IV|              Deze trompetter heeft niet zonder reden het signaal
185  IV|            jullie? Hebt jullie nog niet gegeten? Gaat weg, dan kunnen
186  IV|         der nieuwe slaven een lang niet onaardig slaafje binnenkwam,
187  IV|      ploert, omdat hij zijn lusten niet kon bedwingen, en voegde
188  IV|         bordeel geboren is, droomt niet van een paleis. Zowaar als
189  IV|           trouwen! Je weet, dat ik niet lieg. Agatho, die de dame
190  IV|            je de raad, je geslacht niet te laten uitsterven." Maar
191  IV|           lobbes die ik ben, wilde niet wispelturig schijnen en
192  IV|           ik dit: Habinnas, ik wil niet, dat je haar beeld op mijn
193  IV|     grafmonument plaatst, opdat ik niet na mijn dood nog haar gekrakeel
194  IV|         betaald kan zetten, wil ik niet, dat ze mij een kus geeft,
195  IV|         Habinnas hem te smeken, om niet langer boos te zijn. ,,Niemand
196  IV|         kon Trimalchio zijn tranen niet langer bedwingen, en zeide: ,,
197  IV|          spuwen. Ik heb 't knaapje niet om zijn schoonheid gekust,
198  IV|          en twee bekers. Is dat nu niet een jongen om mee te dwepen?
199  IV|          je geluk na te denken, en niet te maken, dat ik mijn tanden
200  IV|           dat je binnen een minuut niet weet, waar je blijft. Maar,
201  IV|            Klein-Azië kwam, was ik niet groter dan die candelaber
202  IV|        zwijg er over, want ik houd niet van opsnijden. Daarop werd
203  IV|            dingen, die ik mij zelf niet meer herinnerde; hij zette
204  IV|       samengewoond had. Was jij er niet bij, Habinnas, toen hij
205  IV|            goot opgehaald, je bent niet gelukkig in de keuze van
206  IV|            wat ik jullie eigenlijk niet moest meedelen, hij voorspelde
207  IV|           stuiver, dan geld je ook niet meer dan een stuiver; heb
208  IV|        worden."~ Stichus treuzelde niet lang en bracht onmiddellijk
Best viewed with any browser at 800x600 or 768x1024 on Tablet PC
IntraText® (VA2) - Some rights reserved by EuloTech SRL - 1996-2010. Content in this page is licensed under a Creative Commons License